Een sneeuwwitte IQ-test

Kinderen uit een andere cultuur hebben moeite met IQ-tests die namen als Sneeuwwitje en Robbedoes bekend veronderstellen. Statistisch onderzoek toont aan: die tests zijn oneerlijk.

Rotterdamse basisschoolleerlingen beginnen aan de CITO-toets. Foto NRC Handelsblad, Vincent Mentzel Sakibu Afoh, leerling van de Rotterdamse Montessorischool ŽŽn van de ruim 154.000 leerlingen uit groep acht van de basisschool die vandaag is begonnen aan de CITO-toets, ontvangt van Meester van Ham de opgaven. De toets is een belangrijk hulpmiddel om een keuze te maken voor een vervolgopleiding. foto VINCENT MENTZEL/NRCH==F/C==Nederland. Rotterdam, 2 februari 2010 Vincent Mentzel

Een in het Nederlandse basisonderwijs veelgebruikte IQ-test, de RAKIT, onderschat het IQ van kinderen van Turkse en Marokkaanse afkomst. Gemiddeld scoren die 7 IQ-punten lager dan kinderen van Nederlandse afkomst die even slim zijn. Dat blijkt uit onderzoek van Jelte Wicherts en Conor Dolan van de Universiteit van Amsterdam, deze maand gepubliceerd in Educational Measurement: Issues and Practices.

Het probleem zit hem waarschijnlijk in taal- en cultuurverschillen; waar precies moet nader onderzocht worden (zie kader). De onderzoekers analyseerden de 25 jaar oude onderzoeksgegevens die indertijd zijn gebruikt om de normen van de RAKIT (Revisie Amsterdamse Kinder Intelligentie Test) vast te stellen met moderne statistische methoden. De test werd in dat eerdere onderzoek als ‘goed’ beoordeeld. Als een kind regulier onderwijs wil volgen, kan een te lage RAKIT-score betekenen dat het misschien toch naar het speciaal onderwijs moet. Daarin zijn allochtone kinderen dus jarenlang benadeeld.

Volgens Peter Tellegen van de Rijksuniversiteit Groningen, die veel over IQ-tests publiceert, wordt de toegang tot bepaalde vormen van onderwijs steeds sterker gekoppeld aan IQ-scores. De leraar, die ook op andere manieren ziet wat een kind kan, heeft steeds minder te zeggen. Tellegen vertelt over een kind dat het speciaal onderwijs niet in mocht omdat hij net geen 70 scoorde op zijn IQ-test, terwijl de betrokken deskundigen het erover eens waren dat die school wel het beste voor hem zou zijn. De grens van 70 is nooit onderzocht, zegt Tellegen. „Men heeft maar een lijntje getrokken in de woestijn en een mooi rond getal genomen. Maar als je kinderen twee keer een vergelijkbare test laat maken, zit er bij meer dan een derde van hen een verschil van ruim tien IQ-punten tussen.”

Het nieuwe onderzoek verschijnt nu eigenlijk tegen de tijd dat de RAKIT in onbruik raakt omdat de normen verouderd zijn, vertelt hij. Doordat elke volgende generatie een iets hoger IQ heeft – het Flynn-effect – moeten die regelmatig worden bijgesteld. „Maar het is kwalijk”, zegt Tellegen, „dat nu weer blijkt dat de RAKIT anderstalige kinderen heeft benadeeld. Net als andere talige tests dat doen: de WISC, de NIO en ook de CITO-toets.”

Tellegen ontwikkelde zelf een veelgebruikte niet-verbale (op plaatjes gebaseerde) en dus internationaal inzetbare intelligentietest (de SON-R). Hij is nu in China om er normeringsonderzoek naar te doen. En voor de NIO, de Nederlandse Intelligentietest voor Onderwijsniveau, schreef hij mee aan de handleiding. „Als je geen rekening houdt met hun achtergrond, schat je allochtone kinderen daarmee één niveau lager in dan ze feitelijk aankunnen”, weet Tellegen. „Daar wordt in de praktijk vaak geen rekening mee gehouden. Maar de uitslag wordt wel bindend gebruikt, dus de achterstand van allochtonen in het onderwijs en op de arbeidsmarkt wordt daar direct mee in de hand gewerkt. Helaas is nog nooit iemand naar de rechter gestapt om deze vorm van discriminatie te beëindigen.” In de Verenigde Staten is dat wel met succes gebeurd.

In Nederland worden intelligentietests en andere psychologische tests veelal ontwikkeld en op de markt gebracht door commerciële testontwikkelaars. Die geven hun gegevens niet uit handen, zegt Wicherts – daarom onderzocht hij ook zulke oude data. „Er is heel weinig geld voor dit soort onderzoek. Je krijgt niet snel een grote NWO-subsidie voor valideringsonderzoek van een IQ-test.”

De testontwikkelaars valideren nieuwe tests zelf of kopen de rechten van bestaande tests. Pearson, uitgever van de RAKIT heeft niet gereageerd op vragen naar aanleiding van het onderzoek. Kwaliteit, normering en handleiding van IQ-tests worden beoordeeld door de Commissie Testaangelegenheden Nederland (COTAN) van het Nederlands Instituut van Psychologen. Het ministerie van Onderwijs laat het gebruik van goedgekeurde tests aan scholen over.

De COTAN kijkt niet genoeg naar mogelijke verschillen tussen allochtonen en autochtonen, geeft Merel Braak van de COTAN toe. „Fairness, eerlijkheid, is momenteel niet een van de zeven categorieën waarop wij tests beoordelen en het is ons gebleken dat de testontwikkelaars zelf er ook weinig onderzoek naar doen. We hopen fairness in 2012 als beoordelingscategorie toe te voegen.” Ja, dat is laat, zegt ze. „Hoewel dit probleem al heel lang bekend is, zijn we er nog niet toe gekomen.”