Banken kunnen zich nu wenden tot Nina Brink

Tien jaar na de omstreden beursgang van Worldonline bereikten VEB en de betrokken banken een akkoord. Beleggers krijgen meer dan hun verlies terug.

Hij schreef er in een column tien jaar geleden al het scenario voor een Shakespeariaans treurspel over. Met Nina Brink in de rol van „hoogmoedige koningin”, hebzuchtige bankiers en andere adviseurs als „paladijnen” en gedupeerde beleggers als „het morrende volk dat naar de poorten van het paleis oprukt”.

Jan Maarten Slagter, directeur van beleggersvereniging VEB, maakte als financieel verslaggever van Het Financieele Dagblad de beursgang van internetprovider World Online mee in het voorjaar van 2000, en vooral ook de nasleep ervan. Gisteren kondigde Slagter in zijn tegenwoordige hoedanigheid een schikking aan met de twee grote banken die de omstreden beursgang destijds begeleidden.

RBS (als eigenaar van de voormalige zakenbank van ABN Amro) en Goldman Sachs zullen 110 miljoen euro betalen aan de bijna 12.000 bij de VEB aangesloten beleggers. Daarnaast betalen de banken 10 miljoen euro aan de VEB. De gedupeerden krijgen naar rato uitbetaald, afhankelijk van hun aandelenpositie in de periode tot 3 april 2000.

De beursintroductie van World Online vond plaats op het hoogtepunt van de internethausse, begin deze eeuw. ABN Amro en Goldman Sachs begeleidden de beursgang. Het aandeel van de internetaanbieder opende op ruim 50 euro, hoger dan de introductiekoers, maar halveerde in de weken erna in waarde.

Achteraf bleek dat oprichter en bestuursvoorzitter Nina Brink, tegenwoordig bekend als Nina Storms, haar eigen aandelen in het bedrijf al een kwartaal voor de beursintroductie had verkocht tegen een veel lagere prijs. Dat was niet duidelijk in het prospectus vermeld. Volgens de VEB leden beleggers gezamenlijk een schade van 2,3 miljard euro. Er volgde een lange juridische strijd tegen de banken die voor het prospectus verantwoordelijk waren.

Een jaar geleden beaamde de Hoge Raad dat de bankiers inderdaad fouten had gemaakt en daarmee beleggers hadden misleid. Dat arrest opende de weg tot een schadevergoeding. Slagter koos voor de meest praktische weg van de schikking. Anders zouden alle 12.000 gedupeerde beleggers individueel een aparte procedure moeten starten.

Slagter is verheugd en opgelucht over het bereikte akkoord. „Het was de grootste zaak die ik bij mijn aantreden in september 2007 op het bordje trof. Ik ben blij dat daar nu een eind aan is gekomen. Vergeleken met andere schadeprocedures hebben we veel binnen gehaald. Beleggers krijgen meer dan hun netto koersverlies van destijds.” De VEB wist geen rentevergoeding sinds april 2000 binnen te slepen, waardoor het bedrag nog veel hoger had kunnen uitkomen. Slagter heeft daar vrede mee. „Dat is inherent aan schikken: je kunt niet alles krijgen.”

Voor de VEB is de zaak nu afgedaan, al moeten over de precieze afwikkeling van de uitkering nog nadere afspraken worden gemaakt. Voor de betrokken banken mogelijk nog niet. Hoewel 120 miljoen een relatief gering bedrag is voor de twee grote concerns, ligt het in de rede dat zij dit geld op hun beurt kunnen opeisen bij hun voormalige opdrachtgevers. Goldman Sachs en RBS kunnen beweren, en misschien ook wel aantonen, dat Nina Brink en de overige bestuurders en commissarissen van Worldonline hen destijds verkeerd hebben geïnformeerd.