Koers GM sleept Ford mee

De koers van GM moet flink blijven stijgen voordat de Amerikaanse overheid het geld van de redding van de autofabrikant terug heeft. Alles hangt de komende tijd af van de autoverkopen.

De Amerikaanse overheid is nog lang niet uit de schulden. Maar het eerste gedeelte van het geld dat Washington in de redding van autofabrikant General Motors stak, is weer terug. De beursgang van GM vorige week leverde de Amerikaans overheid 11,8 miljard dollar (8,9 miljard euro) op. Maar de koers van het aandeel moet nog flink stijgen, wil de Amerikaanse overheid er in slagen 28,6 miljard dollar te verdienen met de toekomstige verkoop van de resterende 553 miljoen aandelen.

De autofabrikant die een jaar geleden failliet ging en met behulp van bijna 50 miljard dollar overheidssteun een doorstart maakte, had vorig week een glorieuze terugkeer op Wall Street. De uitgifteprijs van het aandeel werd vastgesteld op 33 dollar en steeg in de uren na opening van de beurs tot 35,99 dollar. Maar daarna daalde de koers gestaag – met af en toe een kleine opleving – en sloot gisteren na ruim een week handel op 33,80 dollar.

Dat is nog ver weg van de circa 52 dollar die het aandeel waard moet zijn, wil de Amerikaanse overheid het gehele bedrag terugverdienen waarmee ze de Amerikaanse autofabrikant vorig jaar overeind hielden. Maar ze hebben nog even de tijd. Contractueel is vastgelegd dat de overheid ten minste een half jaar moet wachten om het restant te mogen verkopen.

In de schaduw van de beursgang van General Motors steeg ook de koers van de andere beursgenoteerde autofabrikant Ford. Voorafgaand aan de beursgang van concurrent GM steeg de koers van Ford zelfs tot 17,42 dollar, de hoogste koers in bijna zeven jaar. Volgens analisten levert de beursgang van GM extra aandacht op voor de auto-industrie. Maar na de GM-beursgang is ook de koers van Ford langzaam gedaald. Het aandeel sloot gisteren op Wall Street op 16,10 dollar.

Voor de autofabrikanten zal de komende maanden alles afhangen van de autoverkopen. In het Midden-Oosten hebben ze in ieder geval vertrouwen dat het ‘nieuwe’ GM zal gaan groeien. Zo werd deze week bekend dat de Saoedische prins Al-Waleed bin Talal met zijn bedrijf Kingdom Holding 500 miljoen dollar aan aandelen in de autofabrikant heeft gekocht, goed voor ongeveer 1 procent. Dat vertrouwen is leuk, maar voor het verkopen van auto’s kan GM de blik beter op China richten. Vanuit dat land kwam de interesse voor de beursgang van SAIC Motor, dat ook rond de 1 procent aandelen kocht. Met dit Chinese bedrijf heeft GM al een joint venture in China, voor de bouw van vrachtwagens en busjes.

Maar ook voor de verkoop van personenauto’s is China een groeimarkt. In dit land is GM na het Duitse Volkswagen-concern de grootste autofabrikant. Andere fabrikanten proberen ook marktaandeel in China te winnen. Zoals de Amerikaanse autofabrikant Ford, dat deze week bekendmaakte dat het netwerk in China uitgebreid wordt met 66 dealers. In The Wall Street Journal zei een Ford-topman deze week dat er dit jaar rond de 18 miljoen auto’s verkocht zullen worden in China. Een forse toename ten opzichte van 2009, toen 13,5 miljoen auto’s werden verkocht. Ford verwacht dat in 2011 de autoverkopen nog eens met 10 procent zullen stijgen in China. Ter vergelijking: in de VS zullen dit jaar rond de 11,8 miljoen auto’s verkocht worden. Analisten verwachten dat dit aantal in 2015 rond de 16,1 miljoen ligt.

In Europa heeft GM het moeilijk. Het verloor de afgelopen periode marktaandeel omdat GM vooral bezig was met reorganiseren en herfinancieren in plaats van auto’s verkopen. Lang leurde GM bij verschillende geïnteresseerden met Opel, om het uiteindelijk toch zelf te houden. Het marktaandeel bedroeg in de periode januari tot oktober 8,6 procent tegen 9,1 procent over dezelfde periode in 2009. Vanaf januari tot en met september dit jaar verkocht GM in Europa 1,23 miljoen auto’s.

Een voordeel voor GM is in ieder geval dat de Japanse concurrent Toyota nog steeds last heeft van de problemen die een jaar geleden begonnen. De Japanse fabrikant heeft GM in 2007 ingehaald als grootste autofabrikant ter wereld. Maar een jaar geleden bleek dat verschillende Toyota-modellen kampten met technische mankementen. Meer dan 12 miljoen auto’s werden wereldwijd teruggeroepen. De top van Toyota betuigde spijt. Het bedrijf was te hard gegroeid, zo luidde een excuus. Maar door de problemen verloor Toyota marktaandeel in Europa en voor het eerst sinds 1998 ook in de VS en Canada. Daar bedroeg Toyota’s marktaandeel in oktober dit jaar 14,8 procent. In oktober vorig jaar was dat nog 16,4 procent.