Bezorgde Duitsers geloven nog in de euro

Duitse steun voor het voortbestaan van de euro is onontbeerlijk. De munt verkeert volgens de regering in een ‘existentiële fase’, maar het publiek is nog niet al te bezorgd.

Als een uurtje vragen naar de euro bij de ingang van het grootste warenhuis van Duitsland, het KaDeWe in Berlijn, maatgevend is voor de stemming onder de bevolking, dan luidt de conclusie: de Duitsers hebben vertrouwen in de Europese eenheidsmunt. Vooralsnog.

Maar heimwee naar de ooit zo geliefde D-mark is er ook. En na Griekenland en Ierland moeten er „niet nog meer landen komen die de euro in gevaar brengen en Duitsland als betaalmeester zien”, zoals een vrouw van middelbare leeftijd zegt, die net het chique warenhuis met volle tassen heeft verlaten.

De steun van Duitsland, de belangrijkste economie in de eurozone, is noodzakelijk wil de munt voortbestaan. Toen Griekenland een half jaar geleden bijna failliet bleek te zijn en eurolanden moesten bijspringen, Duitsland voorop, leek die steun snel af te kalven.

Over de noodhulp aan Ierland – 90 miljard euro om het faillissement van de Ierse banksector af te wenden – lijkt de opwinding minder groot. In de Rijksdag, waar het parlement gisteren en vandaag over de begroting van volgend jaar debatteerde, ging het in de wandelgangen niettemin maar over één kwestie: de hulp aan Ierland en de Duitse rol daarbij. Het belang van de Ierse kwestie voor de eurozone is volgens bondskanselier Angela Merkel „buitengewoon” ernstig. Ze zei niet te willen dramatiseren, maar ook dat „een jaar geleden niemand zich had kunnen voorstellen welke maatregelen we nu moeten nemen”. En haar minister van Financiën, Wolfgang Schäuble, verklaarde de euro zelfs in een existentiële fase door onomwonden te zeggen dat „onze gemeenschappelijk munt” op het spel staat.

Schäuble gaat nog niet zo ver als econoom Michael Hüther, directeur van het instituut voor Duitse economie in Keulen. Hij zei gisteren dat door „transfermechanismen” – betaling van de ene EU-lidstaat aan de andere – een gevaarlijke afhankelijkheid van het „Europees infuus” ontstaat. „De legitimatie van de euro kan daardoor in sterke staten als Duitsland afnemen.”

Voorlopig hoeft de Duitse belastingbetaler niet voor de financiële problemen in Ierland op te draaien. Ook dat besef lijkt bij de ondervraagde bezoekers van het KaDeWe aanwezig te zijn. Ierland ontvangt kredieten uit het eerder opgezette Europese reddingsfonds en wordt geacht die kredieten later terug te betalen. Als het land bijvoorbeeld 90 miljard euro nodig heeft, komt 60 miljard uit het Europees reddingsfonds; het Internationaal Monetair Fonds (IMF) fourneert de rest.

Van die 60 miljard zou Duitsland als grootste Europese lidstaat voor bijna eenderde (28 procent) moeten opdraaien als Ierland in het ergste geval zijn schulden niet zou kunnen terugbetalen. Maar dat is later pas en alleen in het slechtst denkbare scenario.

De grootste zorg bij de geraadpleegde klanten van het KaDeWe: kunnen Griekenland en Ierland, en wie weet dadelijk Portugal en Spanje, hun schulden wel aflossen? Twijfel en scepsis overheersen: „Dan zullen ze heel hard moeten werken”, meent een jongeman die schoenen voor Kerstmis gaat kopen.

Nog enkele waarnemingen, gedaan voor de ingang van het Berlijnse warenhuis:

„Duitsland staat met zijn sterke economie borg voor de euro – en daarmee voor heel Europa.”

„Het is een schande dat de privébanken hier zonder verliezen en risico’s mee wegkomen. Dat moet veranderd worden.”

Vervolg Blootstelling Duitsland aan Ierland: pagina 17

Duitse leningen aan Ierland vormen risico

Aan dat laatste punt willen kanselier Merkel en minister Schäuble iets doen. In de toekomst zouden de banken die geld lenen aan landen als Griekenland en Ierland bij betalingsproblemen een zogenoemde haircut moeten krijgen. Waarmee bedoeld wordt dat ze een deel van het door hen uitgeleende geld kwijt zijn. „De staat kan niet blijvend de enige risicodrager zijn”, aldus Merkel.

Duitse banken hebben op dit moment voor ongeveer 13 miljard euro aan kredieten in Ierland uitstaan. Verreweg de grootste schuldeiser is de Münchense probleembank Hypo Real Estate met ruim 10 miljard euro aan Ierse kredieten. Hypo Real Estate is als gevolg van de kredietcrisis in handen van de Duitse staat gekomen, die er een bad bank van probeert te maken; een bank waarmee onzekere of waardeloze kredieten worden afgewikkeld.

Opvallend veel Duitse Landesbanken blijken geld aan Ierland te hebben geleend. Landesbanken zijn een typisch Duits fenomeen. Ze zijn eigendom van de deelstaten en hebben vooral tijdens de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol gespeeld in Duitsland. De Landesbank van Baden-Württemberg heeft Ierland ruim 600 miljoen euro geleend; die van Noordrijn-Westfalen bijna 300 miljoen.

Bij de grootste private bank van Duitsland, Deutsche Bank, staan de Ieren voor meer dan 300 miljoen euro in het krijt. Het onderwerp ligt gevoelig. Maandag ontstond een misverstand. Een woordvoerder van Merkel noemde Deutsche Bank bij naam als een van de banken met een aanzienlijke blootstelling aan de Ierse schuldenproblematiek. Deutsche Bank reageerde als door een adder gebeten. De woordvoerder moest zijn uitlating corrigeren.