'Winter's Bone' heeft hecht plot en pakkende scènes

Winter’s Bone

Regie: Debra Granik. Met: John Hawkes, Dale Dickey.****

Amerikaanse onafhankelijke films, indies, hebben sinds de jaren zeventig vaak een hoog folkloristisch gehalte. Filmmakers uit de grote stad trekken naar uithoeken van Amerika om daar liefdevolle portretten te maken van weerbarstige vrouwen en mannen die het hoofd boven water houden in moeizame omstandigheden.

Dat gaat terug naar de Grote Depressie van de jaren dertig, toen linkse Amerikanen oog kregen voor armoede in eigen land. Het ligt voor de hand dat die soms wat patroniserende traditie weer de kop opsteekt nu Amerika kampt met de gevolgen van de crisis. Het recente Frozen River, waarin een arme moeder zich uit lijfbehoud aan de mensensmokkel waagt, lijkt daarvan een voorbeeld. En nu is er Winter’s Bone, al mijdt de film in zijn grimmige sociaal-realisme elke romantiek. Het is eerder een rurale film noir met thrillerelementen.

Winter’s Bone speelt in het Ozark-gebergte in Missouri, domein van de hillbillies. Een gesloten, incestueuze en clanachtige subcultuur, zo heet het, die in Amerika vooral figureert in horrorfilms waarin stedelingen als prooidier door de bossen worden gejaagd. Vroeger stookten ze whisky, nu koken ze de drug crystal meth.

Ree Dolly (Jennifer Lawrence) is zeventien jaar. Ze zorgt voor haar moeder, haar jonge broer en zus: criminele vader Jessup is een gebruiker en meestal op pad. Dus doet ze haar plicht: hout hakken, de kinderen naar school brengen. Totdat blijkt dat vader Jessup niet kwam opdagen bij een rechtszaak en zijn huis als borg heeft opgegeven. Vindt Ree hem niet snel, dan staat de familie op straat.

Dus gaat Ree op zoek. Haar oom Teardrop, een bittere junkie, beveelt haar thuis te blijven. Haar buurman probeert haar op een dwaalspoor te brengen. Bij Thump Milton, de locale misdaadbaron, stuit ze op zwijgen en dreigen. Dat houdt Ree niet tegen, ook niet als dreigen omslaat in geweld. Het mondt uit in een lugubere scène bij een meer: een gruwelijk moment van vrouwelijke solidariteit. Of misschien is het meer een ontgroening.

Winter’s Bone is fatalistisch en uitzichtsloos. Een wereld van verweerde mensen in schimmelige kotten, levend volgens een maffiose erecode van een clan, omertà en vendetta. Ree’s avontuur gaat niet zozeer over ontsnappen aan dit troosteloze milieu, al wil ze dat wel. De film is eerder een éducation sentimentale, draait om acceptatie, voor vol worden aangezien. Ree is hard op weg zelf een van die spijkerharde vrouwen te worden.

Het knappe van Winter’s Bone is dat dit criminele hillbilly-milieu niet karikaturaal overkomt. Het hechte plot en de pakkende scènes helpen, maar de film slaagt vooral door personages die op een groteske manier helemaal overtuigen. Jennifer Lawrence als Ree voorop: een vroeg oude tiener die zich met een pragmatische pokerface – valt er wat te lachen dan? – door het leven slaat. Nog heel even een knap meisje, maar niet lang meer.