De laatste Europeaan in Berlijn

Het ontbreekt Europa aan leiders met visie, zeggen critici nu de weerstand groeit. Wolfgang Schaüble speelt al decennia een cruciale rol en houdt vol: de Europese Unie moet naar meer politieke eenheid toe.

French Finance Minister Christine Lagarde talks to her German counterpart Wolfgang Schauble, during a group photo of a German-French consultations at the city hall in Freiburg, southern Germany, Friday, Dec.10, 2010.(AP Photo/Michel Euler)
French Finance Minister Christine Lagarde talks to her German counterpart Wolfgang Schauble, during a group photo of a German-French consultations at the city hall in Freiburg, southern Germany, Friday, Dec.10, 2010.(AP Photo/Michel Euler) AP

De man in de rolstoel oogt klein en fragiel. Z’n grijze pak slobbert om zijn lijf, maar zijn donkere coltrui kleedt mooi af. De Duitse minister van Financiën Wolfgang Schäuble, verlamd aan zijn onderlichaam, houdt van ballet en is deze winteravond naar een uitvoering gekomen van Het Zwanenmeer in de Deutsche Oper aan de Bismarckstrasse in Berlijn. Er wordt hartstochtelijk gedanst en na afloop zien oplettende toeschouwers de gehandicapte bewindsman lang en enthousiast klappen.

Schäuble (68) speelt al decennia lang een dominante rol in de Duitse politiek. Hij is na bondskanselier Angela Merkel de belangrijkste bewindspersoon in het kabinet. Op financieel en politiek gebied is hij Merkels invloedrijkste adviseur. Hoewel hij een loodzwaar en door ziekte getekend jaar achter de rug heeft, waarin hij door menigeen politiek al was afgeschreven, is hij nog steeds minister van Financiën. Belast met de schulden- en eurocrisis in Europa; een Schicksal-dossier voor zowel de Europese Unie als Duitsland.

Het lot van de muntunie hangt goeddeels af van de Bondsrepubliek, als grootste en economisch sterkste EU-land. Schäubles inzicht en handelen kunnen de euro maken of breken. De eenheidsmunt is na de kredietcrisis door torenhoge schulden van landen als Griekenland en Ierland in woelig vaarwater gekomen. De politieke leiders van Europa, gesouffleerd door hun ministers van Financiën, zoeken naar blijvende oplossingen om de fouten te herstellen die bij de introductie van de euro zijn gemaakt. Daarmee moet het vertrouwen van de financiële markten in de steeds zwakker wordende munt worden herwonnen.

Vandaag en morgen is er topoverleg in Brussel over een duurzaam crisismechanisme voor de stabiliteit van de euro en de beperkte aanpassing van het Verdrag van Lissabon die daarvoor nodig is. In Berlijn is de verwachting dat op beide punten overeenstemming zal worden bereikt. De dramatiek over de euro wordt door een hoge functionaris genuanceerd: „De euro staat niet op punt van instorten.”

Dat is ook wat Wolfgang Schäuble steeds zegt. Maar hij zegt er consequent bij dat voor toekomstige financiële stabiliteit verdere politieke integratie in Europa noodzakelijk is. „Over tien jaar zullen we in de EU een structuur hebben die veel meer dan nu lijkt op een politieke unie”, zei hij afgelopen weekend. Dat is Schäuble ten voeten uit. Hij is geen gerenommeerd financieel expert. Hij is vooral een gezaghebbend politicus die weet dat belangrijke economische of fiscale besluitvorming in de EU onmogelijk is zonder verder gaande politieke samenwerking.

In die zin wil hij nog wel eens van mening verschillen met zijn baas en partijgenoot Angela Merkel. De bondskanselier vindt dat het crisismanagement voorop staat. Er moeten nu eerst een verdragsverandering en een goedwerkend crisismechanisme komen. Daarna zien we wel – dat is haar houding. Schäuble, die politiek veel minder te verliezen heeft, kijkt verder dan het brandje van vandaag. „Al is hij 68 jaar, hij is nog steeds bezig met vragen over de toekomst van Duitsland en Europa”, zegt een naaste medewerker. „En hij weet uit ervaring dat de EU niet aan het eind van haar ontwikkeling staat.” In Brussel wordt de Duitse minister „de laatste Europeaan in Berlijn” genoemd.

Schäuble is door delen van de Duitse pers, weekblad Der Spiegel voorop, dit jaar al ettelijke keren regeringsongeschikt verklaard. Hij heeft veel pech met z’n gezondheid gehad. Op essentiële momenten, als het weer eens slecht met de euro ging en de bewindsman voor overleg in Brussel of elders moest zijn, belandde hij met pijnlijke doorzitwonden – een veelvoorkomende kwaal bij rolstoelrijders – in het ziekenhuis.

Bij terugkomst zag hij er steevast slecht uit. Uiteindelijk meldde hij zich dit najaar ziek voor een maand en liet zich in een gespecialiseerde kliniek behandelen. Merkel heeft hem niet laten vallen. Kennelijk is ze zo aan zijn oordeel gehecht dat een paar weken afwezigheid, zelfs op belangrijke momenten, voor haar minder zwaar tellen dan steun en inzicht van een minister die zoveel capaciteiten heeft dat hij zelf ooit kanselier had kunnen worden.

Schäuble was de kroonprins van Helmut Kohl, christen-democratisch bondskanselier van 1982 tot 1998. Hij was minister in verschillende kabinetten, was partijvoorzitter van de landelijke CDU en had eigenlijk Kohl moeten opvolgen als leider en lijsttrekker van de christen-democraten. Het feit dat hij door een aanslag op zijn leven in een rolstoel belandde, heeft dat verhinderd.

Door zijn nooit helemaal opgehelderde betrokkenheid bij een affaire met dubieuze partijgiften in de jaren ’90, liep Schäuble bovendien politieke schade op. Maar hij kwam steeds terug, niet in de laatste plaats door zijn fenomenale politieke kennis en z’n inzicht in het Duitse staatsbelang in Europa.

Merkels kabinet telt, afgezien van de bondskanselier zelf, twee politieke zwaargewichten. Behalve Wolfgang Schäuble gaat het om het dertig jaar jongere politieke talent Karl-Theodor zu Guttenberg, minister van Defensie.

Zu Guttenberg staat aan het begin van z’n politieke loopbaan. Voor Schäuble kan dit ministerschap wel eens z’n laatste prestatie zijn. De opgave is niet de minste. Voorlopig moet hij het frontwerk met de euro verrichten, die kwetsbare man in een rolstoel, die – zeggen medewerkers – niet gemakkelijk voor z’n omgeving is en keihard voor zichzelf.