Kritiek Kamer op noodhulp

In de Tweede Kamer neemt de euroscepsis met de dag toe. Steun aan de redding van Ierland is geen vanzelfsprekend meer.

De nood is hoog maar de eensgezindheid in de Tweede Kamer neemt snel af. Minister De Jager van Financiën (CDA) verdedigt morgen in de Kamer de nieuwe steunoperatie aan Ierland, waartoe zondag in Brussel is besloten. „We zijn als PVV partner van deze coalitie maar onze steun krijgt de minister hierin niet”, zegt Kamerlid Tony van Dijck (PVV). Ook de SP onthoudt haar steun. Ewout Irrgang (SP) spreekt van „financiële illusiepolitiek”. „Dit is een doodlopende weg”, zegt hij. En Ronald Plasterk (PvdA) geeft alleen steun onder voorwaarden. „Wij gaan niet zomaar tekenen bij het kruisje.”

Ook bij andere partijen lijkt de weerstand te groeien tegen de manier waarop met de eurocrisis wordt omgegaan. Elly Blanksma (CDA) zal een aantal „kritische vragen” aan de minister stellen.

Voor hulp aan Ierland vanuit het tijdelijke Europese noodfonds heeft De Jager geen fiat nodig, aan dat fonds gaf de Kamer al vóór de zomer haar goedkeuring. Maar de minister heeft er ook mee ingestemd dat de Ieren langer lopende leningen afsluiten, tot gemiddeld 7,5 jaar. Morgen zal de vraag worden opgeworpen of daarvoor niet vooraf instemming van de volksvertegenwoordiging nodig is.

Aan de noodzaak tot steun twijfelt De Jager niet. Volgens hem zijn de risico’s van niet ingrijpen vele malen groter. „Niet ingrijpen kan hele ernstige gevolgen hebben voor de financiële stabiliteit van het eurogebied en grote kosten met zich meebrengen voor de Nederlandse belastingbetaler.”

Hamvraag is waar het verstrekken van noodhulp eindigt. Van Dijck van de PVV: „Iedere keer vraag ik aan de minister: wat gaan we doen als dit niet helpt? Wij waren al tegen de steun aan Griekenland. Ierland is nog niet geholpen of iedereen kijkt alweer naar Portugal en nu ook België.”

De Jager stelt dat hulp aan Ierland nodig was wegens snel oplopende spanningen op de financiële markten. „De onrust dreigde over te slaan naar andere landen.” Deze situatie noopte volgens de minister tot „snel en doortastend” handelen. Voor Nederland betekent dit een garantiestelling van 2,7 miljard euro op leningen aan Ierland.

Na de redding van Ierland hebben de financiële markten hun aandacht verlegd naar Spanje, Portugal en België. Dat is nu juist wat De Jager wilde voorkomen. Welke argumenten heeft hij om straks hulp te weigeren aan Portugal, Spanje of Italië?

PvdA’er Plasterk heeft er begrip voor dat De Jager doet alsof de situatie niet uit de hand loopt en weigert te speculeren over toekomstige situaties. „Maar het maakt het wel lastig om democratische controle uit te oefenen.” Hij roept op eerlijk te zijn over de kosten en risico’s van de steun. „Als je dat niet doet en er zijn straks tegenvallers, dan wakker je de euroscepsis alleen maar verder aan.”

Irrgang (SP) gelooft dat de huidige vorm van hulp nooit werkt. „Lidstaten hebben een solvabiliteitsprobleem: een onhoudbare schuldenlast. Die los je niet op met liquiditeiten.” De SP meent dat de optie voor zwakkere landen om uit de euro te stappen ten onterechte niet serieus genomen wordt. „Men zegt dat zo’n land met zijn eigen munt een nog veel grotere schuld krijgt, omdat de schuld in euro’s blijft staan, terwijl de eigen munt in waarde kan dalen. Maar zo’n land heeft dan wel een veel betere exportpositie.” Ook PVV’er Van Dijck ziet een tijdelijk vertrek uit de eurogemeenschap als beste optie bij grote problemen. Zelfs voor een groot land als Spanje. „Waarom denk je dat Turkije [buiten het eurogebied, red.] zo populair is als vakantiebestemming?”

Irrgang verwacht dat er nu ook wordt gedevalueerd, maar dan intern, door de loonkosten te verlagen. „Wat betekent dat voor de economische groei in Europa? Dan hebben we een groot risico op deflatie. Samen met een schuldencrisis is dat gevaarlijk.”