Zelf kiezen, zo hoort het

Bij de veertigste verjaardag van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) past een balans: een demografisch drieluik van Nederland. Dirk Vlasblom

Moderne Nederlanders hechten aan hun persoonlijke autonomie. Ze zullen ontkennen dat ze zich bij het kiezen van een partner, of bij de beslissing om te trouwen en kinderen te nemen, laten beïnvloeden door hun ouders, familie of dominee. Maar ze doen het wèl.

De afgelopen decennia kreeg Nederland niet alleen te maken met individualisering, maar ook met grote groepen nieuwkomers. Hoe staat het met de sociale samenhang in Nederland? Is het maatschappelijk cement aan het verkruimelen? Heeft de immigratie schotten opgetrokken tussen groepen jonge Nederlanders?

Onderzoekers van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) houden de veranderingen al veertig jaar bij.

Steeds meer mensen wonen alleen, maar daardoor zijn we niet eenzamer geworden. We compenseren daarvoor in onze sociale contacten. En de solidariteit tussen de generaties is niet verminderd.

De tweede generatie Turken en Marokkanen vernederlandst, maar trouwt vooral onderling. Want zij komen jonger op de huwelijksmarkt dan autochtone leeftijdgenoten en vinden daar vooral elkaar.

Ondanks de individualisering zijn familiebanden niet losser geworden en kinderen doen nog steeds vooral wat hun sociale milieu eist. Zo trouwen hoogopgeleiden met hoogopgeleiden, en die eenkennige partnerkeuze verbreedt de inkomenskloof.