PVV zet retoriek over de islam even uit

Als de PVV er niet over begint, verdwijnen Marokkanen al snel uit het politieke debat. Voor de oppositie was het wennen.

Debatten over immigratie gaan al acht jaar voor een groot deel over moslims en Marokkanen. Gisteren opeens niet meer. Kamerleden spraken over de grenzen van immigratie- en asielbeleid: waar leiden de ideeën van het nieuwe kabinet-Rutte tot het schenden van mensenrechten?

De gebruikelijke verbale kooigevechten over de islam bleven volledig achterwege.

Een surrealistische wending, die te danken was aan de anti-islampartij PVV. In het verkiezingsprogramma schrijft de PVV dat islam en de komst van moslims een „ramp” zijn voor economie, veiligheid, onderwijs, emancipatie en zorg. Maar bij het debat over de begroting van minister Gerd Leers (Immigratie en Asiel, CDA) liet Kamerlid Sietse Fritsma (PVV) dat soort analyses niet horen. Dan blijkt: als de PVV het er niet over heeft, verdwijnen Marokkanen al snel uit het politieke debat.

De gedoogsteun die de PVV aan het minderheidskabinet van VVD en CDA verleent, verlangt van PVV’ers een houding die ze nog niet eerder hebben vertoond. Bij dezelfde begroting een jaar eerder liepen bij Fritsma de emoties hoog op over „Marokkaanse straatterreur”, het „gruwelijke halalslachten” en een „immigratiestop uit moslimlanden”. Kamerleden die het niet met hem eens waren omschreef hij als blind, elitair, en verraders van mensen in achterstandswijken.

Aan het immigratiebeleid is nog geen letter gewijzigd. Toch had de PVV’er gisteren een boodschap van hoop en optimisme. Het roer was om, het tij gekeerd. Fritsma was „ongelooflijk trots”. In zijn nieuwe rol wilde hij niets weten van scepsis over de kansrijkheid van de volgens hem „ongekend harde” maatregelen van het kabinet. Dat internationale verdragen of Europese regelgeving de plannen in de weg konden staan, wuifde hij weg. Net als de tegenwerping van de voltallige oppositie dat enkele als nieuw gepresenteerde maatregelen al gelden, en andere alleen symbolisch zijn, zoals het strafbaar stellen van illegaliteit.

Wilders’ electorale succes is voor een groot deel afhankelijk van zijn compromisloze standpunten over islam en immigratie. Een te grote kloof tussen zijn ambities en de daden van Leers is voor Wilders een potentiële faalfactor. Niet voor niets noemde Wilders Leers al snel na zijn aantreden „de zwakke schakel in het kabinet”.

Toch sprak Fritsma gisteren met geen woord over het belangrijkste immigratiestandpunt van de partij: de „volledige immigratiestop voor mensen uit islamitische landen”. Ook de streefcijfers die partijleider Wilders trots had genoemd bij de presentatie van het regeerakkoord herhaalde Fritsma niet. Toen hem ernaar werd gevraagd, zei hij dat die cijfers niet als eisen moesten worden gezien.

Oppositiepartijen hadden zichtbaar moeite met deze metamorfose. Tofik Dibi van GroenLinks deed zijn best de ideologische kloof bloot te leggen tussen minister Leers en gedoogpartner Fritsma. Maar hij was kansloos. Zelfs toen Dibi hen confronteerde met de lange lijst weinig complimenteuze kwalificaties die Leers in het verleden over de politiek van Wilders gaf, keken de minister en zijn gedoger stoïcijns voor zich uit.

De PVV heeft de retoriek even uitgezet. Dat bood ruimte aan de Kamer om het over de algemene principes achter het immigratiebeleid van het kabinet-Rutte te hebben.

Vooral Kamerlid Spekman (PvdA) probeerde aan te tonen dat de plannen van het kabinet zouden leiden tot onherstelbare schade aan het principe dat een rechtsstaat iedereen gelijk behandelt. Het recht op een eerlijk proces, op onderwijs voor kinderen van illegalen of de vrijheid van vrouwen van migranten zijn volgens de PvdA in het geding. Leers sprak Spekman tegen en diskwalificeerde de voorbeelden die hij aandroeg als „casuïstiek”. Tot Spekmans ergernis, die de minister eraan herinnerde dat die casussen over mensen gaan.

Het wachten is op het moment dat de minister geconfronteerd wordt met casuïstiek en tegenvallende migratiecijfers of (opnieuw) teruggefloten wordt door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, of onvoldoende steun vindt bij andere landen voor het aanscherpen van het migratiebeleid van de Europese Unie. Het zijn gebeurtenissen die slechts weinig ministers voor immigratie kunnen ontwijken. Dan is de vraag of de PVV nog met zoveel gemak de rol van meedenkende coalitiepartij zal dragen. En of het CDA nieuwe harde aanvallen op de eigen minister even zwijgzaam over zich heen laat komen als tot nu toe het geval was.