Wapens liggen vlak over grens

De vuurwapenwet in Nederland is streng. Maar over de grens gelden andere regels. Samenwerking tussen landen is daardoor moeilijk. Is Nederland te fanatiek?

In de Vismijn in het Belgische Oostende vermengt de zilte vislucht zich met de geur van oude kleren en metaal. Op grote tafels ligt een bonte verzameling vuurwapens: antieke geweren uit de Amerikaanse burgeroorlog, luchtbuksen, revolvers en pistolen uit de Eerste Wereldoorlog. Bij een stand worden nazivlaggen, Duitse uniformen en andere memorabilia uit de Tweede Wereldoorlog aangeboden.

Twee keer per jaar is de vismijn het decor van de wapen- en militariabeurs. Een Duitse handelaar staat voor een vitrine met allerhande wapentuig, waaronder een scherpschietend pistool. „In België mag veel meer dan in Duitsland. Deze pistolen mag ik in Duitsland niet verkopen. Maar aan Nederlanders verkoop ik dit niet, want daar krijg ik last mee.”

Belgische wapenbeurzen staan in Nederland bekend als een wapenwalhalla, waar liefhebbers en criminelen alles kunnen vinden wat in eigen land verboden is. Maar volgens de Belgische politie is dit veranderd sinds de Belgische wapenwet in 2006 is aangescherpt. Het is nu veel moeilijker en duurder een wapenvergunning te krijgen. Zo moet je lid zijn van een jachtclub of schietvereniging.

De politie heeft deze ochtend in Oostende alle stands gecontroleerd en maar één doosje illegale munitie in beslag genomen. „Op dit soort beurzen zijn geen vergunningsplichtige en verboden wapens te krijgen”, zegt Valerie Zeimetz, diensthoofd van de sectie wapenzwendel van de Belgische politie. Het is „onzin” dat de beurzen nog steeds gezien worden als een plek waar criminelen eenvoudig aan een wapen kunnen komen. „Ga zelf maar kijken.”

België is dit jaar opgeschrikt door een serie overvallen met kalasjnikovs, en vorig jaar werd in België een recordaantal van 7.871 illegale wapens in beslag genomen. Maar de Belgische politie ziet hierin geen reden tot paniek.

Nederland denkt daar anders over. „We hebben wapens gevonden waarvan we bijna zeker weten dat ze uit België komen”, zegt Niels Klein, wapenexpert van de politie Rotterdam-Rijnmond. De Belgische wapenwet is aangescherpt, maar kent een lijst van wel 20 pagina’s met uitzonderingen van wapens die niet vergunningsplichtig zijn. „Daarop staan naast historische geweren ook wapens die het prima doen en waarvoor je ook munitie kunt krijgen. Een serieus probleem, maar dat willen ze in België niet toegeven.”

In een poging de Europese wetgeving te harmoniseren, heeft de EU in 1991 een wapenrichtlijn opgesteld. Het werd een compromis. De regels voor vergunningen zijn enigszins gelijkgetrokken en er zijn voorwaarden voor de verkoop van vuurwapens aan buitenlanders. In 2008 is de richtlijn aangescherpt. Gas- en alarmwapens die makkelijk om te bouwen zijn, mogen sindsdien niet meer vrij verkocht worden. Maar veel landen hebben dit nog niet doorgevoerd.

Ook wordt er samengewerkt bij opsporingsacties, bijvoorbeeld tussen België en Nederland. Maar zulke samenwerking heeft eigenlijk alleen zin als landen dezelfde wetgeving hebben, zegt de Nederlandse wapenexpert Thijs van Zanten, adviseur van het Landelijk Platform Vuurwapens van justitie en politie. „Dan kun je pas echt gaan samenwerken. Als ik nu in Duitsland een vraag stel over gas- en alarmwapens, dan zeggen ze: die zijn hier vrij verkrijgbaar, daar hebben we geen tijd voor.”

Eén wapenwet voor heel Europa is niet haalbaar. De Nederlandse wapenwet gaat uit van een totaalverbod, maar daarin staat Nederland alleen. „We krijgen landen niet zover dat ze dingen gaan verbieden”, zegt Van Zanten. „Als ze gas- en alarmwapens willen verkopen, zorg dan dat ze alleen met een vergunning te krijgen zijn. En zorg dat alle wapens gereguleerd en geregistreerd worden, want dan zijn ze altijd te achterhalen.”

Als je in Europa consensus wilt over wapenwetgeving, kom je aan economische belangen. Nederland heeft geen wapenfabriek, maar voor veel andere landen is die industrie belangrijk. Daarom is Van Zanten gaan praten met belangenclubs, zoals de vereniging voor Europese wapenhandelaren en de Europese federatie voor jagers. „Ik heb ze uitgelegd wat we willen bereiken en ze hebben allemaal hun steun toegezegd. Ze willen hun straatje schoonhouden, ze hebben geen belang bij rommel.”

De politiek is niet zo makkelijk te overtuigen. In Brussel vinden ze Nederland te fanatiek. „Het loopt niet zoals Van Zanten graag zou willen”, zegt Jas van Driel, bestuurslid van de Vereniging van Nederlandse Wapenverzamelaars, die betrokken was bij het opstellen van de richtlijn. „Dat is niet zo vreemd als je bedenkt dat we met 27 verschillende visies te maken hebben. Het is jammer dat de Nederlanders bij dit soort vergaderingen achter hun rug uitgelachen worden. Men neemt Nederland niet meer serieus.”

Europese harmonisatie alleen is niet genoeg. Er moet ook werk gemaakt worden van illegaal wapenbezit, vindt Van Zanten. „De politie heeft de opdracht om illegale wapenhandel aan te pakken. Dat wil de Nederlandse regering, het staat in Europese richtlijnen en zelfs in VN-protocollen. Maar die worden niet uitgevoerd.”

Dat blijkt op de wapenbeurs in Oostende. Een Nederlandse jager uit Zeeland verkoopt er luchtbuksen van een groot kaliber, die in Nederland ook vrij verkrijgbaar zijn. Hij haalt de criminelen op dit soort beurzen er zo tussenuit. „Die lopen recht op hun doel af, ze weten precies waar ze wezen moeten. Vorig jaar verkocht een stand hier nog Russische pistolen, waar je gewoon munitie voor kunt krijgen. De politie controleert wel, maar ziet lang niet alles.”

Overvallen in Gent: pagina 7