Censuur

Leonid Parfjonov, een bekende, voormalige Russische tv-journalist die nu tv-documentaires over de Sovjet-Unie maakt, kreeg gisteravond de eerste Vladislav Listjevprijs uitgereikt, vernoemd naar de  befaamde, in 19995 vermoorde directeur van het Eerste Kanaal. Het nieuws op het Eerste Kanaal deed gisteravond verslag van de prijsuitreiking, maar censureerde een groot deel van het dankwoord. De reden daarvoor was duidelijk: wat de winnaar zei was de pijnlijke waarheid over de tv-journalistiek in Rusland.

In dat dankwoord zei Parfjonof (zie het verslag dat wel op internetwebsites verscheen 1487) dat Russische televisieverslaggevers niet langer journalisten waren, maar trouwe bureaucraten die de staat dienen. Tot zijn gehoor in de televisiestudio behoorden de huidige directeuren van de staatstelevisie, die er zenuwachtig uitzagen. Gisteravond begreep ik niet waarom ze zich zo ongemakkelijk voelden, vanmorgen wel.

Volgens Parfjonov was het nieuws dat op de Russische televisie wordt uitgezonden geen nieuws, maar PR voor de overheid. Als correspondent weet je dat natuurlijk al lang, omdat je door het land reist en de armoedige, vervallen steden ziet en met de bevolking spreekt, die zich afvraagt wat er met al dat olie- en gasgeld is gebeurd, je lokale bestuurders ontmoet die zich beklagen over de corruptie onder hun collega’s. Maar als je naar het televisienieuws kijkt zie je een heel andere werkelijkheid, van prachtige nieuwe appartementen-complexen voor de gewone man, moderne ziekenhuizen voor iedereen, verhoogde salarissen en andere welvaart, die niet onderdoet voor die in West-Europa.

Behalve dat Parfjonov zei dat de huidige tv-verslaggevers loyale staatsambtenaren waren geworden, wees hij ook op het gebrek aan kritisch, sceptisch of ironisch commentaar van hun kant op het optreden van de huidige premier en president. In Jeltsins en Tsjernomyrdins tijd was dat wel anders.

De opvattingen van een kwart van de Russische bevolking die wel kritiek had op de regering werd genegeerd, zei Parfjonov. De tv-nieuwsbulletins waren geheel gaan lijken op die uit de Sovjet-Unie, toen er in plaats van adequate nieuwsverslagen ook alleen maar beelden werden uitgezonden van ontmoetingen van de leiders van het land met ministers, gouverneurs en buitenlandse staatshoofden. Ook toen was het land op weg naar een stralende toekomst (toen van het socialisme, nu van het poetinisme).

,,Achter iedere politiek belangrijke tv-uitzending kun je de redenen van de autoriteiten zien, wat hun stemming en houding is, wie hun vrienden en vijanden zijn”, zei hij. De affaire-Loezjkov heeft het de afgelopen maanden bewezen. Alles was ervoor uit de kast getrokken om hem ten val te brengen. Een televisiejournalist vertelde me  onlangs, dat ze pas 24 uur van tevoren opdracht kregen om die eerste beschuldigende documentaire in elkaar te zetten. Blijkbaar was het het laatste overredingswapen van het Kremlin toen bleek dat Loezjkov niet uit zichzelf wilde opstappen.

Ook aan de onlangs afgetuigde Kommersant-verslaggever Oleg Kasjin (met wie het overigens redelijk gaat) wijdde Parfjonov enkele woorden in zijn dankwoord. Zo zei hij dat er op de Russische televisie niemand was die zich met diens kwaliteiten kon meten.

Maar ook dat kwamen we gisteravond niet te weten in Vremja.

    • Michel Krielaars