Aardbeien mogen Gaza weer uit

Israël heeft de blokkade van de Gazastrook de laatste maanden wat versoepeld. Onder Europese druk is er nu ook enige export toegestaan, met name van aardbeien, uit Beit Lahiya.

Palestinian farmers sort freshly harvested strawberries for export on a farm in Beit Lahiya in the northern Gaza Strip November 27, 2010. Gaza farm workers rose at dawn on Sunday to witness the start of exports to Europe that they hope will herald a wider expansion of trade. The Gaza farmers hope to send 1,000 tonnes of strawberries to Europe through a partly eased Israeli blockade in the coming week. Picture taken November 27, 2010. To mach feature PALESTINIANS-ISRAEL/GAZA-EXPORTS REUTERS/Suhaib Salem (GAZA - Tags: POLITICS AGRICULTURE FOOD BUSINESS)
Palestinian farmers sort freshly harvested strawberries for export on a farm in Beit Lahiya in the northern Gaza Strip November 27, 2010. Gaza farm workers rose at dawn on Sunday to witness the start of exports to Europe that they hope will herald a wider expansion of trade. The Gaza farmers hope to send 1,000 tonnes of strawberries to Europe through a partly eased Israeli blockade in the coming week. Picture taken November 27, 2010. To mach feature PALESTINIANS-ISRAEL/GAZA-EXPORTS REUTERS/Suhaib Salem (GAZA - Tags: POLITICS AGRICULTURE FOOD BUSINESS) REUTERS

Vuurrood zijn ze, dik en stevig. Geen aardbei ter wereld smaakt zo goed als die uit de Gazastrook, zegt aardbeienteler Abu Ahmad. „Hier is het klimaat niet te heet, niet te nat, de aarde is goed, er staat niet te veel wind. Dit zou de hele wereld moeten proeven.”

Abu Ahmad sorteert met een zorgvuldige blik zijn oogst in een bouwkeet op zijn akker in Beit Lahiya, in het noorden van de Gazastrook. De mooiste gaan in kartonnen dozen, die hoog opgestapeld achter hem staan. „Dit is voor Europa”, zegt hij. De lelijke aardbeien gaan in een grote doos, die zijn voor de lokale markt.

Het boerenbedrijf van Abu Ahmad balanceert op de rand van de afgrond. Jaren van Israëlische blokkade van de Gazastrook hebben de boeren van Beit Lahiya beperkt tot de verkoop op de lokale markt. De inwoners in het boerendorp leven van de teelt van fruit en groenten, die tot enkele jaren geleden voor goed geld aan de Israëlische buren verkocht werden. De daken van de huizen van het Israëlische dorpje Netiv Ha’Asara zijn nog steeds te zien, maar een betonnen muur en een levensgevaarlijke ‘bufferzone’ aan Palestijnse kant maken ieder contact onmogelijk. Op de lokale markt liggen de aardbeien voor dumpprijzen op de markt. „De helft van de bedrijven is de laatste twee jaar gesloten”, zegt Abu Ahmad.

Beit Lahiya is een stil dorp, waar de huizen omringd zijn door kleine akkers. Oorlogen en de al jaren voortdurende blokkade hebben de economie goeddeels stilgelegd. Tijdens de Gaza-oorlog van eind 2008, begin 2009 werd ruim de helft van de akkers vernield door Israëlische bombardementen. Abu Ahmad: „Als een bedrijf sluit, en dat gebeurt vaak, nemen andere bedrijven de werknemers over. Kijk om je heen, we zitten hier met negen man in een keet. We doen wat we ook met zijn tweeën kunnen doen.” Iemand legt de dozen klaar, een ander plakt stickertjes, Abu Ahmad en zijn compagnon Said Khodayer leggen de aardbeien in plastic bakjes.

