EU en Rusland moeten Loekasjenko afzetten

Rusland en de EU moeten dictator Loekasjenko duidelijk maken dat voor hem geen toekomst in Wit-Rusland ligt, betogen Oliver van Loo en Joeri Oudshoorn.

De presidentsverkiezingen in Wit-Rusland zijn gisteravond, net als vier jaar geleden, uitgemond in ernstige onregelmatigheden in het centrum van Minsk en daarbuiten. Dit ondanks dat de snelwegen naar Minsk werden afgesloten, het openbaar vervoer was stilgelegd, e-mailverkeer en oppositiewebsites landelijk waren platgelegd en mobiele communicatie in het centrum van Minsk tijdelijk onmogelijk was gemaakt. Deze maatregelen hadden dictator Alexander Loekasjenko het vertrouwen gegeven om zondagmiddag nog tegenover ruim 100 buitenlandse journalisten te melden dat er ’s avonds geen protesten zouden zijn.

Wie toch het centrum van Minsk bereikte om tegen de oneerlijke verkiezingen te demonstreren, werd door militairen en speciale troepen van de politie uiteengeslagen. Binnen- en buitenlandse journalisten werden geslagen en hun materiaal werd afgenomen. Diverse presidentskandidaten werden in elkaar geslagen en gearresteerd. Presidentskandidaat Vladimir Nekljajev werd zelfs bewusteloos geslagen, naar het ziekenhuis vervoerd en daarvandaan onder protest, in een deken gewikkeld, afgevoerd door de politie.

Dat Alexander Loekasjenko nog steeds aan de macht is in Wit-Rusland, komt door de weifelachtige houding van zowel Rusland als de Europese Unie. Beide zijn de dictator inmiddels zat, maar vrezen zijn opvolging. Want wanneer Loekasjenko zijn greep op het land verliest, kan het alle kanten uit met het bufferland tussen de EU en Rusland. Daar zitten de grote buren niet op te wachten. Loekasjenko is voor zowel de EU als Rusland de enige garantie dat Wit-Rusland een bufferstaat blijft.

Nu Wit-Rusland wederom in handen lijkt te vallen van Loekasjenko, moeten Rusland en de Europese Unie kleur bekennen. Het is tijd dat beide grootmachten erkennen dat er voor Loekasjenko geen toekomst ligt in het binnenlands bestuur.

Door aan de vooravond van een nieuwe ambtstermijn van Loekasjenko een gezamenlijk, breed opgezet trainingsprogramma voor oppositieleden voor te stellen, kan de nu verloren tijd alsnog goed ingezet worden. Het gaat dan niet alleen om bestuurlijke kennis, maar ook om kennis over binnenlandse zaken, constitutioneel recht, onderwijs, energie, verkeer en economie. Mission to Minsk heeft in aanloop naar de verkiezingen een brief met de handtekeningen van alle oppositieleiders ontvangen waarin zij het voorstel doen om de ideologische verschillen opzij te zetten en in samenwerking met buitenlandse experts een gezamenlijk partijprogramma te ontwikkelen. Zij waren zelfs bereid om zich terug te trekken in het belang van een sterke positie van één gezamenlijke kandidaat. Bovendien spraken zij zich uit voor een onafhankelijk Wit-Rusland, dat zich tegenover de EU en Rusland militair neutraal zou opstellen.

De Nederlandse en Europese diplomatie waren echter nog niet klaar om de oppositie publiekelijk te ondersteunen. Nederland sloeg het aanbod van de Wit-Russische oppositieleiders af en de Europese Raad heeft in aanloop naar deze verkiezingen ingezet op toenadering tot Loekasjenko.

Het gebrek aan daadwerkelijke verandering en de manier waarop Loekasjenko gisteren op de protesten reageerde, vragen om een bezinning van het huidige beleid. Europa en Rusland kunnen zich niet langer laten gijzelen door de vrees voor een andere leiding in Wit-Rusland. Daarom is samenwerking tussen de grootmachten ten oosten en westen van Wit-Rusland nu nodig om een andere leiding van het land mogelijk te maken.

Oliver van Loo is adviseur bij Pilgrims Consult en verbonden aan de Onderzoekschool voor de Rechten van de Mens. Joeri Oudshoorn is journalist en hoofdredacteur van het Europees tijdschrift Indigo magazine en de stichting voor hoger onderwijskwaliteit Anderwijz. Beiden zijn actief voor Mission to Minsk.