Eigen toptalent versus buitenaardse sterren

Vanavond wordt el clásico tussen Barça en Real gespeeld.

Een duel tussen topclubs die ruim de helft van de tv-rechten in het noodlijdende Spaanse voetbal opslokken.

Barcelona-fan Mario 'Nicara' Hernandez, winkelhouder in een voorstad van San Salvador, poseert met hond Coqui voor zijn auto. Foto AFP Mario Hernandez a.k.a "Nicara" poses with his dog Coqui and his car in Soyapango, a suburb of San Salvador, on November 27, 2010. Hernandez, a store owner, is a hardcore fan of Spanish Barcelona Football Club and is getting ready to watch the game between Barcelona and Real Madrid, which will take place on Monday. AFP PHOTO/ Jose CABEZAS AFP

Als FC Barcelona vanavond aftrapt tegen aartsrivaal Real Madrid, zit Salvador Balsells niet op de tribune in Camp Nou. Balsells (62) is al 49 jaar socio van de Catalaanse club. Als voorzitter van een koepel van tientallen fanclubs in Oost-Barcelona zit hij in de raad van advies van Barça. Dankzij die erebaan kon hij altijd gratis naar thuiswedstrijden.

Maar nu Barça streng bezuinigt, moet ook Balsells een kaartje kopen. Voor het duel van vanavond zou dit 150 euro kosten. „Dat vond ik te veel, zelfs voor een clásico”, vertelt Balsells, terwijl hij een rondleiding geeft door het clubhuis in L’Hospitalet de Llobregat, een voorstad van Barcelona. Hier volgt hij vanavond in een zaaltje met tweehonderd man de wedstrijd op een groot scherm. De plastic stoelen staan al hoog opgestapeld klaar.

Barcelona is aan het bezuinigen geslagen onder de nieuwe voorzitter Sandro Rosell. Toen hij in juli aantrad liet hij de boekhouding napluizen van zijn voorganger Joan Laporta. Daaruit bleek dat Barcelona vorig seizoen geen 11 miljoen euro winst had gemaakt, maar 77,1 miljoen verlies.

De sportieve prestaties waren de laatste jaren onder Laporta prima. Maar hij bleek ondertussen de uitgaven te hebben laten exploderen. In de boekhouding werd dit gecamoufleerd door alvast inkomsten in te boeken (uit vastgoed en tv-rechten) die de club in feite pas in de komende jaren zal opstrijken.

Fanclubvoorman Balsells vindt het uit clubbelang gerechtvaardigd dat hij nu moet betalen voor zijn kaartje. Bovendien hebben ook de clubleiding en andere bobo’s de decadente levensstijl onder Laporta afgezworen. „Je zag de gekste dingen. Ze vlogen met een privéjet naar buitenlandse wedstrijden, waar ze – met hun vrouwen – konden overnachten in vijfsterrenhotels. Of er waren verre reizen naar Abu Dhabi en Oezbekistan.” Als Balsells tegenwoordig in de skyboxen komt, ziet hij er geen bacchanalen met veel cava en chique hapjes. „Het gaat er nu een stuk rustiger aan toe.”

Volgens sporteconoom en voetballiefhebber José Maria Gay is het voor Barcelona gemakkelijk orde op zaken te stellen. „De uitgaven waren exuberant gestegen, daar valt veel te snijden. Ondertussen genereren ze genoeg inkomsten om binnen drie, vier jaar uit de problemen te zijn.”

Ook al heeft Barcelona nu een negatief eigen vermogen, het staat er gezonder voor dan Real Madrid. Gay: „Cijfers zeggen niet alles. Zo is Real Madrid nu de grootste club ter wereld, met een balanstotaal van 880 miljoen euro. Maar dat komt vooral omdat ze veel investeren in grote namen. Dit verhoogt de activa, maar voor al die ‘galactische’ aankopen gaan ze ook schulden aan.” Barcelona daarentegen leunt sterker op de eigen opleiding. „Op termijn gezonder.”

Volgens Gay – zelf fan van Espanyol – zijn deze verschillende bestuursstijlen vanavond terug te zien op het veld. „Real Madrid is een team van huurlingen. Ze spelen efficiënt, om betaald te worden. Barcelona heeft een natuurlijke, speelse stijl. Als Ronaldo scoort, steekt hij zijn borst naar voren, alsof hij wil zeggen: ‘Hier ben ik voor gehaald’. Als Messi scoort viert hij het met zijn teamgenoten, als jongens die een balletje trappen.”

Ondanks hun contrasterende karakters en bestuursstijlen, zijn beide clubs sterk genoeg om uit de problemen te blijven, stelt Gay. „Ze genereren genoeg cashflow en hun merken zijn internationaal zo populair, dat ze eigenlijk niet failliet kunnen gaan.”

Dat geldt niet voor de overige achttien clubs in de Primera Division. Om te voorkomen dat Real of Barça hun beste spelers wegkopen en het verschil met de grote twee nog groter wordt, zijn lager geplaatste clubs steeds hogere salarissen gaan betalen. Tegelijkertijd hebben zij geen toereikende inkomsten, omdat tv-rechten in Spanje niet centraal, maar per club en per duel verkocht worden. Hierdoor slokken Real en Barcelona ruim de helft van alle tv-inkomsten op.

Gevolg: in het land van de regerend wereldkampioen zijn alle clubs uit de hoogste divisie – op Real na – technisch failliet. Deze zomer hadden ze samen 1,5 miljard euro aan schulden, voornamelijk bij lokale en regionale spaarbanken. Deze staan onder invloed van de gemeentelijke of regionale politiek die bereid is de clubs overeind te houden. Geen politicus die ooit herkozen wil worden, weigert de lokale voetbalclub een lening.

Maar dezelfde cajas zijn ook, veel meer dan ‘gewone’ banken, geraakt door het uiteenspatten van de vastgoedzeepbel in Spanje. Sinds het uitbreken van de kredietcrisis wordt het steeds moeilijker de aflopende leningen van de clubs te herfinancieren. Sommige clubs betalen al maanden geen spelerssalarissen uit.

Met de financiële storm in de eurozone dreigt krediet in Spanje alleen maar schaarser te worden. Uiteindelijk, denkt Gay, zal de regering daarom het Spaanse voetbal moeten redden – al heeft ook zij nu geen geld. Gay, lachend: „Als Europa en het IMF ons met hun noodfonds komen redden, moet de regering gewoon 1,5 miljard extra naar de cajas doorsluizen. Om het voetbal mee te redden.”

Tot het eventueel zover is, kan het voorkomen dat banken huiseigenaren met betalingsproblemen uit hun woning zetten, maar tegelijkertijd geld blijven lenen aan clubs die spelers miljoenensalarissen uitkeren. Gay: „Daar zit geen economische logica achter. Maar zoals [Servische trainer] Boškov al zei: voetbal is voetbal.”

    • Merijn de Waal