'Individuele eurolanden moeten hervormen'

Volgens topman Roxburgh van McKinsey kan Europa zich niet langer trage groei permitteren. Toch is hij optimistisch. Maar dan moeten de EU-landen wel hervormingen doorvoeren.

Ze waren vastbesloten. Vastbesloten om hun economieën te versterken. Vastbesloten één enkele en stabiele munteenheid in te voeren. Vastbesloten een steeds hechter verbond tussen de volkeren van Europa tot stand te brengen.

De landen die in 1992 de Europese Unie vormden waren in de preambule van het oprichtingsverdrag vol ambitie. De muntunie kwam er. Maar nu die onder vuur ligt, lijkt Europa niet op een hecht economisch verbond.

De opgewektheid van beginjaren negentig is weg. Staten, banken en ook huishoudens torsen schulden. Er moet op alle niveaus bezuinigd worden. Daardoor wordt de vraag steeds relevanter: hoe kan Europa blijven groeien?

Hervormen, luidt het advies van McKinsey Global Institute, de denktank van het adviesbureau dat onderzoek deed naar de toekomst van de Europese economie. McKinsey keek verder dan de crisisperiode. Twee jaar lage groei is niet erg, redeneert McKinsey, maar om welvaart op niveau te houden in een economie die vergrijst moet Europa op termijn met 2 tot 3 procent per jaar groeien.

De interne markt, de Europese groeimotor, is uit balans geraakt, zegt Charles Roxburgh, directeur van de denktank. Roxburgh stelt dat de onevenwichtigheden in Europa de voorbije jaren langzaam maar zeker zijn toegenomen. „Van 2000 tot 2008 stegen de arbeidskosten in Duitsland niet, terwijl deze in Spanje met eenderde toenamen. Het gevolg is dat Noord-Europa steeds meer naar het zuiden exporteerde, want productie in het noorden werd relatief goedkoper”, zegt hij. Doordat de Zuid-Europese economie niet meer concurrerend is, en de landen hoge overheidsschulden hebben, dreigt een Japanse situatie van langdurige stagnatie, stelt Roxburgh. „Dit is slecht voor Noord-Europa, want die kan dan weer minder naar het zuiden exporteren.”

McKinsey is optimistisch. Voor de crisis creëerde Europa meer banen dan de Verenigde Staten, toch vaak gezien als een dynamischere economie. Als Europese landen de beste hervormingen van andere Europese landen overnemen, is het mogelijk om de interne markt beter te laten functioneren zonder dat het Europese consensusmodel verloren gaat, betoogt het adviesbedrijf.

Het is erg belangrijk dat landen hun arbeidsmarkt hervormen om zo productiever en concurrerend te zijn, zegt Roxburgh. De zwaktes en dus ook de maatregelen verschillen per land. Griekenland kan naar Nederland kijken voor manieren om jeugdwerkloosheid terug te dringen. Of naar Zweden om te zien hoe het meer vrouwen aan het werk krijgt. Nederland kampt met stijgende arbeidskosten waardoor de concurrentiepositie onder druk kan komen te staan. Alleen in Spanje, Griekenland en Italië stegen de kosten relatief harder de afgelopen jaren. Nederland zou volgens de redenering van McKinsey kunnen kijken hoe Duitsland de arbeidskosten in toom houdt.

McKinsey stelt ook brede hervormingen voor. Heel Europa moet volgens Roxburgh de dienstensector liberaliseren. Dienst worden lokaal geleverd en afgenomen. Anders dan fabrieksmedewerkers hoeft een Europese vrachtwagenchauffeur niet te concurreren met een goedkopere Chinese collega. Barrières als winkeltijdwetten, het niet erkennen van diploma’s en kwalificaties, nationale restricties in het wegvervoer moeten verdwijnen, want ze hinderen economische ontwikkeling. Ook moet er worden geïnvesteerd in biotechnologie, nanotechnologie en andere hightechsectoren waar hoogopgeleide kenniswerkers nodig zijn.

De hervormingen zijn volgens Roxburgh belangrijk voor het succes van de eurozone. „Als individuele landen niet hervormen zullen de spanningen in de eurozone alleen maar toenemen.”

McKinsey geeft geen oordeel over politiek gevoelige kwesties als het mogelijk uiteenvallen van de eurozone. Andere economen durven wel over de gevolgen van het einde van de euro te speculeren en die zijn vrij somber. Charles Roxburgh wil de Europese politiek nog wel een boodschap meegeven: „Met politieke daadkracht kan Europa hervormen en groeien. Politici bepalen het lot van hun land.”