Lach, traan en atletische dans

Dit weekeinde opende het Nieuwe DeLaMar Theater met twee voorstellingen.

De musical La Cage aux Folles houdt een goede balans tussen de lach en de traan.

„Wij zijn wat je ziet/ maar ook weer niet/ omdat we zijn wat we zijn”, zingen de in damescorseletjes en jarretels gehulde dansjongens in de travestietenclub in St. Tropez die La Cage aux Folles heet, net als de Franse klucht waarop scenarist Harvey Fierstein en componist Jerry Herman hun gelijknamige Broadway-musical baseerden. En die musical is nu hier, eerst als openingsproductie in de grote zaal van het vernieuwde DeLaMar in Amsterdam en vanaf eind februari op tournee. Met de twee formidabele musicalacteurs Jon van Eerd en Stanley Burleson in de hoofdrollen en een ensemble met dansjongens op topniveau. Zelden is in een Nederlandse musicalproductie zo atletisch gedanst.

La Cage aux Folles is het verhaal van een homostel dat een nachtclub bestiert, de één als vedette en de ander als gastheer. De intrige komt op gang als de zoon van de ander, die ze samen hebben opgevoed, wil trouwen en zijn aanstaande schoonouders voor een kennismakingsbezoek uitnodigt. Dan moet er een maskerade worden gespeeld, want de schoonvader is een steile normen-en-waardenpoliticus die zo’n nichtenhuishouding nooit zou accepteren. In de klucht ging het vooral om de misverstanden en verkleedpartijen. De musicalmakers hebben er een stevig statement aan toegevoegd ter ere van iedereen die zijn ware aard niet wenst te verbloemen. Sentimenteel misschien, maar effectief. Geen wonder dat het nummer ‘I am what I am’, gezongen door de mannelijke ster in vrouwenkleding, uitgroeide tot een ware homohymne.

In deze versie maakt Jon van Eerd, eerst als diep gekwetste travestiet maar allengs met meer zelfvertrouwen, het nummer tot een roerende ode aan artistieke en menselijke vrijheid. Het bijzondere is dat hij bovendien het middelpunt vormt van de komische hoogtepunten in de voorstelling. Zijn vollemaansgezicht schakelt voortdurend van tragiek naar klucht en terug. Het ene moment is hij ontroerend, om daarna meteen weer de lachers op zijn hand te krijgen.

Des te groter is de prestatie van Stanley Burleson, die in de minder voyante aangeversrol niet wordt weggespeeld, maar recht overeind blijft, met grote rust en een warme zangstem die de mannenrelatie tederheid geeft.

In de regie van Matthew Ryan is de balans tussen lach en traan de voornaamste kwaliteit, tot in de kleinste rollen (met Liz Snoijink, Gerrie van der Klei en Derek de Lint). De scènes schuiven soepel in elkaar, met vindingrijke changementen die de club razendsnel veranderen in kleedkamers of een Zuid-Frans terrasje. Ook in de door Martine Bijl vertaalde songteksten („ik zie een lady die wel toe is aan een shave”) is de brille van het origineel bewaard gebleven. Dat alles maakt La Cage aux Folles tot een van de bezienswaardigste musicalproducties van dit seizoen.

Musical

La Cage aux Folles, door Joop van den Ende Theaterproducties. DeLaMar, Amsterdam. Tournee t/m 29/5. www.musicals.nl****