Dit heeft inhoud, ook alziet 't er goed uit

Daan Roosegaarde mixt kunst, design, architectuur en mode met de nieuwste digitale technieken.

Maar zijn werk heeft vooral ook een sociale functie.

'Dune 4.1' was te zien in de Maastunnel in Rotterdam als onderdeel van de Internationale Architectuur Biënnale. Foto Lotte Stekelenburg

Op de dijk langs de Maas, bij de Watertorenweg in Rotterdam, staat het digitale riet zachtjes te gloeien in de schemering. Het witte licht gaat als de ademhaling van een slapend lichaam op en neer: regelmatig. Als we dichterbij komen beginnen de witte plastic punten van de zwarte stengels op te lichten, alsof het riet wakker wordt. Als ik er met mijn hand overheen strijk breng ik een vloeiende lichtgolf teweeg; ik klap in m’n handen en krijg een nerveuze bliksemschicht als respons.

Dit is Dune, het bekendste werk tot nu toe van Daan Roosegaarde (31). Van Dune bestaan inmiddels ten minste 25 exemplaren op diverse plekken over de hele wereld. Zestig meter Dune gebruikt de elektriciteit van een halve straatlantaarn. Poëtische technokunst, zo noemt Roosegaarde het.

Het gaat hard met Roosegaarde en zijn interactieve projecten, waarin hij kunst, design, mode, architectuur, digitale technologie en materiaalonderzoek met elkaar verweeft. Zelf is hij broodmager en schijnbaar onvermoeibaar, zo iemand bij wie je je afvraagt waar de uitknop zit – en of er überhaupt wel één is. Vorig jaar won hij op de Eindhovense Design Weekde Dutch Design Award voor het beste autonome design met Flow 5.0, een vier meter hoge structuur van led-buizen die op geluid en beweging reageren. Veel van zijn werken krijgen serienummers – Flow 5.0, Liquid Space 6.1 – die doen denken aan software met telkens een nieuwe update.

Zijn werk is op de meest uiteenlopende plekken te zien geweest, van Tate Modern in Londen tot het Haagse stadhuis, van het Nationaal Museum in Tokio tot het Oerolfestival op Terschelling en van de Central Academy of Fine Arts in Peking tot de Maastunnel. Naarmate Roosegaarde bekender wordt, worden de projecten en de opdrachten steeds groter. Voor een modeketen in Hongkong ontwikkelt hij een gevel van tienduizend vierkante meter groot van een materiaal dat op passanten reageert.

De opdrachten komen nu voor 80 procent uit het buitenland, zegt hij, vooral Azië. „Singapore wil zijn uiterwaarden die voor waterberging zijn vrijgehouden als interactieve publieke ruimte inrichten. Saoedi-Arabië wil een duurzame snelweg die zelf energie produceert. Europa? Hier kan ik onderzoek doen, maar het toepassen daarvan gebeurt allemaal elders.” Binnenkort opent hij een tweede studio in Shanghai. „Ik houd ervan onderweg te zijn. Ik voel me merkwaardig genoeg thuis op vliegvelden; ik doe m’n beste werk in het vliegtuig.”

De studio in Waddinxveen zorgt ervoor dat de deadlines worden gehaald en dat hij zijn gedachten vrij kan laten gaan. „Mijn taak is om out there te zijn.” In de studio is Peter de Man, hoofd software en interactie, bezig met het nieuwe kunstwerk, een familie van interactieve lichtobjecten in verschillende maten voor autistische kinderen. Als je in de buurt komt beginnen ze op te lichten; als je ze aanraakt of zelfs omhelst veranderen ze van kleur en lichtintensiteit en maken ze geluid.

De studio deelt de loods met het bedrijf Axis Stuifmeel, dat de kunstwerken assembleert. Roosegaarde: „We maken alles zelf – de sensoren, de onderdelen, de software. Die zijn voor ons wat verf is voor een schilder; we moeten zelf de controle houden. Bovendien ben ik veel op reis, en als ik in Nederland ben wil ik heel geconcentreerd kunnen werken.” Niet voor niets is zijn lijfspreuk ‘Home is where the laptop is’.

Roosegaarde wil niet alleen digitale kunstwerken bedenken, maar ook maken én onderhouden. Het werk wordt ontworpen om zoveel mogelijk hufterproof te zijn. Dune is zo geprogrammeerd dat het zijn makers elke week een sms stuurt over zijn welzijn: hoeveel passanten er zijn geweest, hoeveel ‘stemmingen’ er doorheen zijn gewaaid, of er iets kapot is.

„Mijn werk heeft in eerste instantie een sociale functie”, zegt Roosegaarde. „Het bestaat bij de gratie van technologie, maar die zie je niet. De sensoren, de luidsprekers, de algoritmen – onzichtbaar. Ik wil kunst maken die de invloed van technologie op ons leven laat zien, niet de technologie zelf. Daarom zit er in mijn nieuwe boek Interactive Landscapes een how to-pagina waarin van ieder kunstwerk wordt uitgelegd hoe het in elkaar zit. Ik wil de techniek juist niet mystificeren. Onze verhouding tot technologie zit mij nu te veel in de sfeer van gadgets als de iPhone en de iPad. Ik wil het idee van interactie losmaken van een product. Mijn werk kan ervoor zorgen dat de digitale wereld persoonlijker wordt. De cruciale vraag is of de technologie ons helpt om meer mens te worden.”

Hij is benieuwd naar wat er gebeurt als de technologie de sprong uit het beeldscherm maakt „en wordt opgenomen in onze muren, onze lichamen, onze stedelijke landschappen.” Zijn nieuwste plan is om scheikundig ingenieurs uit te nodigen om in de studio samen te werken. „Ik zou graag leren om werken te laten groeien in plaats van ze alleen te bouwen.”

Het steekt hem dat sommige mensen zijn werk als decoratief afdoen. „Die kritiek begrijp ik eigenlijk niet: bij mijn kunstwerken gaat het net zozeer om hoe ze zich gedragen als om hoe ze eruitzien. Het is niet zo dat iets wat er goed uitziet per definitie geen inhoud heeft. De esthetiek is een poort om mensen doorheen te lokken, om ze van toeschouwer deelnemer te maken.”

„Van mij mag dat valse sentiment over kunst eruit. Dit is gewoon een bv, die dankzij de eigen niche ook eigen onderzoek kan doen. Kunst heeft veel te lang in het verdomhoekje gezeten, zich in het subsidiegat laten vallen. Kunst heeft geen eigen economie; ze vraagt de overheid om ondersteuning. Als ik alleen al naar de wereld van de e-cultuur kijk, is het bizar hoeveel geld er voor promotie aan de strijkstok blijft hangen. Praten wordt beter beloond dan doen, dan vakmanschap. Ik vind de kunstwereld heel defensief. Ik wil mijn eigen broek ophouden en de wereld bestoken met mijn werk.”

Bekijk het werk van Daan Roosegaarde op studioroosegaarde.net