Anti-ProRail politiek

Het was vanochtend opnieuw raak, of eigenlijk mis: een deel van het treinverkeer moest worden stilgelegd. En opnieuw was het een vitaal knooppunt, station Schiphol, dat werd getroffen. Rookontwikkeling in een treinstel was ditmaal de oorzaak.

Een week geleden bood het centraal station in Utrecht de aanblik van gestrande en soms wanhopige reizigers die geen kant meer op konden. Ook op vele andere stations, soms ver van Utrecht gelegen, ontstonden die vrijdagavond kluwens van passagiers die evenmin konden gaan waar ze wilden. Een brand in een ruimte van de verkeersleiding in Utrecht had een effect dat vrijwel in het hele land merkbaar was, ook de volgende dag nog.

Het toont de kwetsbaarheid aan van een van de drukst bereden spoorwegnetten van Europa. Of het nu om brandjes gaat, tekortschietende ICT-systemen, vallende bladeren, bevroren bovenleidingen of ander ongemak – de gevolgen zijn bijna altijd bovenlokaal of bovenregionaal. De treinreizigers zijn het slachtoffer en doorgewinterde NS-klanten onder hen zijn cynici geworden.

ProRail, het bedrijf dat namens de overheid verantwoordelijk is voor aanleg, onderhoud, beheer en veiligheid van het spoorwegnet, bood deze week in krantenadvertenties zijn excuses aan de reizigers aan, terwijl de NS al eerder troost had trachten te bieden door het aanbod van gratis kopjes koffie. En dan te bedenken dat ProRail zelf van mening is dat het euvel van vorige week vrijdag en zaterdag betrekkelijk snel was verholpen.

Ongetwijfeld zijn er vragen te stellen bij het functioneren van ProRail, en diverse Tweede Kamerleden deden dat dan ook. Zij reageren op treinstoringen als op wangedrag van tbs’ers met verlof: ze maken zich tot tolk van vermeende volkswoede. Maar of het veel uitmaakt om ProRail dan maar onder te brengen bij een andere overheidsinstelling, Rijkswaterstaat, zoals gesuggereerd door de ChristenUnie, valt te betwijfelen. Hetzelfde geldt voor de wens van de VVD om de top van ProRail te ontslaan.

De kernvraag is natuurlijk of de spoorinfrastructuur en daarbij behorende voorzieningen niet tekortschieten voor het dagelijkse vervoer van gemiddeld 1.200.000 reizigers en 100.000 ton goederen. Bij de brand werd vorige week óók het back-upsysteem getroffen. Pas volgend jaar wordt er een ‘uitwijkpost’ in gebruikgenomen die het werk van de Utrechtse verkeersleiding bij calamiteiten kan overnemen. Dat zijn voorzieningen die geld kosten. Dat is op twee manieren te vinden: hogere rijksbijdragen en hogere tarieven. Dat zijn lastige of impopulaire maatregelen voor politici. Alleen maar boos zijn op de spoorwegtop of symbolische oplossingen bieden, dat is een stuk goedkoper.