Haïti is ziek, stuk en stuurloos

Te midden van rampen en de nasleep van rampen houdt Haïti zondag verkiezingen.

Een nieuwe regering moet het land weer opbouwen. Tot nog toe gebeurde er niet veel.

Een vrouw stalt haar waren uit in de Haïtiaanse hoofdstad Port-au-Prince. Achter haar een poster van Mirlande Manigat, de grootste kanshebber bij de presidentsverkiezingen van aanstaande zondag. Foto Reuters A woman sets out goods for sale as an election campaign poster of Haiti's presidential candidate Mirlande Manigat is seen in the background in downtown Port-au-Prince November 25, 2010. A raging cholera epidemic in Haiti may deter some voters from participating in Sunday's national elections, but postponing or cancelling the polls could threaten stability in the Caribbean country, the European Union's envoy said on Monday.REUTERS/Kena Betancur (HAITI - Tags: SOCIETY EMPLOYMENT BUSINESS POLITICS ELECTIONS) Reuters

De 18-jarige Yves Jean waarschuwt: „Als het moet, gaan we de straat op.” Zijn 17-jarige vriendin met vlechtjes zegt: „Mensen gaan dood aan de cholera. De regering en de Verenigde Naties zijn één pot nat. Ze doen niets voor ons. Heel misschien dat de verkiezingen van zondag verandering brengen.”

Op het plein van de Onafhankelijkheid in Gonaïves hangt onder de aanwezige jongeren een broeierige sfeer. Hun kleren zijn versleten, de slippers afgetrapt. Gebouwen naast het plein hebben nog onbemande militaire posten met zandzakken op de daken.

Dit is een stad met een roerige geschiedenis. Gewelddadige demonstraties luidden er in 1985 het einde in van dictator Jean-Claude ‘Baby Doc’ Duvalier. Hier verklaarde in 1804 Jean-Jacques Dessalines, een van ’s lands helden, de onafhankelijkheid van de eerste zwarte republiek.

De protesten van vorige week tegen de VN, die door sommige Haïtianen verantwoordelijk worden gehouden voor de cholera-epidemie, komen op het plein ter sprake. In de woorden van de jongeren klinkt woede door.

Hun boosheid is begrijpelijk: op de begraafplaats van Gonaïves zijn de afgelopen weken tientallen choleraslachtoffers ter aarde besteld. Gisteren stond de teller van het aantal choleradoden in het land op 1.523. En te midden van de cholera en de nasleep van de aardbeving van januari maakt Haïti zich op voor de presidents- en parlementsverkiezingen.

Er staat zondag veel op het spel. Miljarden dollars zijn beloofd door de internationale gemeenschap voor de wederopbouw na de verwoestende aardbeving van 12 januari. Maar pas als er een nieuwe regering en parlement – het laatste functioneert niet door gebrek aan leden – zijn aangetreden, kunnen er echt zaken worden gedaan. De huidige regering van René Préval loopt op haar laatste benen.

„Een nieuwe regering is noodzakelijk voor de wederopbouw. Zij kan knopen doorhakken”, zegt Eduardo Almeida, van de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank in Haïti. „Wat dat betreft, gebeurt er nu niet zo veel.” Met de toegezegde internationale hulp heeft een nieuwe regering de kans te investeren in onderwijs en werkgelegenheid in het armste land van het westelijk halfrond.

Bovendien moeten er nog steeds 200.000 nieuwe huizen worden gebouwd voor de slachtoffers van de aardbeving. Het puin in de hoofdstad moet nog worden geruimd. Almeida: „Niemand die daar nu zijn handen aan brandt. De verkiezingen zijn daarom van levensbelang.”

De cholera-epidemie die Haïti sinds een maand beheerst, werpt een schaduw over de verkiezingen. Maar voor Pentti Haatanen, cholera-expert van het Rode Kruis, is het moment van de verkiezingen misschien niet ideaal, maar uitstel is voor hem geen optie. Hij zegt: „Het land moet verder. Dat kan alleen met een functionerende regering. Met het vooruitschuiven van de datum zal de misère niet minder worden.”

Waar Haatanen zich meer zorgen over maakt, is over het eventueel oplaaien van nieuwe protesten in de aanloop naar de verkiezingen en daarna. Hevige rellen in de noordelijke stad Cap-Haïtien, en eveneens in Port-au-Prince, tegen de VN vorige week, maakten de cholerabestrijding bijna onmogelijk voor hulpverleners.

Demonstraties tegen de VN zijn tevens gericht tegen de huidige impopulaire regering. Tegenstanders van president Préval zien de VN als beschermheer van de falende overheid.

In Gonaïves is de relatieve rust bedrieglijk, zegt Leon Fils-Aimé (60). Het kan zo omslaan. Voor het beeld van onafhankelijkheidsstrijder Dessalines vertelt Fils-Aimé hoe in 1985 de hel losbarstte in de stad. Hoe de politieagenten van Baby Doc begonnen te schieten op de demonstranten. „Ik ging op mijn knieën om te bidden. Ik was doodsbang”, zegt hij.

Zes jaar geleden was zijn geboortestad weer het middelpunt van een politieke omwenteling. Toen namen rebellen, in opstand tegen het bewind van president Aristide, de stad in. Het was een voorbode van het lot van de voormalige priester die werd afgezet.

Fils-Aimé hoopt dat het nu rustig blijft in Gonaïves. Ondanks alle teleurstellingen in het leven wil hij zondag gewoon stemmen. Gewoon, omdat hij verlangt naar een beter bestaan, naar een vast inkomen. Niets staat vast in zijn leven. Elke dag is het maar zien of hij ergens wat geld kan verdienen als bouwvakker.

Hij zegt: „Deze onzekerheid is vermoeiend.” En: „Heeft u misschien wat geld voor mij?”