Verwende prinsesjes? Verwende prinsjes!

Met alle kritiek op de vrouw die te weinig zou werken, wordt de belangrijkste oorzaak vergeten: de vader die niet wil oppassen, stelt Suzanne van den Eynden.

Tijdens een bezoekje aan een bevriend stel en hun zoontje kwam het gesprek op kinderopvang en de bijbehorende wachtlijsten. Want die waren niet mis, aldus de jonge vader: zonder hulp van (schoon)ouders en vakantiedagen was het nooit gelukt om het eerste jaar werkend door te brengen. Daarna was gelukkig die felbegeerde vierde dag op de crèche beschikbaar gekomen om hun spruit te droppen en waren ze van het geregel en gesleep af. Tijdelijk dan: een tweede telg werd verwacht. „Nu begint het gedoe weer opnieuw”, verzuchtte de vader in kwestie theatraal.

Of het een optie was dat hij zelf een dag minder ging werken om het opvangcircus te vereenvoudigen, vroeg ik hem toen. Als door een adder gebeten keek hij me aan. Wat had ik nu voor iets onzaligs voorgesteld? Vier dagen werken, dat was onmogelijk. Dat zag hij wel aan zijn vrouw, die zich regelmatig in allerlei bochten wrong om haar werk in vier dagen af te krijgen. Een dag minder werken: hij peinsde er niet over.

Het werkende leven van moeders is de afgelopen jaren een dankbaar onderwerp van discussie geworden. De fulltime werkende moeder werkt te veel, de parttime werkende moeder te weinig, om over de niet-werkende moeder maar helemaal niet te spreken.

Elma Drayer trekt in haar boek Verwende prinsesjes fel van leer tegen de in haar ogen verwende Nederlandse vrouwen die slechts op maandag, dinsdag en donderdag werken (de ‘ma-di-do-vrouw’), de rest van de week shoppend, koffiedrinkend en zorgend voor de kinderen doorbrengen, en daar nog trots op zijn ook. Fulltime professionele kinderopvang is volgens hen niet goed genoeg, ze leunen – hoe ongeëmancipeerd – economisch op hun partner, en willen nog vrije tijd ook. Terwijl het huishouden tegenwoordig niets meer voorstelt, en zodra een kind de kleuterleeftijd heeft bereikt ‘de lege uren zich aaneen rijgen’, waardoor volgens Drayer van tijdgebrek geen sprake kan zijn. Werken zullen ze dus, en wel fulltime!

Waar we over het werkende leven van moeders niet uitgepraat lijken te raken, blijft de werkweek van vaders merkwaardig genoeg meestal onbesproken. Terwijl ik in mijn omgeving toch beduidend meer verwende prinsen ontwaar dan prinsessen.

Neem de eerder genoemde kennis, die steen en been klaagt over het tekort in de kinderopvang, terwijl geen haar op zijn hoofd eraan denkt om zelf een dag voor zijn nageslacht te zorgen.

Een goede vriend van me werkt weliswaar vier dagen sinds hij vader is, maar is zijn ‘papadag’ inmiddels zat. Hij wil op zijn vrije dag ook écht vrij zijn, om leuke dingen te kunnen doen. Koffie drinken, bijvoorbeeld.

Daarnaast zie ik vaders van zeer jonge kinderen veeleisende studies beginnen, toetreden tot besturen van sportverenigingen en er het uitgaanspatroon van een vrijgezel op na houden. Met als gevolg dat het constant hun vrouwen zijn die afspraken afzeggen, goochelen met hun agenda’s en inderdaad minder werken.

Want de meeste moeders én vaders zijn van mening dat zij geen kinderen hebben gekregen om deze vijf dagen per week door een crèche te laten opvoeden.

De madiwodovrij-man wil het allemaal: een kind, een bloeiende fulltime carrière, vooral geen gedoe met zijn baas over een dag minder werken, en een bruisend sociaal leven. Hij gaat ervan uit dat zijn vrouw wel minder gaat werken en op zaterdagavond thuisblijft voor de kinderen. Zo hoeft hij tenminste geen concessies te doen of zijn ontwikkeling tijdelijk op een lager pitje te zetten. Over verwend gesproken!

Prinsen en prinsessen hebben allemaal hun wensen, ambities en idealen en maken beiden keuzes die voor de buitenwereld niet altijd te begrijpen zijn.

Toch zijn het steevast de moeders die onder vuur liggen wegens de manier waarop ze hun (werk)week hebben ingedeeld. Het lijkt mij daarom wel zo eerlijk om ook eens een boekje open te doen over werkende vaders. Voor de door Drayer gewenste emancipatie en gelijke behandeling zou dit een stap in de goede richting zijn.

Suzanne van den Eynden is freelance journalist.