Lessen voor Geert Wilders

Een eenmanspartij overleeft zelden de stichter. Na een periode van electorale opgang volgt meestal een rumoerig proces van verval. Het is gemakkelijker het politieke momentum te pakken dan vast te houden. Het grootste probleem voor de nieuwkomer is de organisatie van het succes. De achillespees is de rekrutering van het politieke personeel. De PVV heeft daarvan een voorproefje gehad met haar Tweede Kamerfractie. De vorming van twaalf lijsten voor de Statenverkiezingen zijn de échte stresstest. Hoe voorkomt de père fondateur dat de motor wordt opgeblazen?

Gevestigde partijen hebben een filter om kandidaten te screenen. Zij rekruteren uit hun sociologische basis. Meestal gaat het mis als men een nieuw electoraat aanboort. In de jaren negentig zetten de meeste partijen allochtone Nederlanders op de lijst. Veel kandidaten bleken na de verkiezing een ‘probleem’ te hebben. De meest geruchtmakende politica was Kamerlid van GroenLinks, Tara Singh Varma, gekozen in 1994. Zij bleek te hebben gesjoemeld met gelden uit liefdadigheidsfondsen. Zij werd echter gehandhaafd, omdat ze elke kritiek afwees als ‘discriminatie’. Singh Varma werkte zich steeds verder in de nesten, tot ze in 2000 de Kamer verliet wegens kanker. Dat bleek nadien niet waar.

GroenLinks, dat de afgelopen weken zo veel kritiek had op de PVV, heeft zich in de zaak-Singh Varma verwijtbaar gedragen. De conclusie was dat men vooral ‘begrip’ moest hebben voor Singh Varma’s gesjoemel en leugens.

Dat ‘begrip’ krijgt de PVV niet, omdat de nieuwkomer zich manifesteert als een anti-establishmentpartij. Zij neemt het op tegen de gevestigde (‘linkse’) machten in de politiek en de media. Kiezers van de PVV lopen niet massaal weg, omdat ze het establishment erger vinden, maar natuurlijk veroorzaakt een lijst met vechtjassen imagoschade. Kiezers stemmen niet op een partij van ruziemakers, net zo min als een burger naar een kroeg gaat waar bierglazen door de lucht vliegen.

De PVV kan bij de Statenverkiezingen van volgend jaar niet selectief zijn, zoals bij de gemeenteraadsverkiezingen eerder dit jaar. Het CDA en de VVD hebben in de Eerste Kamer 35 van de 75 zetels. Dat is geen meerderheid. Bovendien heeft het CDA zich electoraal nog niet hersteld. Geert Wilders moet in alle provincies de stemmen zoeken die de gedoogcoalitie in Den Haag nodig heeft om wetsvoorstellen door de Eerste Kamer te krijgen.

Die stresstest is geen sinecure. Zelf werd ik vorig jaar gekozen in het Europees Parlement voor de Vlaamse Lijst Dedecker, een rechts-liberale partij rond de voormalige Belgische judotrainer Jean-Marie Dedecker. Hij vroeg me het Europees verkiezingsprogramma en de kandidatenlijst voor de Europese verkiezingen te maken. Het eerste was geen probleem, het tweede een martelgang. Bij de lijstvorming zie je het slechtste in de mens bovenkomen: leugen, hoogmoed, verraad en kwaadsprekerij. Dedecker moest de kandidatenlijsten maken in de zes Vlaamse provincies, ten behoeve van het Vlaamse Parlement. Het werd bijna zijn ondergang. Lijstvorming lag aan de basis van alles wat misging. Wat zijn de lessen voor Wilders?

1 Houd de ‘zotten’ buiten de deur. Dat is gemakkelijk gezegd, want elke partij die uit het niets komt en momentum heeft, trekt automatisch vreemde kostgangers aan – van hobbyisten tot querulanten en dagdromers. Politiek is een beroep waarvoor geen enkel diploma nodig is en waarbij iedereen zich kan uitroepen tot grootste genie van ons halfrond. Het gevolg was dat er geen werkbare partijcultuur was en dat de ledenorganisatie – in België een wettelijke vereiste – explosies veroorzaakte. Overal schoten spontaan afdelingen uit de grond, maar al snel waren er ruzies binnen en tussen afdelingen. De groei werd onbeheersbaar. Kandidaten overplakten elkaars affiches; plakploegen gingen op de vuist. Mijn plakkaten in Brussel werden overplakt door een ‘partijgenoot met Porsche’ die zich kandideerde voor de Brusselse Hoofdstedelijke Raad.

2 Vertrouw geen enkel cv. Zodra kandidaten in concurrentie tot elkaar staan, wordt het cv het meest onbetrouwbare document. Screenen betekent als een onderzoeksrechter op pad gaan. Ik kreeg een plastisch chirurg op bezoek. Hij zei heel bekend te zijn. Ik kende hem niet. Hij wilde desnoods laatste op de lijst staan. Toen ik mijn onderzoek deed, bleek dat hij een reeks processen aan zijn broek had wegens mislukte borstvergrotingen en penisverlengingen. Zet die kandidaat op de lijst en de campagne is om zeep.

3 Eerst centraliseren, daarna democratiseren. Ik maakte de fout kandidaten ‘inspraak’ te geven. Het gevolg was ruzie en eindeloos gekibbel, zelfs om de meest onverkiesbare plaatsen. Uiteindelijk was toch het machtswoord van de partijleider nodig, die in België dictatoriale bevoegdheid heeft. Gelukkig maar, dacht ik toen. Bij de lijstvorming heb ik begrepen waarom Lenin Lenin is geworden.

Wilders kan pas democratiseren na de Statenverkiezingen en als er enkele jaren van electorale rust zijn. Tot dan is hij, om louter praktische redenen, gedwongen het democratisch centralisme te praktiseren, zoals de SP dat kende onder Jan Marijnissen.