Na langdurig aandringen van Nederlandse diplomaten stond Israël een paar weken geleden toe dat de aardbeien van Beit Lahiya weer de grens over gaan. De boeren krijgen steun van de Nederlandse vertegenwoordiging in de Palestijnse Gebieden. Enkele vrachtladingen met aardbeien, ruim tienduizend kilo in totaal, verlieten de afgelopen weken de Gazastrook. Tienduizend kilo, het is nog absurd weinig, zeggen de boeren in Beit Lahiya. „Voordat de Gazastrook in 2006 van de buitenwereld werd afgesloten, exporteerden we 700.000 kilo per jaar”, zegt aardbeienteler Said Khodayer. „Het is een begin, het is hoopvol, voor het eerst sinds lange tijd gebeurt er weer eens wat.”

Export van aardbeien komt maar weinig voor, en als het al gebeurt alleen na diplomatiek duw- en trekwerk. Dit jaar hopen de Palestijnse boeren dat er meer geëxporteerd kan worden. Eind vorige week besloot het Israëlische kabinet dat ook enkele andere goederen uit Palestijnse gebied geëxporteerd mogen worden. Ook bloemen en kleine meubels mogen nu, in kleine hoeveelheden, de door Israël beheerste grens over. De Palestijnen hopen dat de export aantrekt tot duizend ton aardbeien en dertig miljoen bloemen per jaar. Maar dat zijn voorlopig dromen.

Het is immers te vroeg om te spreken van een Israëlische koerswijziging, zegt de in Gaza gevestigde econoom Omar Shaban, oprichter van de economische denktank Palthink. Shaban zegt dat de Palestijnse economie de laatste jaren tot de grond toe is verwoest. „De economie is verwoest, doordat we jaren niet hebben mogen exporteren. Het effect werkt op een dieper niveau door. De bevolking is murw. Waarom zou je een bedrijf beginnen als het toch niks wordt? Dit probleem los je niet op met een paar vrachtwagens aardbeien.”

In de zomer van 2006 werd het toch al geïsoleerde gebied verder afgesloten van de buitenwereld. De fundamentalistisch-islamitische beweging Hamas had de Israëlische militair Gilad Shalit gevangen genomen. Israël probeerde Hamas met een blokkade onder druk te zetten. Toen Hamas in 2007 de volledige macht in Gaza naar zich toe trok, werd de blokkade aangescherpt. De zee en de landovergangen gingen dicht.

In Gaza leeft ruim de helft van de bevolking nu van voedselhulp van VN-organisatie UNRWA. De werkloosheid is gestegen tot ruim 40 procent. Omar Shaban: „Israël heeft niets gehad aan de blokkade. Hamas is hier nog steeds, en de radicalen hebben politiek de wind in de zeilen.”

Deze zomer versoepelde Israël de import van goederen naar Gaza enigszins, maar bleef het de export blokkeren. Dat gebeurde na een storm van internationale kritiek op de gewelddadige entering van een hulpkonvooi, die de aandacht van de wereld weer vol op de blokkade richtte. „Die verlichting leek goed nieuws, maar geen economie ter wereld kan zo functioneren”, zegt Shaban. „Geld moet rollen, het kan niet alleen maar uitgegeven worden. We willen handel drijven.”

Omar Shaban zegt dat de recente, voorzichtige export uit Gaza wel psychologisch van grote waarde is. „Voor de Israëliërs betekent het dat ze kunnen zien dat export uit Gaza iets heel normaals is. Er is geen politieke kant aan een aardbei, het is gewoon een lekkere vrucht. Als dit goed gaat, verwacht ik dat de grenzen ook voor andere producten open zullen gaan. Dan kunnen we weer denken aan een langzame wederopbouw van de samenleving in Gaza.”

De aardbeien van Abu Ahmad en Said Khodayer zijn via Nederland bestemd voor de Europese markt, met name Frankrijk en België. Daar levert een kilo circa tien euro op, tegen drie shekel (een halve euro) in Gaza, zegt Abu Ahmad. „Het blijft een onzeker vak”, zegt hij. „Of de grens opengaat of niet, weten we pas op het laatste moment. Wij zijn boeren en doen niet aan politiek, ik wil gewoon mijn aardbeien kunnen verkopen.”