Prachtige plaatjes

Prins Willem-Alexander wordt aan de finish van de Elfstedentocht in 1986 door zijn moeder verwelkomd. Hij reed mee onder de schuilnaam W.A. van Buren. Foto Gerard Wessel / HH Nederland, Friesland, 1986 Prins Willem Alexander wordt door koningin Beatrix gefeliciteerd na het rijden van de Elfstedentocht. Hij schreef zich in onder de naam W.A. van Buren. Sport. Schaatsen. Foto: Gerard Wessel/Hollandse Hoogte voormalig id: 80105
Prins Willem-Alexander wordt aan de finish van de Elfstedentocht in 1986 door zijn moeder verwelkomd. Hij reed mee onder de schuilnaam W.A. van Buren. Foto Gerard Wessel / HH Nederland, Friesland, 1986 Prins Willem Alexander wordt door koningin Beatrix gefeliciteerd na het rijden van de Elfstedentocht. Hij schreef zich in onder de naam W.A. van Buren. Sport. Schaatsen. Foto: Gerard Wessel/Hollandse Hoogte voormalig id: 80105 Gerard Wessel;Hollandse Hoogte

In deze steeds comfortabeler wordende tijd is het niet alleen mogelijk in je laptop het nationale weerbericht op te zoeken. Je kunt ook je postcode intikken en dan zie je wat voor weer je vanmiddag en morgen voor je eigen deur hebt. Bij mij wordt nu, op 22 december om 11.55 voorspeld dat het om drie uur licht zal gaan sneeuwen en om tien uur houdt het weer op. We zullen zien. Op de televisie hebben we de vijfdaagse verwachtingen. Radar, aardsatellieten, weerballonnen stellen de mens in staat wetenschappelijk in de toekomst te kijken. Animaties laten je zien welke hoge of lage druk er in aantocht is. Ik heb respect voor de wetenschap. Maar klopt het? Bij mijn weten wordt er nog niet aan openbare weerberichtverificatie gedaan. Terwijl ik dit schrijf, houden de deskundigen het voor onwaarschijnlijk dat nog dit jaar een Elfstedentocht zal worden gehouden. Maar intussen treft de betrokken vereniging alle voorbereidingen. Je kunt het nooit weten. Dat is de laatste wijsheid van ieder weerbericht. Ik neem het de meteorologen niet kwalijk dat ze dit er niet bij vertellen.

Voor al deze onzekerheid heeft de televisie een compensatie. Lang geleden ontdekt door Jeroen Pauw toen hij bij RTL4 nieuwslezer was. „En nu gaat John Bernard ons vertellen wat voor weer het vandaag geweest is”, zei hij. En daar kwam deze aardige weerman ons vertellen dat het de hele dag pijpenstelen had geregend. Om ons te overtuigen, liet hij een paar foto’s zien die door de kijkers zelf waren gemaakt. De digitale beschaving stond nog in de kinderschoenen, maar de voorhoede had al van die camera’s. Zo is het begonnen. Verreweg de beste in dit opzicht vind ik nu de meteoroloog Peter Timofeeff die ook regelmatig het weerbericht van RTL4 doet. Hij laat niet alleen veel foto’s van kijkers zien, hij vertelt ook wat erop staat en verzekert dat het ‘prachtige plaatjes’ zijn. Vooral als het sneeuwt, is hij op dreef, wat misschien met zijn Russische afkomst te maken heeft. Eindelijk is hij klaar; het NOS Journaal is al ruimschoots begonnen. Over het weer dat je achter de rug hebt, hoef je dan in ieder geval geen seconde meer na te denken.

Nu de Elfstedentocht. Door dit nationale evenement hebben veel Nederlanders, onder wie onze kroonprins, zich de onvergetelijkheid ingeschaatst. Net als bij de Europese en de Wereldkampioenschappen voetbal, raakt het volk in een curieuze opwinding. Bij de tocht is het een vechten tegen de barre kou, nog mooier wordt het als een sneeuwjacht de schaatsers teistert, sommigen dreigen te bezwijken, de verslaggevers doen er alles aan om de spanning tot het ondragelijke op te voeren, enzovoort. Let op mijn woorden als het zover komt. Gaat de tocht door, dan wordt die nog onvergetelijker dan alle vorige.

Vroeger hadden de Rotterdammers hun eigen uitputtende schaatstocht: naar Gouda, om daar stroopwafels en pijpen te kopen. Een Goudse pijp is van gebakken klei, heeft een lange, dunne, licht gebogen steel of een steel die kunstig tot een soort cirkel is gedraaid. In Gouda stonden kraampjes op het ijs waar je die breekbare dingen kon kopen. Dan terug naar Rotterdam. Had je je pijpen ongeschonden naar je punt van vertrek gebracht, dan was daarmee bewezen dat je niet was gevallen en dus goed kon schaatsen.

Het was in de winter van 1939, de sloten waren bevroren, ik was elf jaar en ik besloot naar Gouda te schaatsen. Mijn vader en moeder vonden het goed, ik liep naar de Ringvaart bij het einde van het Laantje van Nooitgedacht, bond de schaatsen onder en ik ging op weg. Schaatsen is een eentonig werk, net als zwemmen en hardlopen. Ik begon me onderweg te vervelen, maar als je eenmaal begonnen bent, moet je verder. Zo gaat het. En dus bereikte ik Gouda, kocht mijn stroopwafels, liet een lange pijp op mijn trui naaien en een krom pijpje op mijn ijsmuts en begon aan de weg terug. Onderweg viel ik. Lange pijp kapot, maar geen nood, de kromme was onbeschadigd gebleven. Zonder verdere ongelukken bereikte ik het punt van vertrek.

Van al dat geschaats had ik het warm gekregen. Rukte mijn muts van mijn hoofd en liet hem op het ijs vallen. Tak. Het Goudse pijpje was gebroken. Veertig kilometer voor niets geschaatst. Wat te doen? Ik heb de stukken in mijn zak gestoken, als bewijs dat ik in Gouda was geweest. Niemand heeft me er ooit naar gevraagd. Die bewijsstukken zijn in de loop der jaren verloren gegaan.

Intussen is het avond geworden. Precies tien uur. Nog steeds geen spoor van sneeuw.