‘Ook verjaring van zware gewelds- en zedenmisdrijven afschaffen’

De Tweede Kamer wil de verjaring van zware gewelds- en zedenmisdrijven afschaffen. Dit bleek deze week bij de behandeling van de eerste begroting van minister Opstelten (Veiligheid en Justitie). Die zei dat een goed idee te vinden,  maar wilde er intern eerst eens ‘goed over praten’. Wel zei hij verjaring van zedenmisdrijven tegen kinderen niet te willen laten verjaren.

Daarmee herhaalde hij het standpunt van het vorige kabinet dat  met een gelijk voorstel reageerde op de ophef rondom misbruik door priesters van hun pupillen. Lees daarover hier een bericht. Dat leidde in maart tot een discussie over het nut van verjaring en de bezwaren ertegen.

De discussie over verjaring van ernstige geweldsmisdrijven in de Kamer werd nu ook veroorzaakt door een incident in het nieuws. Het televisieprogramma Andere Tijden interviewde de dader van de zogeheten Makro branden, René Roemersma, die destijds tot vijf jaar cel werd veroordeeld maar na negen maanden vrijkwam na een vormfout van de rechter commissaris.

Bekijk hier beelden over de RaRa aanslag uit 1985

[youtube]http://www.youtube.com/watch?v=Dvbf-1f_DYs[/youtube]

Strikt genomen is er in deze zaak geen sprake van verjaring omdat die met een onherroepelijk oordeel is afgesloten. Maar het maakte wel weer het gevoel los dat daden uit het verleden niet onbestraft mogen blijven. Het nieuwe VVD Kamerlid Ard van der Steur, oud advocaat, trok het thema naar zich toe en vertelde in diverse media dat ’daders zich nooit veilig mogen voelen’. Net zo goed als slachtoffers ‘ook levenslang’ last kunnen hebben van het misdrijf.  Bekijk hier journaalbeelden van zijn lobby.

In 2005 werd de verjaringstermijn van 18 jaar voor delicten waarop een levenslange celstraf staat al geschrapt. Het nieuwe voorstel richt zich op misdrijven waarop twaalf jaar of meer staat. De discussie over verjaring is in 2000 aangezwengeld door de D66 parlementariër Boris Dittrich, die er een opinieartikel in de Volkskrant over schreef. Dat resulteerde in 2003 in een initiatiefwetsvoorstel, samen met het CDA.  Lees hier de memorie van toelichting bij dat wetsvoorstel.  Belangrijkste rede: de opkomst van DNA technologie, foto en videotechniek. En: het leed dat de slachtoffers is aangedaan is belangrijker dan de behoefte om er ‘een streep onder te zetten’. Met name het verjaren van het misdrijf moord is onacceptabel vanuit een oogpunt van vergelding.

Aan verjaring kleven echter ook voordelen. Het schept duidelijkheid, het ontlast politie en justitie van ‘cold cases’. Bewijsproblemen worden vermeden: overleden getuigen, verzwakte geheugens, vervaagde sporen. Is vervolging decennia later nog wel billijk? Is de dader nog dezelfde persoon als destijds? Ook wordt wel aangevoerd dat de dreiging van vervolging, het voortvluchtig zijn, een plaatsvervangende straf kan zijn. Lees hier het commentaar uit maart en hier het commentaar van deze week over de functionaliteit van verjaring.

Opstelten zei in de Kamer  dat opheffen van de strafrechtelijke verjaring ook consequenties moet hebben voor het recht op schadevergoeding. Ook de civielrechtelijke verjaring moet dan worden geschrapt. ,,Het zou immers merkwaardig zijn dat de dader na vele jaren nog wel strafrechtelijk kan worden vervolgd, maar dat de slachtoffers van het misdrijf niet meer de mogelijkheid hebben om hun schade op de dader te verhalen.´´ Bij de vereniging voor strafrechtadvocaten is weinig enthousiasme voor het verder belasten van het strafrecht, nu ook met misdrijven uit een ver verleden. Dat slachtoffers ook twintig jaar later recht op genoegdoening hebben wordt onderschreven, maar niet via het strafrecht. Ook daar vindt men dat een civiele claim die de burger dus zelf moet indienen (en vaak zelf financieren) de aangewezen weg is.

Wat vindt u? Nuanceren en argumenteren verplicht. Volledige naamsvermelding.