Referendum zegt wat mensen denken, niet wat kan

De juridische haalbaarheid van het referendum waarvoor Zwitserland morgen stemt, is twijfelachtig. Zes vragen over directe democratie in de Zwitserse praktijk.

Alweer een referendum?

Directe democratie is een van de fundamenten onder het Zwitserse zelfbesef. „Wij hebben de verst uitgebouwde directe democratie ter wereld’’, zegt opiniepeiler Claude Longchamp. Dat er maar honderdduizend handtekeningen nodig zijn om een referendum af te dwingen, en dan ook nog een referendum met kracht van wet, vervult de Zwitsers met trots. Zij zien dat als een verfrissend middel tegen kaasstolplucht en een uitlaatklep voor frustratie.

Het gaat morgen over de vraag of veroordeelde buitenlanders automatisch moeten worden uitgewezen. Kan dat wel?

Zoals de plannen van Wilders soms stuiten op Europese regels, zo betwijfelen de meeste Zwitserse juristen of het initiatiefvoorstel over uitwijzing juridisch haalbaar is. De tekst is slordig geformuleerd en op een aantal punten in strijd met het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens. In het voorstel wordt geen uitzondering gemaakt voor het geval dat redelijkerwijze verwacht kan worden dat een uitgewezen persoon in zijn geboorteland zal worden gemarteld. Evenmin wordt in aanmerking genomen dat uitwijzing een gezin uit elkaar kan rukken.

Waarom wordt er dan toch over gestemd?

Er waren in recordtijd 210.000 handtekeningen opgehaald. Dat was een zwaarwegend argument toen het parlement deze zomer moest besluiten of het referendum toelaatbaar was. De politiek voelde zich onder druk gezet. „Bij de Zwitserse politieke traditie hoort de gedachte dat het volk besluit”, zegt internationaal jurist Walter Kälin. „Die gedachte gaat terug tot de negentiende eeuw. De kiezers moeten daarbij zo veel mogelijk vrijheid hebben.”

Kunnen kiezers dan zomaar voorbijgaan aan internationale verdragen?

Daarover was ook al debat bij de grondwetsherziening van 1999. Als compromis is toen gezegd dat het dwingend internationaal recht, het ius cogens, heilig is. Dit is het grotendeels ongeschreven internationaal recht dat in veel VN-verdragen in de preambule staat en dat onder andere genocide, slavernij en rassendiscriminatie verbiedt. Andere internationale verdragen zouden wel genegeerd mogen worden. Volgens Giusep Nay, oud-president van het Hooggerechtshof, komt Zwitserland op een hellend vlak. „De SVP doet alsof het volk altijd en overal de mogelijkheid heeft om het recht te veranderen. Dan kom je aan de grenzen van de rechtsstaat. Het wordt steeds duidelijker dat rechtsstaat en democratie op gespannen voet met elkaar komen te staan als je het idee van directe democratie altijd laat prevaleren. Je kunt niet bij referendum onderdelen van het internationale recht afschaffen.” Hij vindt het dan ook schadelijk voor de gekoesterde directe democratie dat de kiezers mogen stemmen over iets wat eigenlijk niet kan. „Heb dan de moed om ze de waarheid te zeggen.”

Staat de directe democratie hierdoor ter discussie?

Niet echt. Maar Michael Hermann, politiek geograaf, denkt wel dat de grenzen zijn bereikt. „Net als in veel andere landen is er een groot verschil tussen de elite en gewone mensen die hardere straffen willen. Ik denk dat in de meeste landen de mensen dat wel willen, maar daar hebben ze niet zo’n directe democratie. Ons systeem laat beter zien hoe mensen denken. Het is een mooi systeem, maar de reputatie van Zwitserland begint er wel onder te lijden.”

Hoeveel buitenlanders wonen er eigenlijk in Zwitserland?

Ongeveer 22 procent van de bevolking heeft geen Zwitsers paspoort. Dat is veel meer dan in andere Europese landen. Een verklaring daarvoor is dat je twaalf jaar in Zwitserland moet hebben gewoond voordat je een paspoort kunt aanvragen. Daarna kost het nog veel tijd en geld voordat je wordt genaturaliseerd.