Bij de voorplaat

Wat te doen als de aarde door de menselijke uitstoot van broeikasgassen zo ver opwarmt dat klimaatgordels verschuiven en allerlei planten- en diersoorten in de knel komen? Ecoloog Johannes Foufopoulos van de University of Michigan denkt dat de golf van uitstervingen onder reptielen op de Egeïsche Eilanden 15.000 jaar geleden een aardige indruk geeft van zo’n scenario. In die tijd trad eveneens een grote klimaatverandering op (de laatste ijstijd liep ten einde) en steeg de zeespiegel zo dramatisch dat gebieden die voorheen verbinding hadden met het Griekse vasteland eilanden werden.

Foufopoulos bestudeerde de snelheden van uitsterven van 35 soorten hagedissen, slangen en schildpadden van 87 Griekse eilanden (American Naturalist, januari 2011). Uit zijn onderzoek blijkt dat de reptielendiversiteit op de kleinste eilanden het snelste afnam. Specialisten onder de reptielen gingen daarbij het eerst ten onder, omdat zij voor hun voortbestaan afhankelijk waren van een smalle bandbreedte aan geschikt leefmilieu. Het waren vooral dieren die koele en vochtige milieus nodig hebben die op de eilanden uitstierven.

Foufopoulos verwacht dat de huidige opwarming van het klimaat op verschillende plaatsen een soortgelijk patroon van uitsterven zal opwekken. De omvang ervan zal waarschijnlijk nog groter zijn, want behalve de stijgende temperatuur hebben planten en dieren al te maken met een sterk versnipperd leefgebied. Het wordt doorkruist door wegen, of onderbroken door landbouwgronden of bebouwing.

Op de foto op de voorplaat is een emmer vol Egeïsche muurhagedissen (Podarcis erhardii) te zien. Deze hagedis houdt van een droge en rotsachtige omgeving. Hij komt op het Griekse vasteland en veel eilanden voor, maar ontbreekt op het eilandje Melos, dat krap 150 vierkante kilometer is. [SV]