Op deze brug is: 700 x 5 = 5

Zou het waar zijn? Komt er weer een Elfstedentocht? Hopelijk schaatsen de nummer één en twee van 1997, Henk Angenent en Erik Hulzebosch, mee. Een brug met vijf schaatsers ligt al op ze te wachten. Of zijn het er 3.500?

De laatste brug voor de finish van de Elfstedentocht is versierd met fotootjes van deelnemers die de eindstreep haalden. Foto's Alex Prooper

Wie hoopt er niet op een Elfstedentocht deze winter – voor het eerst sinds 1997? Als die er komt, zullen de rijders onder een bijzondere brug door schaatsen. Het is de laatste brug voor de finish in Leeuwarden en hij staat hierboven op de foto.

We zien vijf schaatsers achter elkaar. Maar wacht even. Komen we dichterbij, dan zien we allemaal kleine fotootjes van schaatsers. De grote foto is een mozaïek van meer dan 3.500 van die portretfotootjes. Allemaal van doorzetters die ooit de finish van de Elfstedentocht hebben gehaald.

Maar: hoe weet je waar je de portretfoto’s moet plaatsen om precies de grote foto met vijf schaatsers te krijgen? Kunstenaar en softwareontwikkelaar Alex Prooper heeft dat uitgezocht met wiskunde op de computer. Vorige week zaterdag vertelde hij het geheim tijdens de jaarlijkse bijeenkomst over kunst en wiskunde.

Prooper begon met de foto van de vijf schaatsers. Die verdeelde hij in duizenden vierkantjes. Pixels in computertaal. De beelden op je computerscherm zijn ook opgebouwd uit zulke pixels: sommige zijn donker, andere zijn licht. Samen zorgen ze als puzzelstukjes voor het beeld.

Prooper liet zijn computer uitrekenen hoe licht of donker elk pixel van de grote foto gemiddeld was. Dan kon hij op die plek een portretfoto zetten, die ongeveer even licht of donker was.

Er was alleen één probleem: de grote foto bestond uit veel meer pixels dan er portretfotootjes waren. Anders gezegd: die kleine fotootjes van schaatsers waren te groot.

Daarom liet Prooper de computer elk klein fotootje ook opdelen: in acht bij acht (64 dus) kleine stukjes. Voor elk van die stukjes liet hij de computer weer uitrekenen hoe licht of donker het was. Toen was het probleem bijna opgelost. Nu hoefde de computer alleen nog maar uit te rekenen welke fotootje steeds het beste paste bij een groepje pixels van de grote foto. Klaar was Kees.

“Ik kan niet schilderen”, zegt Prooper, “maar ik ben wel goed met computers. De computer is mijn kwast en daar maak ik kunst mee.” Hij heeft zijn fotokunstwerken de Engelse naam ‘photile’ gegeven, wat je uitspreekt als ‘fotajl’.

De kunstenaars Maree Blok en Bas Lugthart hebben het computerontwerp van Prooper gebruikt om het Elfstedenmonument op de brug te maken Van elk klein fotootje lieten zij een Delfts-blauw tegeltje maken, en een tegelzetter heeft alle tegeltjes daarna op de brug vast gemaakt.

Nu moet de mozaïekbrug alleen nog wachten op de eerste Elfstedenschaatsers. Bennie Mols