Laroes: ‘Luyendijk is een aandachtsjunk’

Joris Luyendijks ideeën zijn niet bruikbaar, schadelijk voor de reputatie van de journalistiek en tegen het belang van de kijker, luisteraar en lezer in. Luyendijk is eigenlijk een ‘aandachtsjunk’ die boeken wil verkopen. Is getekend Hans Laroes, hoofdredacteur van de NOS, vanochtend op zijn weblog.

Laroes verdedigt in zijn lange, emotionele blog zijn Haagse collega’s tegen het nieuwste boek van Luyendijk, Je hebt het niet van mij. Daarin analyseert Luyendijk de ,,Haagse kaasstolp”. Hij doelt daarmee op de wederzijdse afhankelijkheid tussen journalisten en politici en de grote invloed van lobbyisten en ambtenaren op het beleid.

De NOS-hoofdredacteur vindt dat Luyendijk de journalistiek en het publiek geen dienst bewijst:

,,…we weten allemaal wel dat het zo gaat daar. De onderlinge contacten, de informatie die wordt gelekt, de pikorde. Maar dat geldt voor ons, de insiders. De outsiders –de lezers, ons publiek- hebben nog nooit in Nieuwspoort rondgelopen en zullen met verbazing lezen over alweer een samenzwering tegen het gezonde verstand, met de journalistiek als verdachte en de journalisten als luie handelaars in informatie en gunsten (publiciteit).”

De door Luyendijk gesignaleerde innige band tussen politici en journalisten ziet Laroes niet per se als een probleem:

Joris ziet de Nieuwspoort- en Kamerbewoners dicht bij elkaar, en vermoedt een permanent rondpompen van informatie in een lekkende voor-wat-hoort-wat cultuur. Hij vergeet daarbij dat er een verschil is in goede, professionele journalistiek, en slechte. Fysieke nabijheid, al dan niet aan tafel of met een drankje, zegt helemaal niets over afhankelijkheid. Journalistieke professionaliteit zit ‘m in distantie. Distantie is mindset, en zit in handelen. Laat zich niet in centimeters afstand meten, maar in kwaliteit.

De conclusie van Laroes is niet mis:

Ik denk dat Joris schrijft en beweert wat hij beweert omdat hij een soort van aandachts-junk is geworden (ik ben hier eventjes polemisch, net zoals hij graag is). Hoe steviger de observatie, des te beter. Ik denk dat er vooral boekjes verkocht moeten worden, en praatprogramma’s gevuld. Ik denk dat Joris zich het liefst begeeft in die tippelzone waar stevige opvattingen worden uitgeruild tegen omzetbevorderende aandacht.