Raadsheer Otte maakt een gefrustreerde indruk

Ik werk al bijna acht jaar bij de strafkamers van de rechtbank Den Haag en herken mij totaal niet in het negatieve beeld dat raadsheer Rinus Otte schetst van niet-zelfkritische en luie rechters (NRC Handelsblad, 18 november). Ik ben weliswaar rechter-plaatsvervanger, maar draai erg veel zittingen en als er één sector is waar hard wordt gewerkt, is het wel de strafsector. Het is een van de redenen waarom ik – ondanks herhaald aandringen van de kant van de rechtbank – nog altijd niet in vaste dienst wil treden, in verband met de combinatie zorg en werk: de nooit aflatende werklast.

De onnodige aanhoudingen van strafzaken – inderdaad inefficiënt, maar ook al zo oud als de wereld en inherent aan een zorgvuldig strafrecht – worden klakkeloos op het conto geschreven van onhandig opererende strafrechters, hoewel zij slechts in een fractie van de gevallen hiervoor verantwoordelijk zijn of er zelfs maar invloed op kunnen uitoefenen. Natuurlijk moet er continu worden gewerkt aan doelmatige benutting van zittingstijd, om verspilling van geld te voorkomen.

De krant geeft hier ruim baan aan een kennelijk hevig gefrustreerde technocratische betweter, die over de rug van heel hard werkende beroepsgenoten nu als hoogleraar de beeldvorming nog verder kan verstieren.

Heleen van Maurik

Rechter-plv. strafsector rechtbank Den Haag