Het elan van de Gentse Flikken

Nederlandse agenten leren van de Gentse politie hoe overvallen en geweldsmisdrijven kunnen worden bestreden. „Je moet de problemen in een vroeg stadium aanpakken.”

In een politiekantoortje in Gent staat een verzameling medailles en prijsbekers in een etalagekast – van de sportprestaties van politieofficier Chris Van Gaever. Aan de muur hangen politieschildjes van bezoekers uit Nederland. Zelf heeft de Gentse politie zulke schildjes niet. De politie wint natuurlijk ook geen prijzen met het bijzonder hoge ophelderingspercentage dat in Gent wordt gehaald bij het onderzoek naar diefstal met geweld: 70 procent. De politie van Gent kreeg er wel een eervolle vermelding voor in de studie naar overvallen van de Tilburgse universiteit die begin deze week werd gepresenteerd. In Nederland wordt maar 23 procent van de overvallen opgelost.

Wat is het geheim van Gent? De rechercheurs onderzoeken veel berovingen op straat, die in Nederland meestal niet worden meegeteld als overval. Maar ook bij het oplossen van straatroof scoort de Nederlandse politie niet boven de 30 procent. In Nederland zijn politie en justitie zo onder de indruk van de Gentse aanpak, dat er dit jaar al drie delegaties zijn langs geweest: hoge politieofficieren, justitieambtenaren, een procureur-generaal, Rotterdamse ambtenaren. De Gentse politie is er trots op, maar laat dat nauwelijks merken. Want zo is de mentaliteit, zegt hoogleraar strafrecht Brice De Ruyver: „Niet van de daken schreeuwen, geen wind blazen.” En ook: hard werken, je best doen.

Chris Van Gaever en Daniel Bracke, allebei directieofficier van de lokale recherche in Gent, zeggen eerst dat je hun succes „in een context” moet zien: in Gent (240.000 inwoners) is de overvalcriminaliteit veel lager dan in vergelijkbare steden als Antwerpen of Luik. Toch ligt Gent aantrekkelijk voor overvallers: op een kruispunt van snelwegen die de Belgische kust verbinden met Duitsland, en Nederland met Frankrijk. Het is ook niet zo dat de Gentse politie weinig te doen heeft. Anders dan in Nederland kan de politie in België geen enkel gemeld feit naast zich neerleggen: steeds wordt een proces-verbaal opgemaakt. In Gent zijn ze met 101 rechercheurs voor elf afdelingen: ‘diefstal met geweld’ heeft acht mensen.

Dit jaar waren er in Gent tot nu toe 298 overvallen. Meestal ging het om straatroof. Er waren vier gewapende overvallen bij op restaurants, die eigenlijk onderzocht moeten worden door de federale politie maar nu werden doorverwezen naar de lokale recherche.

In heel België steeg het aantal gewapende diefstallen de afgelopen drie jaar van 5.300 tot bijna 5.800 vorig jaar. Volgens uitgelekte cijfers stijgt vooral het aantal zware overvallen: van 2.180 in 2007 tot 2.662 in 2009.

Van Gaever noemt zijn acht overvalrechercheurs „zeer gedreven”. „Elke ochtend maken ze een analyse van wat er in de 24 uur daarvoor is gebeurd, waar, welke signalementen daarbij horen.” De Nederlanders die langskwamen, zegt Van Gaever, zeiden: goh, moeten jullie dat zelf doen? „Het is heel arbeidsintensief. Maar daardoor weet je wat zich afspeelt in de stad. De rechercheurs kennen de criminele populatie ook goed.”

Daarbij helpt dat de leider van het overvallenteam, Rita Vercauteren, eerst bij de afdeling jeugdcriminaliteit werkte: daders die ze kent uit die tijd, ziet ze nu vaak weer. Haar rechercheurs zullen daardoor niet – wat de Tilburgse onderzoekers wel zeggen over de Nederlandse politie – er steeds vanuit gaan dat overvallers voor het eerst iets fout doen. In Nederland komen er volgens de Tilburgers pas maatregelen als het aantal overvallen toeneemt. Die helpen altijd, maar daarna verdwijnt de expertise weer. „Van Nederlandse collega’s hoor ik dat bij jullie twintig of dertig jaar geleden is afgestapt van de specifieke units”, zegt Van Gaever. „Iedereen moest alles kunnen. Wij hebben het gevoel dat jullie toen het kind met het badwater hebben weggegooid.”

In Gent worden vanaf 1 januari ook afdelingen samengevoegd. De bedoeling is dat rechercheurs elkaars taken dan makkelijker overnemen. De specialisaties blijven bestaan, maar bij het overvalteam zien ze er niet naar uit om in een grotere groep te moeten werken.

De reorganisatie hoort bij een ‘verbeterplan’ van de Gents hoogleraar strafrecht De Ruyver en zijn Nederlandse collega Cyrille Fijnaut. Door dat plan moeten de gezagslijnen in het korps korter en duidelijker worden. De aanleiding waren incidenten: een korpschef dronk te veel en veroorzaakte een ongeluk, een verdachte van een steekpartij werd gedood door politiekogels, er werd overdreven hard gereageerd op een demonstratie van studenten, en de prestatiebeloningen zouden hebben geleid tot een „graaicultuur”.

Bij de inwoners van Gent bleef het vertrouwen in de politie groot. En niet alleen, denkt De Ruyver, omdat in die stad de populaire politieserie Flikken werd opgenomen. „In Gent moet je je populariteit echt zelf verdienen.” Door de reorganisatie kan de Gentse politie volgens hem een „nieuw elan” krijgen. Maar Gent heeft een goed korps, vindt De Ruyver. Ook in het aanpakken van andere soorten criminaliteit, niet alleen overvallen, scoort Gent beter dan andere steden in België. „Het is een combinatie van mentaliteit, no nonsense, en de wil om problemen in een vroeg stadium aan te pakken.”