Berlusconi heeft weer laten zien dat zijn tegenstanders hem vaak onderschatten.

Premier is (even) gered, maar de stad is vernield

De premier wist op slinkse wijze parlementariërs los te weken uit hun kamp.

Door vrouwen is Berlusconi in de problemen gekomen, vrouwen hebben hem gered. Dit was de korte samenvatting die La Stampa gaf van een dag vol politiek drama, met zelfs af en toe een handgemeen in de Kamer van Afgevaardigden. Met 314 tegen 311 stemmen heeft de Italiaanse premier ternauwernood een motie van wantrouwen overleefd.

Die motie was de meest serieuze poging tot nu toe om een streep te zetten onder het tijdperk-Berlusconi, dat begon toen de mediamagnaat en een van de rijkste mensen van Italië in 1993 de politiek in ging. Maar de premier (74) heeft opnieuw laten zien dat zijn tegenstanders hem vaak onderschatten, tactische fouten maken, en niet in staat zijn een geloofwaardig alternatief te bieden.

Sinds zijn bondgenoot Fini in juli met hem had gebroken, leek de val van Berlusconi een kwestie van tijd. Het moment voor de politieke doodsteek leek te zijn gekomen in november, toen bekend werd dat Berlusconi de politie had gebeld om met valse informatie een meisje van zeventien te helpen dat ook op zijn beruchte feestjes was geweest. Een premier die de politie leugens op de mouw speldt, dat ging de meesten te ver. Al snel lag er een motie van wantrouwen.

Maar het duurde weken voordat daarover werd gestemd. President Napolitano wilde dat eerst de begroting werd goedgekeurd, om de zenuwachtige financiële markten niet nog ongeruster te maken. Gisteren bleek dat Berlusconi die tijd beter heeft besteed en een aantal parlementariërs heeft weten los te weken uit het kamp van de tegenstanders.

Onder gesis, boe-geroep en grove scheldwoorden stemden twee vrouwelijke parlementariërs die zich de afgelopen maanden hadden geschaard onder de vlag van Fini’s partij Toekomst en Vrijheid, toch tegen de motie die mede door hun partij was ingediend. Al eerder had Berlusconi een handvol andere Kamerleden aan zich weten te binden.

Vanuit de oppositiebanken is gesuggereerd dat Berlusconi Kamerleden heeft omgekocht, direct of indirect. Een linkse parlementariër zei dat Catia Polidori, een van de overlopers uit het kamp van Fini, zwaar onder druk is gezet. Zij zou te verstaan hebben gekregen dat het bedrijf waarin zij grote belangen heeft, zou lijden onder een stem tegen Berlusconi. Concrete bewijzen daarvoor zijn er niet, maar een flinke dosis opportunisme is Kamerleden niet vreemd. De politieke geschiedenis van Italië zit vol voorbeelden van parlementariërs die van partij wisselen als hun dat beter uitkomt.

Toen Berlusconi demonstratief wegliep tijdens zijn stemverklaring kon parlementariër Antonio Di Pietro, fel criticus van de premier, het niet laten om hem na te roepen: „Lafaard, lafaard. Ga naar de Bahama’s.”

Gianfranco Fini, die als Kamervoorzitter met een zuur gezicht de uitslag van de stemming moest voorlezen, is de grote verliezer. Hij had Berlusconi de wacht aangezegd en het moment gekozen voor de genadeslag, maar kon het niet waarmaken. Begin 2008 waren zijn partij en die van Berlusconi gefuseerd, en een deel van zijn partijgenoten voelt zich meer thuis bij Berlusconi.

Ook links likt zijn wonden. Oppositieleider Bersani probeerde een positieve draai te geven aan de uitslag. Hij zei dat duidelijk is geworden dat Berlusconi’s kabinet niet meer steunt op een absolute meerderheid en afhankelijk is van bij elkaar gesprokkelde stemmen van centrumpartijtjes – maar dat wisten de Italianen al sinds de zomer. Bersani waarschuwde dat de politieke instabiliteit blijft. Maar verkiezingen wil hij niet, omdat de oppositie sterk verdeeld is en moeite heeft een geloofwaardig alternatief voor Berlusconi te bieden.

Berlusconi zal nu steun zoeken in het verdeelde centrum. Zijn grote angst, een zakenkabinet dat hem buitenspel zou zetten, is voorkomen. Maar de comfortabele meerderheid na de verkiezingen van 2008 is definitief verleden tijd. Berlusconi heeft niet gewonnen, hij heeft de politieke aanslag op hem overleefd.

Dat blijkt ook uit de reactie van Umberto Bossi, leider van de populistische Lega Nord en de belangrijkste bondgenoot van de premier. Berlusconi kan nu één dag lang genieten van zijn overwinning, zei Bossi ironisch. Ook hij realiseert zich dat het moeilijk wordt om te regeren zonder een absolute meerderheid, met net drie stemmen meer.