Het gevaarlijke mysterie van Noord-Korea

Nadat Noord-Korea een Zuid-Koreaans eiland met artillerie beschoot, stelt de wereld vragen. Tussen de Korea’s leidt escalatie vaak ontspanning in. Maar nu?

Kim Jong-il, de zelfbenoemde Geliefde Leider van Noord-Korea, daagt de wereld weer uit. Gisteren met een hevige artilleriebeschieting op een Zuid-Koreaans eiland, twee dagen eerder met het bericht dat zijn land serieus bezig is met de bouw van een nucleaire installatie voor de verrijking van uranium.

Kim en zijn entourage spelen een spel waarvan alleen zij de regels lijken te begrijpen. Vandaag is er dreiging, morgen verzoening. Ontspanning vormt vaak de inleiding voor escalatie – en andersom. Het is de dialectiek van Pyongyang, waarop de wereld al jaren amper een antwoord op heeft.

Ook na de artillerieaanval gisteren op het Zuid-Koreaanse eiland Yeonpyong heeft de internationale gemeenschap, met de VS, Zuid-Korea en Japan in de voorhoede, weinig andere mogelijkheden dan terug te vallen op het bekende diplomatieke repertoire: harde taal in de VN-Veiligheidsraad, intensivering van militaire manoeuvres op zee en dicht bij de grens tussen de twee Korea’s.

Het repertoire van strafmaatregelen raakt uitgeput. Sancties zijn er al. En een militaire aanval is nauwelijks een serieuze optie. De Zuid-Koreaanse hoofdstad Seoul ligt op 40 kilometer van de Gedemilitariseerde Zone, en daarmee op schootsafstand van de Noord-Koreaanse artillerie die beschikt over royale hoeveelheden gifgas.

Hoewel het Noord-Koreaanse wapen- en raketarsenaal niet aan Westerse standaarden voldoet, heeft Pyongyang genoeg munitie om vernietigend uit te halen. Een miljoen militairen op loopafstand van Seoul completeren de gijzeling van Zuid-Korea, dat daar overigens 700.000 modern uitgeruste militairen tegenover stelt, aangevuld met 28.000 Amerikanen.

Ook de Zuid-Koreaanse president Lee Myung-bak, conservatief en voorstander van de harde lijn, liet het na het zinken van het marineschip Cheonan bij een internationaal onderzoek – dat Noord-Korea aanwees als schuldige. Telkens is het China, de belangrijkste bondgenoot van Noord-Korea, dat geen trek heeft in veroordelingen en harde strafmaatregelen.

Zuid-Korea voelt niets voor een militair avontuur met vele slachtoffers en onherstelbare schade. Het land is inmiddels de vierde economie van Azië. De provocaties van Noord-Korea waren er altijd al, ontspanning of niet. En ze waren soms ook bloedig: Pyongyang blies in 1987 een Zuid-Koreaans lijntoestel op met 115 inzittenden. Volgens waarnemers neemt de intensiteit van de provocaties toe. Vorig jaar de lancering van een lange-afstandraket en een ondergrondse atoomproef, dit jaar de Cheonan en de aanval van gisteren.

Buitenlandse experts die het gesloten land volgen verklaren het gedrag met een handvol mogelijke motieven. Met de artillerieaanval en het nieuws over nucleaire installatie zou het regime onderhandelingen over ontwapening willen afdwingen, in ruil voor economische hulp van de VS en China.

Kim zou met militaire kracht en crisis de aandacht willen afleiden van binnenlandse problemen, zoals de deplorabele economie. Andere experts wijzen op de toekomstige machtswisseling. De zieke Kim (68) lanceerde vorige maand zijn jongste zoon Kim Jong-un als opvolger. De aanval zou diens positie als toekomstig leider moeten versterken.

De aanval zou ook de reflex van een kat in het nauw geweest zijn. De internationale sancties treffen ook de machtselite en de vijanden Amerika en hun „marionetten” in Seoul houden grootscheepse oefeningen vlak bij de grens.

Noord-Korea blijft een mysterie, een „een black box”, zoals de Amerikaanse Azië-gezant Kurt Campbell in september tegenover een Senaatscommissie toegaf. De wereld tast in het duister en probeert opnieuw escalatie te voorkomen.