In de volkstuin zetten de Ieren hun zorgen opzij

Noodgedwongen keren de Ieren terug naar een eenvoudiger leven. En daar horen volkstuintjes bij. Overal zie je ze. „Decoratief tuinieren is voorbij.”

A man walks past some of the works of art owned by the Bank of Ireland, that are being auctioned in Dublin, Ireland, Wednesday, Nov. 24, 2010. The Bank of Ireland is to auction off more than 150 of its prized paintings and sculptures, in an effort to reduce its debt. The public auction will be held Wednesday evening at Dublin's historic Shelbourne Hotel, where Ireland's Constitution was drafted under the chairmanship of Michael Collins 88 years ago. (AP Photo/Peter Morrison) AP

Als de schemer valt, laat Nuala O’Reilly haar oogst zien: wat aardappelen, broccoli, prei en heel veel snijbiet. De aarde in haar volkstuin is omgeploegd, haar besmeurde werkhandschoenen gooit ze in een mand. Tevreden kijkt de 48-jarige verpleegster terug op een dag hard werken in de frisse winterkou.

Er zijn geen cijfers, slechts indicaties dat er een trend gaande is in Ierland. Vraag Ieren hoe de crisis van invloed is op de samenleving, en velen zullen vertellen over hun groentetuin of die van vrienden of buren. Achtertuinen worden omgeploegd, volkstuinen worden gecreëerd op braakliggende bouwterreinen, gemeenschappelijke tuinen op pleintjes en voormalige parkeerplaatsen.

Nuala O’Reilly is een van de gelukkigen met een tuintje in deze volksbuurt in het zuiden van Dublin. Tweehonderd gegadigden kwamen vorig jaar af op negentig stukjes grond achter een school. De wachtlijst blijft groeien.

Ze wijst aan: in de omgeploegde aarde komen in het nieuwe jaar weer bonen, peultjes en erwten. Het andere lapje grond is voor tomaten, sla en kruiden. In de derde staan nog genoeg broccoli, kolen en wortels voor de hele winter.

Tuinblogger James Kilkenny merkt dat er meer groentetuinen komen. De vragen op zijn forum gaan niet meer over het snoeien van buxushagen of het manicuren van het gras. „Decoratief tuinieren is voorbij. Mensen willen nu alles weten over groenten en fruit.”

Michael Fox, die les geeft in hoe je een groentetuin moet aanleggen, merkt het ook. Zijn lessen worden weer goed bezocht, na een dip in de laatste twee decennia. „Dit zijn stadskinderen, nakomelingen van mensen die twee, drie generaties geleden boeren waren. Ze willen leren hoe ze hun eigen groenten en fruit verbouwen.”

Het heeft weinig met geld en bezuinigingen te maken, zeggen de tuiniers. Eerder met een gevoel van gemeenschapszin dat de Ieren waren kwijtgeraakt in de jaren van voorspoed. Toen regeerden consumentisme en individualisme, nu is men weer op elkaar aangewezen.

„De arts en de loodgieter staan op een zaterdag gebroederlijk naast elkaar aarde om te ploegen”, vertelt Noel McEvoy. „We hebben hier alle sociale lagen en alle leeftijden.” Hij is de opzichter van St. Anne’s Park, een voormalig landgoed van de Guinness-familie in het noorden van Dublin, waar de gemeente een kwekerij heeft. Ook daar zijn nu volkstuintjes. Enthousiast leidt hij rond door de ommuurde tuin, ooit de kruidentuin van de familie. Nu worden er aardappelen en kolen verbouwd.

Dublin heeft een traditie van stadsteelt, zegt McEvoy. Er was een tijd dat je in woonwijken niet alleen volkstuinen vond, maar ook varkens- en koeienstallen. „Een achtertuin was een bezit, niet iets waar je je vrienden entertainde.” Met de komst van goedkope supermarkten in de jaren tachtig stond een groentetuin opeens gelijk aan armoede, of het werd gezien als een hobby voor geitenwollensokkentypes. „Maar we keren terug naar het eenvoudigere leven van de jaren zeventig.” Nog iets meer misère en de kippen, varkens en koeien keren terug naar het centrum van Dublin, grapt hij.

Dit is het tegenovergestelde van het snelle, opzichtige leven van een paar jaar geleden, zegt ook columnist David Robbins, als hij rondleidt door ‘zijn’ tuin. „We schamen ons er nu voor, maar toen was het heel gewoon een weekeindje te winkelen in New York.”

„Het gaat niet om geld”, zegt Robbins. En het gaat vooral niet over het IMF, een financiële crisis, marktbewegingen en „andere zaken die je machteloos doen voelen”. „Dit is iets waar we invloed op hebben. Dit gaat om controle en verbondenheid met tastbare zaken. Met natuur en met mensen.”

Ook hij denkt dat Ieren behoefte hebben aan saamhorigheid. Vrijwel iedereen aan het plein doet mee. Hij vertelt dat de oogst soms niet eens wordt opgehaald door de buren. „Ik leg wel eens bonen voor iemands deur.”

Robbins en zijn vrouw hebben ook nog een volkstuin. Daar staan ze naast een werkloze bouwvakker, die tuiniert om iets omhanden te hebben. „Voor ieder half uur werk, kletsen we een half uur. Het gaat om het sociale.”

Tijd om te tuinieren is er genoeg. Robbins heeft gebruikgemaakt van een afvloeiingsregeling en doet freelance werk. Zijn vrouw heeft uren moeten inleveren. „Het is misschien cliché, maar je zet je zorgen opzij.”

    • Titia Ketelaar