Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Economie

'Ik redde mijn eigen leven'

Jasper Schuringa overmeesterde een terrorist en werd verzwolgen door de media

This image made available by the Italian Premier's office shows Italian Premier Silvio Berlusconi after he was punched in the face at the end of a rally in Milan, Italy on Sunday Dec. 13, 2009 by a man holding a small statue in his hand, leaving the 73-year-old media mogul with a bloodied mouth and looking stunned. (AP Photo/ Livio Anticoli/Italian Premier's Office, ho)
This image made available by the Italian Premier's office shows Italian Premier Silvio Berlusconi after he was punched in the face at the end of a rally in Milan, Italy on Sunday Dec. 13, 2009 by a man holding a small statue in his hand, leaving the 73-year-old media mogul with a bloodied mouth and looking stunned. (AP Photo/ Livio Anticoli/Italian Premier's Office, ho) AP

‘Ik zit in die vlucht 253 naar Detroit, stoel 20J. Prima, ik kijk twee filmpjes, slapen, niks aan de hand. Wordt wakker en zie dat mijn buurvrouw een jasje aan heeft met pilotenstrepen. We praten even, het ontbijt komt, op het scherm zie ik dat we de grens met Canada passeren. Toen begon het vliegtuig te dalen en hoorde ik een onwijs scherpe knal. Je schrikt je echt he-le-maal het apelazer. Fuck! Wat is dit, weet je!”

Hoe vaak moet Jasper Schuringa (33) dit verhaal al verteld hebben? Toch klinkt hij nog steeds enthousiast, zijn woorden buitelen staccato over elkaar heen. Een jaar geleden was hij plots wereldnieuws. De ‘Flying Dutchman’ die op eerste Kerstdag de Nigeriaanse zelfmoordterrorist Umar Farouk Abdulmutallab overmeesterde, terwijl die op stoel 19A tachtig gram PETN tot explosie wilde brengen. Ook wel de ‘onderbroekterrorist’ genaamd, want in zijn onderbroek zat zijn bom verborgen. Terwijl bemanning en passagiers verstijfd toekeken hoe de stoel in brand vloog, sprong Schuringa naar de overkant, trok de bom uit Umars broek, nam hem in een wurggreep en probeerde het vuur uit te slaan.

‘Water’, riep Schuringa. „Kwamen ze met zo’n halfvol theekannetje dat ik er zelf over moest gooien. Pff, zo’n wolkje stoom. Heel deprimerend.” Even later produceerde het personeel een brandblusser. „De vlammen sloegen al langs de zijkant van de cabine.” Schuringa sleurde Umar met een steward naar de eerste klas, rukte hem de kleren van het lijf. „Gaven ze me van die plastic handboeien. Ik wist niet hoe die werkten, later begreep ik dat ze me voor een Air Marshal aanzagen.”

Het vliegtuig was al bijna geland, uit het raam zag hij op de landingsbaan de zwaailichten van ambulances en brandweerauto’s. „Toen dacht ik: we gaan het overleven! Daarvoor was ik er zeker van dat we de pijp uitgingen. Ik keek naar hem: wat was jouw idee? Al die mensen, die kinderen, zomaar even opblazen? Je bent niet goed bij je kop. Dus ik geef hem een mep, een bitch slap. De mensen schrikken onwijs: slaat die Air Marshal zomaar een passagier? Zelfs tot de stewardessen was het nog steeds niet doorgedrongen dat het een terreuraanslag was. Want zoiets kan jou toch niet gebeuren?”

Posttraumatische stress hield Schuringa daar niet aan over. Wel een beetje aan de wereldpers die hem belegerde op zijn vakantiebestemming in Miami. Goedschiks of kwaadschiks, Schuringa moest voor de camera. „Stonden ze te schreeuwen: hem wel een interview geven en ons niet? I’m going to sue you.” Daarmee dreigde ook het NOS Journaal. „Die gedroegen zich echt ziek. Ik stond ze telefonisch te woord, daarna moest er een cameraploeg naar Miami. Ik was helemaal gaar en wilde dat niet. Zeggen ze: ‘We hebben een afspraak, we gaan je aanklagen.’”

Jasper Schuringa noemt zichzelf een ‘typisch Shell-kindje’. Geboren onder de rook van de olieraffinaderij op Curaçao en vervolgens naar elders: Gabon („middenin het oerwoud, met gorilla’s en een gat in de grond”), Oman, weer Gabon („het vreemdelingenlegioen evacueerde ons tijdens politieke onrust”). Daarna basisschool en een internaat in Nederland, tot zijn vader ontslag nam bij Shell en het gezin naar Curaçao terugkeerde. Na in Amsterdam een blauwe maandag fysiotherapie en psychologie te hebben gestudeerd, werd hij aangenomen bij de Filmacademie. Als producer, niet als regisseur. Verhuisde naar Miami, waar hij wel regie kon studeren. In 2003 weer terug naar Amsterdam. („Na 9/11 zakte de business in elkaar”). Een baantje als cameraman bij SBS6’ Hart van Nederland, een jaar later met een collega een videobedrijf begonnen, Go With The Flow Productions.

