Blijf van onze heilige plaatsen af

De bijna vergeten Krimoorlog kende nauwelijks winnaars en had later grote gevolgen, zo leest Bart Funnekotter in het nieuwste boek van sterhistoricus Orlando Figes.

FILE - This is a July 15, 2008 file photo of historian Orlando Figes during a literary awards event in London. Scholar Orlando Figes has admitted Friday April 23, 2010 that he wrote vicious reviews about his rivals' books that were posted on Amazon's website. Earlier, Figes had claimed the nasty anonymous reviews were the work of his wife, law professor Stephanie Palmer. (AP Photo/Yui Mok/PA, File)
FILE - This is a July 15, 2008 file photo of historian Orlando Figes during a literary awards event in London. Scholar Orlando Figes has admitted Friday April 23, 2010 that he wrote vicious reviews about his rivals' books that were posted on Amazon's website. Earlier, Figes had claimed the nasty anonymous reviews were the work of his wife, law professor Stephanie Palmer. (AP Photo/Yui Mok/PA, File) ASSOCIATED PRESS

Orlando Figes: De Krimoorlog of de vernedering van Rusland. Vertaald door Henk Moerdijk en Lieske Simon. Nieuw Amsterdam, 672 blz. € 34,95

Internationale politiek kan soms verdraaid ingewikkeld zijn. In het Engelse, humoristische geschiedenisboekje 1066 and All That wordt het uitbreken van de Krimoorlog aldus verklaard: ‘de Fransen dachten dat de Heilige Plaatsen beschermd zouden moeten worden (waarschijnlijk tegen de Amerikanen) door katholieke monniken, maar de Turken, die er de baas waren, vonden dat ze door Griekse monniken bewaakt moesten worden. Daarom verklaarde Engeland geheel terecht de oorlog aan Rusland, dat onmiddellijk Roemenië bezette.’

De Krimoorlog (1853-1856) is in Nederland nog minder bekend en begrepen dan in Engeland. Wie wel eens van het conflict gehoord heeft, kan waarschijnlijk maar twee feitjes over de strijd uit zijn geheugen opdiepen: de desastreus verlopen charge of the Light Brigade, door Lord Tennyson vereeuwigd in een gedicht, en het barmhartige optreden van verpleegster Florence Nightingale, the lady with the lamp.

Met zijn nieuwe boek Crimea. The last Crusade (vertaald als De Krimoorlog of de vernedering van Rusland) ontrukt de Engelse historicus Orlando Figes dit conflict op magistrale wijze aan de vergetelheid. Aanloop, verloop, afloop: Figes beschrijft en analyseert het allemaal even goed. Wie het boek uit heeft, kan het alleen maar eens zijn met zijn stelling dat de Krimoorlog de eerste moderne oorlog was – de voorloper van de industriële slachtpartijen van de 20ste eeuw.

De kiem voor de Krimoorlog werd gelegd in het Heilige Land. Daar waren aan de lopende band conflicten tussen katholieke en orthodoxe geestelijken over het beheer van belangrijke plaatsen, zoals de Geboortekerk in Bethlehem. Beide partijen meenden recht te hebben op de sleutels van dit gebouw. Ruzies liepen herhaaldelijk uit de hand; bij rellen tussen christenen vielen meer dan eens dodelijke slachtoffers.

De Franse heerser Napoleon III, die in 1851 door een coup aan de macht was gekomen, besloot de zaak van de katholieken met kracht te bepleiten bij de Turkse sultan Abdülmecit, die de scepter zwaaide over de Heilige Plaatsen. Van die interventie was tsaar Nicolaas I van Rusland niet gediend. Hij wierp zich op als de verdediger van het orthodoxe geloof. Nicolaas krijgt van Figes het leeuwendeel van de schuld voor het uitbreken van de oorlog toebedeeld. De tsaar was oprecht devoot, maar keek met begerige ogen naar het uiteenvallen van het Ottomaanse rijk, de ‘zieke man van Europa’, zoals hij het omschreef. Onder het mom van het beschermen van de orthodoxe minderheden die onder Turkse heerschappij leefden, was hij op zoek naar een excuus om het Europese grondgebied van de sultan te veroveren. Als het even mogelijk was met inbegrip van Istanbul, dat als Constantinopel de bakermat van het Russisch-orthodoxe geloof was geweest.

Het was voor landen als Frankrijk en Groot-Brittannië ondenkbaar dat Rusland de macht zou krijgen over de zee-engte van de Bosporus. In de Britse pers werd een regelrechte haatcampagne gevoerd tegen de Russen. Tsaar Nicolaas werd neergezet als een machtswellusteling die niet zou rusten voor hij zou heersen over een rijk dat misschien zelfs Brits Indië zou omvatten.

Nicolaas viel in juli 1853 het Turkse grondgebied rondom de Donau binnen, nadat de Turken een Russisch ultimatum hadden laten verlopen. Na lang twijfelen volgde in oktober de oorlogsverklaring van de sultan. Frankrijk en Groot-Brittannië namen de wapens op in maart 1854, nadat de Russen de Turkse vloot vernietigd hadden. De oorlog die volgde, en die vooral werd uitgevochten bij de havenstad Sebastopol op de Krim, verliep voor alle partijen desastreus. De legers werden slecht geleid en bevoorraad en leden grote verliezen, vooral door ziektes. Met name de Russen verging het slecht. Na een maandenlange belegering moesten ze Sebastopol opgeven. Nicolaas had zich herhaaldelijk met de strategie van zijn generaals bemoeid – en altijd met desastreuze gevolgen. Hij ging zwaar gebukt onder het slechte verloop van de oorlog. Toen hij in maart 1855 verkouden raakte, bleef hij tegen het advies van zijn dokters doorwerken en ging zelfs naar buiten zonder jas, terwijl het twintig graden vroor. Hij liep een longontsteking op en stierf. Figes vermoedt dat hij de dood bewust gezocht heeft.

De winnaars van de oorlog brachten het er niet veel beter van af. Volgens Figes toonde de slecht geleide campagne het failliet van de Britse adel als leidende klasse aan. De middenklasse, die in de oorlog de professionalisering van de logistiek rondom het krijgsbedrijf ter hand genomen had, profiteerde in vredestijd van de zwakte van het oude systeem en drukte politieke hervormingen door. De Russen voelden zich na hun nederlaag verraden door landen als Oostenrijk en Groot-Brittannië, waarmee ze in 1815 nog samen waren opgetrokken tegen Napoleon I. Ook schaamden ze zich voor het feit dat ze tekortgeschoten waren in het beschermen van hun Slavische broedervolken in Oost-Europa. Toen die in het begin van de twintigste eeuw opnieuw in conflicten verzeild raakten, was de Russische steun onvoorwaardelijk. Hierdoor brak in 1914 uiteindelijk WO I uit.

De Krimoorlog was toen al een ‘vergeten oorlog’. Helaas, constateert Figes. Het verloop van dit eerste geïndustrialiseerde militaire conflict had een krachtige waarschuwing voor de toekomst kunnen en moeten zijn.

    • Bart Funnekotter