Eéndimensionaal plaatjesboek

De eetclub. Regie: Robert Jan Westdijk. Met: Bracha van Doesburg, Halina Reijn, Thom Hoffman, Mark van Eeuwen.In: 109 bioscopen. **

De hoos aan Nederlandse boekverfilmingen van de laatste paar jaar heeft bestaat vaak uit plaatjesboeken, waarin alles dient om de plot te illustreren. Effectief zijn, maar éendimensionaal.

Regisseur Robert Jan Westdijk, die nu Saskia Noorts bestsellende thriller De eetclub heeft verfilmd, maakt eigenlijk twee soorten films. De persoonlijke, zoals zijn debuut Zusje (1995), of de film-in-film Het echte leven (2008) waarin hij op zoek is naar artistieke authenticiteit. Maar in de twee boekverfilmingen die hij nu heeft afgeleverd past hij zich kameleontisch aan de stijl van de schrijvers aan en verdwijnt hij als maker in de rol van vakman op de achtergrond.

Het met drie Gouden Kalveren en een Gouden Film bekroonde Phileine zegt sorry (2003) was even bont en hectisch als de schrijfstijl van Ronald Giphart. De eetclub is een soort mix tussen de doeltreffende suspense van Dick Maas en de koele nouveau riche van Gooische vrouwen. Het is veel plaatjes kijken: naar mooie huizen, mooie interieurs, mooie auto’s, mooie mensen, mooie kleren, terwijl zich de plot ontrolt rond een moord in een eetclub.

De naïeve Karin is met man en kind net van de stad naar een bosrijk villadorp verhuisd en moet dienen als een soort moreel baken in een wereld waar iedereen het met iedereen doet en iedereen bedriegt, maar nergens over praat. Spil van de gebeurtenissen is louche zakenman Thom Hoffman die de onhebbelijke gewoonte heeft om met zijn auto tegen alles en iedereen aan te knallen.

Op haar best had Karin (door Bracha van Doesburg met grote rollende ogen van verbazing neergezet) die ten onrechte van moord wordt verdacht, een soort Hitchcockiaanse heldin kunnen zijn, een Jimmy Stewart of Cary Grant, een ‘everywoman’, onschuldig gevangen in een web van leugens en bedrog. Maar dan is er meer nodig dan een politievrouw die haar opzichtig aanzet om zelfstandig op zoek te gaan naar bewijs met de zin: ,,Maar dan hebben we meer nodig…’’ Die directheid zit in de meeste dialogen, die altijd al te toevallige verhaalsprongen inluiden en door de acteurs met onnatuurlijke adempauzes zijn ingesproken. De suspense is volkomen ingeruild voor verrassing, wederom een bewijs voor de korte termijn strategie van de film: een zaal vol vrouwen tijdens een Ladies Night-voorpremière slaakte regelmatig gilletjes van de schrik.