Daar spreken we Jasper Schuringa: een gezellig rommelige verdieping in een verzamelgebouw te Amsterdam-Zuid. Een pingpongtafel, restanten van opnames, een kerststol van een meter lang. Tegen de muur staat een kleine gedenktafel voor zijn heldendaad, met oorkondes en een knipselmap. Een bewonderaar schilderde Jasper met zijn verbrande hand in het verband. En de Aviation Award 2010: een van zijn meest gênante momenten. „Ik deelde die prijs met Joe Sutter, de vader van de Boeing 747. Die man is wereldgeschiedenis, en daar sta ik dan naast als lulletje rozenwater.”

290 passagiers het leven redden is ook niet niks

„Ik zie mezelf echt niet als een held, dat meen ik. Een held offert zich op om anderen te redden, ik redde mijn eigen leven. Ik was gewoon het snelste, op het juiste moment en de juiste tijd, maar zonder mij had iemand anders wel ingegrepen.”

In gevaar verstijven de meeste mensen, een minderheid raakt in paniek of gaat in de aanval. Was u eerder in zulke situaties?

„Ik wil altijd controle hebben. Als een vliegtuig neerstort, wil ik in de cockpit zitten om het te zien. In eerdere situaties reageerde ik ook goed. In Amerika kwamen we met een boot tussen een tornado en een rif terecht. Op het rif gingen wij zeker dood. De tornado oogde gevaarlijker, maar was veiliger. Ik stuurde de boot de storm in. Bij gevaar word ik rustig. Toen ik met Umar en het vuur bezig was, controleerde ik uit mijn ooghoek nog of hij geen medeplichtigen had.”

In Nederland had u een beroerde periode achter de rug. Was dat van invloed?

„Ik had het helemaal gehad. Bij een inbraak waren al mijn laptops met back-ups meegenomen: een ramp. Daarna stierf mijn papagaai Bucca. Een heel lief beestje. Ik had hem op straat gevonden, hij fladderde hier altijd rond. Na de inbraak ging ik in een weekendhuisje zitten, Bucca was die nieuwe omgeving niet gewend en wilde dicht bij me slapen. Dus kroop hij ’s nachts tegen me aan, kwam onder het kussen terecht en stikte.

„Een ander ding: toen ik uit Miami vertrok, ging het uit met een vriendinnetje van wie ik heel veel hield. Dat heb ik nooit verwerkt. Ik meed Miami omdat ik bang was dat die gevoelens terugkwamen. Maar nu moest en zou ik terug, ik had er toch zes jaar gewoond. En naar mijn zus in Costa Rica, waar ik vijf jaar niet geweest was. Toen die vent het toestel wilde opblazen, schreeuwde ik ook: ‘this is not gonna fucking happen. Jij gaat kappen, genoeg!’

„Op weg naar Schiphol grapte ik al tegen een vriend: na al die ellende zal je ook nog zien dat er een terrorist aan boord is. Eerste Kerstdag, een mooie dag voor een aanslag. En toen zag ik dat het een transitvlucht uit Nigeria was. Ik weet, het zijn vooroordelen. Maar als je mag kiezen, heb je liever een transit uit Stockholm.”

De vakantie in Miami werd niet wat u ervan verwachtte.

„De FBI in Detroit liet me na vijf uur ondervraging gaan, het nieuws begon toen al te lekken. Ik hoorde al: ‘Hé, ben jij Jasper Schuringa? Goed gedaan man!’ Ik had van een bagageman afgetrapte schoenen gekregen, een golfbroek die ik met een hand moest vasthouden en een oversized trui. Mijn hand zat in het verband. In Miami zei de vriendin die me kwam ophalen: ‘Wat is er gebeurd?’ ‘Don’t ask’, zei ik. Die avond hebben we gewoon gebarbecued.”

En toen kwamen de satellietwagens en camera’s?

„De bom die wel ontplofte, was de mediabom. Als die sneeuwbal gaat rollen, wow! Dat je de straat op loopt en bij die nieuwsstand overal je eigen kop ziet: surrealistisch. CNN belde, die had me meteen al opgespoord. Ze zeiden: ‘Straks spoelt de wereld over je heen. Geef ons dat interview nou maar, dan kunnen kleinere zenders dat van ons overnemen.’

Het werd een heel raar interview, ik leek er totaal niet bij. We wisten toen nog steeds niet veel. Ik ga zitten, oortjes in, camera op je gericht. Zie ik een tv op de achtergrond: al-Qaeda, opgeleid in Jemen, bomexperts. Ik dacht dat het zo’n idioot was met een zelfgemaakt bommetje.

