Zwitserse waarden

Aan criminele buitenlanders in eigen land is geen behoefte, zegt de Zwitserse bevolking in een referendum dit weekend. Een krappe meerderheid stemde voor een oppositievoorstel om veroordeelden van ernstige gewelds- of zedenmisdrijven of steunfraude uit te wijzen. En dit ‘ongeacht hun verblijfsstatus’. Een vrijwel gelijkluidend tegenvoorstel van de regeringspartijen om tegelijk ook het recht op inburgering in de wet vast te leggen, haalde het niet.

Voor dergelijke referenda komt ongeveer 53 procent van de Zwitsers naar de stembus. De vraag of er een verbod op de bouw van minaretten moest komen, trok evenveel kiezers. Met dito resultaat. Ook in Zwitserland is er dus een vocale minderheid wars van buitenlanders. En is er een communis opinio dat het plegen van misdrijven tot uitzetting moet leiden. Dat is in Nederland en elders in Europa niet anders. Juridisch is uitwijzing bovendien een reële mogelijkheid. Het debat gaat over de hoogte van de drempels, niet over de drempels zelf. In het regeerakkoord van het kabinet Rutte staat bijvoorbeeld: „Uitzetting van strafrechtelijk veroordeelde vreemdelingen vindt eerder en vaker plaats.”

De discussie spitste zich daarbij in Nederland in 2007 toe op de vraag of ook EU-burgers naar een ander deel van de EU verwijderd konden worden. Welke criteria gelden in het EU-recht om het beginsel van vrij verkeer van personen en goederen in individuele gevallen in te mogen perken? Het groepsgewijs verplaatsen van (EU-)buitenlanders, zoals de verwijdering van Roma uit Frankrijk, levert vrijwel onmiddellijk problemen op met het discriminatieverbod. Maar op individuele basis kan er veel. Vorige week maakte het EU Hof in Luxemburg in de zaak Tsakouridis uit dat een Griek die in Duitsland was geboren en getogen na een drugshandelvonnis van zes jaar naar Rhodos verwijderd mocht worden. Zijn misdrijven werden een „actuele, werkelijke en voldoende ernstige bedreiging voor een fundamenteel belang van de samenleving” gevonden. Zijn belangen, van voortzetting van zijn gezinsleven in Duitsland na zijn straf als ingeburgerde, wogen niet op tegen de schade die hij met georganiseerde drugshandel had aangericht.

Het Zwitserse referendum stelt nu twee vragen: is steunfraude ook zo’n fundamentele aantasting dat het je verblijfsvergunning mag kosten? En betekent ‘ongeacht verblijfsstatus’ ook dat daarmee bijvoorbeeld het verbod op ‘refoulement’ voor erkende vluchtelingen vervalt? Die eerste vraag mag een land mede zelf beantwoorden. Maar die tweede niet. Wie erkende vluchtelingen door uitzetting aan marteling of levensgevaar blootstelt, handelt tegen de mensenrechten. Dat is ook Zwitserland onwaardig.