Een garage vol vroege Picasso's

Een elektricien bezit een koffer vol Picasso’s. Waarde: 60 miljoen euro. Een cadeau, zegt hij. Maar Picasso was niet gul. De politie vermoedt diefstal.

Pierre Le Guennec en zijn vrouw voor hun huis. Uit hun koffer linksboven 'Papier colle pipe et bouteille', rechts een schilderij van een hand en midden een tekening van een paard. Foto's Succession Picasso, AFP, AP This photo provided Monday Nov.29, 2010 by the Succession Picasso shows an artwork "Papier colle pipe et bouteille" (Copy paste pipe and bottle) by Picasso. A retired French electrician and his wife have come forward with 271 undocumented, never-before-seen works by Pablo Picasso estimated to be worth at least euro 60 million ($79.35 million), an administrator of the artist's estate said Monday.(AP Photo/Succession Picasso) NO SALES - EDITORIAL USE ONLY - MANDATORY CREDIT: SUCCESSION PICASSO AP

Een ongekende schat, noemen kenners de inhoud van de koffer waarmee elektricien Pierre Le Guennec en zijn echtgenote Danielle in september het Picasso Bureau in Parijs binnen kwamen lopen. Te mooi om waar te zijn, eigenlijk. De inhoud: 271 tot nu toe onbekende werken van Pablo Picasso (1881-1973). Een doos vol litho’s, aquarellen, schilderijen, schetsboeken, foto’s en tekeningen, plus negen kubistische collages die samen alleen al veertig miljoen euro waard zijn. De totale waarde van de werken wordt geschat op zestig miljoen euro.

Volgens het echtpaar Le Guennec heeft Pablo Picasso de collectie in de vroege jaren zeventig aan hen cadeau gedaan, als dank voor de werkzaamheden die Pierre had verricht in drie van Picasso’s huizen aan de Rivièra, waaronder de aanleg van een alarmsysteem. De kunstschat was jarenlang in hun garage in het Zuid-Franse plaatsje Mouans-Sartoux opgeborgen. De laatste maanden was de gezondheid van de 71-jarige Pierre Le Guennec wat achteruitgegaan en daarom wilde hij zijn erfenis in orde maken. Dus was het echtpaar die septemberdag op de trein naar Parijs gestapt, in de hoop dat Picasso’s zoon Claude Ruiz-Picasso, verantwoordelijk voor de nalatenschap van zijn vader, de werken zou kunnen autoriseren.

Dat de werken echt zijn, staat volgens het Picasso Bureau vast. Maar het verhaal van de herkomst klopt volgens Ruiz-Picasso niet. Zijn vader stond bekend als iemand die nooit iets weggooide, vertelde hij gisteren aan het Franse dagblad Libération. „Hij bewaarde alles: brieven, metrokaartjes, entreebewijzen voor het theater of stierengevechten. Zijn cadeaus werden altijd door hem gesigneerd en van een opdracht voorzien. En hij heeft systematisch al zijn werken gedateerd.”

Het feit dat veel van de nu gevonden werken ongedateerd zijn, bewijst volgens het Picasso Bureau dat ze het atelier niet met Picasso’s toestemming verlaten kunnen hebben. Het vermoeden bestaat dat de werken gestolen zijn. Op 5 oktober deed de Franse politie daarom een inval in het huis van het echtpaar Le Guennec waarbij alle kunstwerken in beslag werden genomen. Justitie is inmiddels een onderzoek begonnen naar de herkomst.

„Wat bijvoorbeeld vreemd is”, zegt woordvoerder Claudia Andrieu van het Picasso Bureau, „is dat Le Guennec eerst zei dat hij de collectie van Picasso zelf had gekregen, maar dat hij twee weken later opeens beweerde dat de werken hem door Picasso’s vrouw Jacqueline waren geschonken. Omdat er te veel van dit soort vragen zijn over de vondst, heeft ons bureau een claim ingediend.”

Picasso was een van de productiefste kunstenaars aller tijden, die naar schatting 40.000 werken heeft nagelaten. Dat er zo nu en dan een onbekend werk opduikt, verrast dan ook niemand. Maar zo’n grote hoeveelheid nog niet eerder gedocumenteerde kunstwerken is ongekend, zegt het Picasso Bureau. „Het is gewoon een ongelofelijk verhaal”, zegt Claudia Andrieu. „Te bizar voor woorden, als een sprookje.”

De werken stammen uit de jaren 1900, toen Picasso als jonge onbekende schilder in Parijs arriveerde, tot 1932, toen hij zijn eerste solotentoonstellingen kreeg. Er zitten aquarellen uit zijn blauwe periode tussen, maar bijvoorbeeld ook gouaches op papier, een dertigtal litho’s en enkele op doek geschilderde schetsen van handen. In de twee schetsboeken staan onder meer tekeningen van Picasso’s eerste vrouw Olga en een karikatuur van de nog jonge criticus André Salmon, die Picasso hielp toen hij in Montmartre kwam wonen.

In één van de boeken staan alleen al vijftien studies voor De Drie Gratiën uit 1923 en uniek zijn bijvoorbeeld ook de tekeningen van landschappen, voor Picasso een zeldzaam onderwerp.

Jan van Adrichem, hoofd collecties van het Stedelijk Museum in Amsterdam en auteur van het boek De ontvangst van de moderne kunst in Nederland, 1910-2000. Picasso als pars pro toto, noemt de vondst van „zo’n enorme berg Picasso’s tegelijk” een unieke gebeurtenis. „Zo’n ontdekking is nooit eerder gedaan.” Diefstal ligt dan ook voor de hand, zegt Van Adrichem. „Picasso was helemaal niet zo vrijgevig. En als hij iets weggaf, dan signeerde hij. Ooit heeft hij eens, als een bijzondere geste, wat ongesigneerde werken aan zijn maîtresse Marie-Thérese Walter gegeven. Omdat zijn handtekening ontbrak, kon zij die destijds maar heel moeilijk te gelde maken.”

De eerste prioriteit, zegt Claudia Andrieu van het Picasso Bureau, is nu om de werken te beschermen. „Dit is een historische collectie, van groot belang voor de generaties die na ons komen. We zouden niet willen dat zo’n verzameling uit elkaar valt. Voor ons is van belang de collectie zeker te stellen. Wat er echt gebeurd is, ontdekken we later wel. Dat is aan de rechter.”