„Goed, 1,2,3: on air. Het meisje dat bij me was, had haar vader aan de telefoon. Die riep: ‘Jasper moet niet met zijn gezicht op tv, dan nemen ze wraak.’ Zij stond te gebaren en te huilen: stoppen! Ik dacht: ik moet hier weg. En intussen die muts van CNN: ‘How do you pronounce Schuringa?’

Was u bang voor wraakacties?

„Ja. Zeker toen ze me als het zwaard en schild tegen al-Qaeda afschilderden. ‘Jasper got your back.’ Dan hoeft er maar één idioot te schieten om te zeggen: ‘who’s got your back now?’ De FBI was ermee bezig, in Nederland ben ik een tijd beschermd door de NCTB.”

Hielp die uitzending op CNN?

„Nee, het werd erger. Nu zat de hele wereld achter me aan. Zo’n batterij wagens voor het huis en voor het restaurant van mijn vriend. Een belegering, ik werd paranoïde. Om de paar minuten ging er een telefoon. Ik durfde niet op te nemen, rende het balkon op als er een overging. En daar stonden dan weer al die camera’s op me gericht. Een biefstuk in een arena vol leeuwen. Trekken ze dat valhek open en stormen al die leeuwen op je af. Na een week deed ik een interview met ABC op voorwaarde dat ze me op een geheime vlucht naar Costa Rica zouden zetten. Een secret flylist. Daar werd het rustig.”

Op internet speculeerde men dat u zo vreemd deed bij CNN omdat u niet genoeg betaald kreeg.

„Ik ben voor geen enkel interview betaald, dat is een broodje aap. Wel voor twee foto’s die ik in het vliegtuig met mijn iPhone maakte. CNN bood 19.000 dollar. Had ik een dag langer gewacht dan had ik een ton gekregen, daar baal ik echt van.”

Waarom dook u onder?

„In Costa Rica ging ik nadenken. Ik kon niet zomaar terug naar Nederland. Hoe pak ik het aan? Mijn vrienden zagen het helemaal voor zich: intocht met fanfare op Schiphol, grote persconferentie, feest. Maar het idee maakte me bang. We besloten via de achterdeur te reizen, ik ben ondergedoken bij vrienden. Op de terugvlucht naar Amsterdam zat een Amerikaanse vrouw heel enthousiast te praten: ‘Dit is een vlucht naar Amsterdam, heb je gehoord van die Schuringa?’ Ik braaf knikken. Later vond ze mijn portret op Facebook. ‘Fuck you, Jasper’, schreef ze. Later heb ik het hele verhaal exclusief aan De Wereld Draait Door gegeven. Een supergrote opluchting, daarna werd ik met rust gelaten.”

Herkennen de mensen u nog?

„Na de uitzending wel. Vroegen ze: ‘Hé, ben je Jasper?’ Eerst ontkende ik, daarna was het: ‘Ja joh’. Dan neem je een biertje aan en loop je door. Nu is het afgekoeld: overal ‘nee’ tegen zeggen heeft gewerkt. Ik zie mensen soms nog kijken van: ken ik die niet? Wat ik leuk vind, is op ze af te lopen en te vragen: ‘Hé, hoe gaat het nou?”

Heeft het u al met al profijt opgeleverd?

„Commercieel niet. Eerst kon ik maanden niet werken. Stel je voor, vijfduizend e-mails, telefoontje en sms’jes, ik kon mijn klanten er nauwelijks uit vissen. Oude klanten zeiden: ‘Heb je nog aandacht voor ons of moeten we het elders zoeken?’ En dat tijdens de crisis. Na vier maanden liep het terug, maar het liep bijna fout; we konden de huur nauwelijks betalen.” ’

Moet u naar Amerika terug om te getuigen in het proces tegen Umar?

„Als Umar schuld bekent niet. Dat hoop ik, ik heb er geen zin in. Maar ik ben niet boos op hem. Ik heb in zijn ogen gekeken en gezien dat hij geen slecht persoon is. Wat een sneu verhaal. Hij deed het echt in zijn broek en was al half in het paradijs, en dan krijg je niet 72 maagden over je heen, maar mij.

„Umar is een zwak mens, hij is gebruikt. Studeerde in Londen, rijke pa. Hoorde daar van alle kanten dat moslims slecht zijn. Geen eigen identiteit, dus konden ze hem tot robot voor de jihad hersenspoelen. Je bent niks, maar doe je dit dan word je een martelaar, iets heel bijzonders.

„Ik vind het eigenlijk best dapper dat hij die bom durfde af te steken. Voor de mensen die hem stuurden, is hij de held. Twee helden in één vliegtuig, en iedereen heeft zijn eigen verhaal.”