Jeroen Willems laat smart voelen in 'Orfeo'

Orfeo naar Monteverdi door Veenfabriek. Zang: Jeroen Willems. Gezien: 21/12 Stadsschouwburg, Amsterdam. Te zien 22/12 aldaar. Inl: www.ssba.nl ****

Een batterij van vier slagwerkers begeleidt zanger en acteur Jeroen Willems in Monteverdi’s opera L’Orfeo (1607). De slagwerkgroep heet Track en staat onder leiding van drummer Paul Koek, die aan zijn instrument melodische expressie ontlokt. Elektronische toetsen, geluidsband en cello, lyrisch bespeeld door Annie Tangberg, vervolmaken het muzikale tableau. De tekst is ontleend aan de Metamorfosen van Ovidius, aan de poëzie van Hans Warren en het theatrale proza van Gerardjan Rijnders. Meesterkok André Amaro bereidt tijdens deze onvergetelijke Orfeo een maaltijd. Willems behandelt de teksten als recitatieven met gevoel voor drama, ritmiek en klankkleur.

„Wij die het zingen verleerd zijn”, zingzegt Jeroen Willems aan het begin van de uitvoering met zijn stralende bariton. Hij introduceert de drie klassieke gemoedsstemmingen: woede, gematigdheid, nederigheid. Met deze affecten als inzet nemen Willems en de muzikanten van de Veenfabriek de toeschouwers mee op de dramatische reis van zingende lierspeler Orpheus en zijn geliefde Eurydice. Met geladen intensiteit voert deze Orfeo naar het fatale moment, waarop Orpheus „in liefde achterom blikt”, waarna Eurydice terugglijdt in de onderwereld. Met zijn opera schiep Monteverdi een nieuw genre, „dramma in musica”.

Wie Monteverdi zegt, denkt aan ragfijne, zeventiende-eeuwse madrigalen op de grens van renaissance en barok. De Veenfabriek zet daar met een indrukwekkend bespeeld instrumentarium en een excellente zanger een bedwelmende, hedendaagse muziekstijl tegenover. Elke klanklijn en tekstregel bezit een pulserende energie. Fraai gedoseerd is de ijle klank van de countertenor die Willems na het noodlottige verlies van Eurydice aanwendt. Zelden kreeg smart zo’n innige expressie. Muziek en taal maken de kille onderwereld van de dood tastbaar.