Europees hof: Irakezen mogen niet worden uitgezet

De Irakese vluchtelingen mogen voorlopig niet naar hun land worden teruggestuurd. Dit oordeelde het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) vandaag, omdat de situatie daar nog te onveilig is.

De uitspraak gaat in tegen een eerder besluit van minister Gerd Leers (Immigratie en Asiel) om de uitzetting van ongeveer vijftien Irakezen door te zetten. Leers werd daarop teruggefloten door de Tweede Kamer toen duidelijk werd dat hij daarmee inging tegen het advies van het hof.

Het hof had de minister in een brief duidelijk gemaakt dat Irakezen die terug moeten en daartegen in beroep gaan in ieder geval tot 24 november niet terug hoeven. Nu heeft het hof besloten die termijn voor onbepaalde tijd te verlengen.

Leers bracht zich met dit dossier in een lastig parket. De gang van zaken kwam hem op veel kritiek te staan in de Tweede Kamer. De situatie werd extra precair nadat er plotseling nog een brief opdook van het EHRM, gedateerd op 22 oktober. Daarin kondigde het hof aan dat asielzoekers uit Irak die hun uitzetting zouden aanvechten, wegens de verslechterde veiligheidssituatie in Irak aanspraak konden maken op een zogeheten interim measure. Dit wil zeggen dat zij voorlopig niet worden uitgezet. Leers moest dus weten dat hij de asielzoekers helemaal niet mocht uitzetten, aldus de Kamer.