De moraalkraam van Hobbes

De Hobbes die volgens Heumakers (Boeken 10-12-10) nog niets aan actualiteit zou hebben ingeboet, is wel de door hem gemodificeerde Hobbes. Dat geeft hij zelf ook toe, omdat hij het raadzaam vindt ‘geheel tegen Hobbes’ aanbevelingen in’ een paar remmen in te bouwen tegen de door hem nagestreefde ongelimiteerde staatsmacht.

Zou Hobbes daarmee bruikbaar worden? Het staat vast dat zijn positie als verdediger van de absolute monarchie in het Engeland van zijn dagen aartsconservatief was. Mooie beschouwingen over de noodzaak van politiek gezag op basis van vrijwillige collectieve machtsoverdracht kunnen niet verhullen dat hij op drijfzand bouwt, namelijk de misvatting dat mensen zich door de rede zouden laten leiden. De ongeregelde en vaak gewelddadige natuurtoestand van allen tegen allen wordt door geen enkele politieke organisatie opgeheven, doch blijft daaronder en daarin altijd actief.

Volgens hedendaagse literatuur is Hobbes met zijn hermeneutiek van de Schrift geenszins een ‘voorloper’ van Spinoza. Spinoza gaat het om de wetenschappelijke vaststelling van de ‘ware zin’ en authentieke bedoeling van de Schriftwoorden, ook al behelzen die soms enkel onzin. Hobbes heeft de neiging om de Schrift in allegorische uitleg te manipuleren, zodat zij in zijn moralistische kraam te pas komt.

Wim Klever, Capelle aan den IJssel