Digitale zelfetalering

Alles is openbaar, dat is de onmiskenbare boodschap van het afgelopen decennium. „Als je een huis koopt en je krijgt een theelepeltje als sleutel, kijk je raar op. Maar als er digitaal iets dergelijks gebeurt, heeft niemand het in de gaten.” Dat zei ‘ethisch hacker’ Jeroen van Beek onlangs in de VPRO Gids. Bedrijven betalen hem om hun elektronische beveiliging te kraken. „Het zou mooi zijn als mensen de vragen die ze in de normale wereld stellen, ook in de digitale wereld stellen”, vervolgde hij.

Onder de noemer What they know publiceert de Wall Street Journal onderzoeken die aantonen dat vrijwel alles wat we online doen wordt geregistreerd en verhandeld. Van de vijftig populairste Amerikaanse websites zijn de meeste voorzien van tientallen en sommige van honderden ‘tracking files’: software die vanuit jouw computer doorgeeft wat je interesses en behoeftes zijn. Voor de gegevens wordt veel geld betaald door marketeers en adverteerders. Met deze ‘tracking technologie’ worden ook je handelingen op de smartphone vastgelegd. Bij 56 van de 101 door de WSJ onderzochte apps voor iPhone en Android werd software aangetroffen die ongevraagd persoonlijke informatie stuurt naar bedrijven die data verzamelen en verkopen.

De gelegenheid maakt de dief. Want zo groot als de nonchalance is van websites die elektronische spionage toestaan, zo groot is de argeloosheid waarmee mensen vrijwillig hun persoonlijke leven publiek maken. Daaruit slaan netwerksites als Facebook uiteraard ook een slaatje. „Ik verbaas me over de klacht dat Facebook onvoorzichtig omspringt met de privacy van zijn gebruikers”, zegt socioloog Richard Sennett in het kerstnummer van De Groene Amsterdammer. „Het hele medium wordt bij uitstek gebruikt om de grens tussen privé en openbaar te vervagen.” Hij acht deze ‘digitale zelfetalering’ een indicator van de povere kwaliteit van ons bestaan. „Daarbij worden alle ambiguïteiten van een persoon zorgvuldig vermeden.” Onze obsessie voor ‘private beslommeringen’ – in de media zowel als in de politiek – staat volgens Sennett het debat over gezamenlijke belangen in de weg.

Zal de argeloosheid over dit mengsel van digitaal egocentrisme en stiekeme commercie het komende decennium verminderen?

tom rooduijn