'Mecom heeft ons niets gebracht'

Wegener, de grootste uitgever van regionale kranten, worstelt met zichzelf en met Mecom, het moederbedrijf. Ondertussen wordt de positie van de regionale kranten uitgehold.

Die lui van Wegener begrijpen niets van internet. Ze hebben geen visie en willen niet met hun tijd meegaan. Lisbeth Knudsen, de baas van krantenbedrijf Mecom in Denemarken, praat begin oktober in een hotel op Schiphol twee uur lang met de zeven hoofdredacteuren van de Wegener-kranten. Direct daarna mailt ze hun gezamenlijke baas, Mecom-topman David Montgomery. Wegener, stelt ze, weigert het voorbeeld te volgen van haar kranten die 50 procent van hun budget steken in internet.

Alex Engbers, hoofdredacteur van De Stentor en voorzitter van het college van hoofdredacteuren van Wegener, krijgt lucht van het bericht aan Montgomery. Via-via, zo vertelt hij, ontvangt hij Knudsens verfrommelde tekst uit een prullenbak in het hotel. Woedend stuurt hij een reactie aan Knudsen. Een afschrift gaat naar de voltallige top van het bedrijf. Het propje is nog te bewonderen op de Deense website epn.dk. Een rel is geboren.

De affaire tekent de sfeer tussen Wegener en Mecom. Het Britse bedrijf van David Montgomery (voormalig hoofdredacteur van The Sun, Daily Mirror, News of the World en Today) nam in 2007 Wegener over. Bijna twee maanden geleden stuurde Montgomery Wegener-topman Joop Munsterman naar huis. De grootste uitgever van regionale kranten in Nederland is nog steeds stuurloos. De concurrentie investeert in iPad-applicaties, sociale netwerken, hyperlokale journalistiek. En Wegener? Dat worstelt met zichzelf. En met Brits moederbedrijf Mecom. Er heerst onzekerheid over de toekomst. Men vreest nieuwe bezuinigingen, die de rol van de regionale pers zullen raken.

Meer dan 800.000 kranten verspreidt Wegener elke dag. Van de Twentsche Courant Tubantia in het oosten tot de Provinciale Zeeuwse Courant in het zuidwesten. Samen is dat meer dan De Telegraaf, de grootste krant van Nederland. Bovendien is het concern sterk in huis-aan-huisbladen en werkt het intensief samen met gratis dagblad De Pers.

Dat alles maakt Wegener een van de belangrijkste controleurs van de lokale democratie in Nederland. En die rol wordt alleen maar groter nu het Rijk meer taken overlaat aan provincies en gemeenten. De vraag is echter of de Wegener-kranten, die al jarenlang worden geplaagd door bezuinigingen, hun werk nog steeds naar behoren kunnen doen. Mecom heeft grote schulden en veeleisende aandeelhouders die iets willen terugzien van hun investeringen.

De hoofdredacteuren maken zich zorgen. „Wegener loopt gevaar”, zegt Alex Engbers. „Als Mecom zijn zin krijgt, worden wij gehalveerd in menskracht.” Zijn collega Kees Pijnappels van De Gelderlander noemt het „een heel zorgwekkende situatie”. „Wegener is aan de top stuurloos. Wij hebben een belangrijke rol te spelen in de informatievoorziening in de regio. Het wordt er niet gemakkelijker op.” Inmiddels komt er ook steun uit de Tweede Kamer (zie inzet).

Maandag praten Engbers, Pijnappels en andere managers van Wegener – de ‘Bende van Veertig’ – verder over de situatie na het ontslag van Munsterman in oktober. Die moest weg omdat hij niet instemde met het plan van Montgomery de automatisering te verplaatsen naar India. Munsterman wilde niet meewerken aan het uitbesteden van dit in zijn ogen cruciale bedrijfsonderdeel.

Voor de medewerkers van Wegener kwam het vertrek van Munsterman, die lang bij het bedrijf werkte en dit jaar een ingrijpende reorganisatie doorvoerde bij alle ondersteunende afdelingen, totaal onverwachts. Duidelijk is in ieder geval dat Mecom een andere koers wil varen dan Wegener. „Montgomery wil de journalistiek hervormen”, zegt Engbers. „Van alle journalisten ter wereld wil hij marketeers maken. Dat is een gevaar voor de Nederlandse dagbladen. Ik ben niet bang voor de toekomst, maar de snelheid die hij nastreeft is bizar.”

Montgomery heeft volgens Engbers geen benul van de positie van de regiokranten in Nederland. „Hij is totaal idolaat van internet. Net als in Noorwegen en Denemarken moeten wij de helft van ons budget steken in digitale publicaties.” Maar, zegt Engbers, hoe moet ik dan een krant maken? „Ik geloof in internet voor de regio, maar wel met gezond verstand. Dit is megalomanie.” Pijnappels (De Gelderlander): „Wij willen de nieuwe wereld veroveren, maar niet alle schepen achter ons verbranden.”

De Nederlandse markt laat zich slecht vergelijken met Noorwegen en Denemarken, zeggen betrokkenen. In Noorwegen geeft Mecom kleinere kranten uit, die een monopolie hebben in hun regio. Adverteerders komen automatisch uit bij de krant – of haar site. In Nederland hebben zij veel meer mogelijkheden om hun reclame-euro’s uit te geven. Het is dus ook onzin, zegt men binnen Wegener, om de Noorse Mecom-topman Trus Velgaard de leiding te geven over Wegener. Volgens Montgomery zou Velgaard veel weten van internetjournalistiek.

„De Noren en Denen hebben de omslag naar digitaal met succes kunnen maken dankzij ons”, zegt Jos van Rijsingen, voorzitter van de centrale ondernemingsraad van Wegener. „Zij verdienden vorig jaar helemaal niets. Wegener bracht de winst binnen.” Voor aftrek van belastingen verdiende Mecom vorig jaar 126 miljoen euro. Van die brutowinst kwam 80 miljoen van Wegener en 10 tot 12 miljoen van Media Groep Limburg (De Limburger, Limburgs Dagblad).

De Nederlanders dachten lange tijd dat wie het geld verdient bepaalt wat gebeurt. Montgomery voerde dit jaar echter een nieuwe structuur in bij Mecom: elk land krijgt één stem in het bestuur. Zo wordt Wegener net zo belangrijk als de kleinere Noorse, Deense en Poolse collega’s. Er is niets meer over van de belofte die Montgomery bij de overname in 2007 deed. Wegener zou een prominente positie binnen Mecom krijgen. Engbers: „Mecom heeft ons niets gebracht.”

Ondanks de tegenstand wordt Montgomery’s protegé Velgaard op 22 december vermoedelijk officieel benoemd tijdens de aandeelhoudersvergadering van Wegener. „De status quo moet niet te lang duren”, zegt Van Rijsingen. „Wij zijn nu niet met inhoudelijke kwesties bezig. Wegener staat stil ten opzichte van de concurrentie. De Telegraaf is bijvoorbeeld hard bezig met lokale initiatieven op het web. Het is funest als je alleen een half jaar op de winkel past.”