Nederland valt in de prijzen op IDFA

Het 23ste Internationaal Documentaire Filmfestival Amsterdam (IDFA) is een Nederlands onderonsje geworden. Gistermiddag won de documentaire Stand van de sterren van Leonard Retel Helmrich zowel de hoofdprijs voor de beste lange documentaire als voor de beste Nederlandse documentaire.

De beste middellange documentaire ging naar People I Could Have Been and Maybe Am van Boris Gerrets, die met de camera van zijn mobiele telefoon een band opbouwt met vreemdelingen in Londen. Is die film visueel rauw, met Stand van de sterren viel de jury opnieuw voor de droefkomische observaties en het haast vloeibare camerawerk van Retel Helmrich. In 2004 won zijn Stand van de maan, het tweede deel van het drieluik over de Javaanse familie Sjamsudin, ook al de hoofdprijs.

Het IDFA kan tevreden terugkijken. De prognose van het aantal bezoekers staat op 180.000 kaartjes, 15.000 meer dan vorig jaar, wat staat voor een recette van 850.000 euro. Het IDFA draaide dit jaar minder films (ruim 280) in meer zalen, volgens directeur Ally Derks om het publiek een betere kans te geven de films ook daadwerkelijk te zien.

Het niveau van de competities was hoog, maar zonder veel uitschieters. Wereldleed in de categorieën conflict, milieu en armoede vormden zoals altijd de hoofdmoot, minder prominent waren dit jaar films over nieuwe, digitale levensstijlen, persoonlijke documentaires en humor – de lichte toetst ontbrak. Het IDFA-publiek waardeerde hoopvolle, inspirerende documentaires. De fanatiek sportende hoogbejaarden van Autumn Gold, die de jongerenprijs won, legde het nipt af tegen vuilnislieden van Rio de Janeiro. Waste Land won de publieksprijs: een ontroerend relaas over hoe kunst een groep marginale Brazilianen een nieuw leven biedt.

Bij de Green Screen Award, de nieuwe prijs voor milieudocumentaires, koos de jury voor de wel zeer lange termijn: bekroond werd de huiveringwekkende overpeinzing Into Eternity van Michael Madsen. Finland bouwt het permanent depot voor nucleair afval Onkalo, maar hoe hou je over 100.000 jaar nieuwsgierigen buiten de deur? Een reliëf van De Schreeuw van Edward Munch blijkt een reële optie om onze verre nazaten af te schrikken.

Op iets kortere termijn heeft festivaldirecteur Derks andere zorgen. Ook het IDFA lijkt niet aan de cultuurbezuinigingen te ontkomen. Iets minder urgent is de groeiende rivaliteit met andere filmfestivals. Zo kaapte het filmfestival van Rotterdam dit jaar onder meer El Sicaro Room 164 op de valreep voor de neus van het IDFA weg. IFFR-directeur Rutger Wolfson ontkent dat Rotterdam zich meer op documentaire richt: grosso modo zou voor documentaires die hopen op een bioscooprelease Rotterdam het beste podium zijn. De televisiewereld is sterker aanwezig op het IDFA.