Eénminuut-opera's for the millions

Opera en actualiteit – het is een ontvlambare combinatie. Verdi’s Un Ballo in Maschera werd bewerkt omdat de censuur dat gebood. De krachtige autonomie van de titelheldin in Sjostakovitsj Lady Macbeth van Mtsensk schoot Stalin in het verkeerde keelgat. En in het heden? Zo heel veel wordt er niet gezongen over het nu. De Amerikaan John Adams komt nog het dichtst bij, dankzij opera’s als Nixon in China en The Death of Klinghoffer. In Nederland verwerkte Klaas de Vries de vuurwerkramp te Enschede tot zijn opera Wake. Tenor Andre Post zong twee weken terug de rockopera Ça Ira van Roger Waters, naar aanleiding van de moord op zijn zoon Dirk, in Urk.

Voor zover ik weet moet Don Geert nog gecomponeerd worden, maar er is hoop. Bij De Wereld Draait Door was een column van Chazia Mourali in Odeon, tijdschrift van De Nederlandse Opera, aanleiding voor een nu al memorabele reeks hyperactuele éénminuuts-opera’s. Micha Hamel verpakte de kabinetsformatie in opruiend en veelzeggend ‘Ja! Nee!’-gezang, Calliope Tsoupaki werkte in één nacht een engelachtig operaatje uit over Harry Mulisch, Michel van der Aa liet acteur Thom Hoffman een gevoelig duet zingen met mezzo Tania Kross als naar elkaar smachtend Chileens mijnwerkersechtpaar. Ook de crisis in de PVV werd door hem in beelden en muziek vervat.

Werkt het? Soms al heel goed vond ik (Van der Aa), soms ietsje minder (Hamel) – maar wat kun je van een zo extreem snel en jong genre anders verwachten? Zonder geschaafde knieën is nog nooit iemand groot geworden. Belangrijker is het dat het gebeurt. Dat componisten van een wat jongere generatie bekendheid krijgen bij een miljoenenpubliek en dat die miljoenen ontdekken dat opera niet eng is. En dat zij zien dat componisten geen marmeren beelden zijn, maar benaderbare, hardwerkende vakmensen met oorspronkelijke ideeën en – oké – een exotische roeping. Zeker nu mag dat best van de daken geschreeuwd worden. Of – effectiever – op tv gezongen.

Mischa Spel