Aanstekelijk beschreven seks met ervaren vrouwen

Stephen Vizinczey: Loflied op de rijpe vrouw. Vert. Dolf Koning, Carla Hazewindus. Lebowski , 234 blz. € 18,95 (geb.). ****

De Nederlandse titel is oubollig – net als de vertaling, die oorspronkelijk uit de jaren zestig dateert. Maar dat is geen reden om het boek links te laten liggen. Loflied op de rijpe vrouw van de Hongaars-Canadese schrijver Stephen Vizinczey is een moderne klassieker die terecht telkens herdrukt wordt. De roman verscheen in 1965 in eigen beheer, maar werd meteen herkend als een hoogtepunt van de seksuele revolutie in de literatuur. Een helder geschreven ‘tegengif in een maatschappij die van jeugdigheid bezeten is’; een licht-erotische roman voor mannen én vrouwen waarvan de titel – In Praise of Older Women – spreekwoordelijk werd en de auteur – een vluchteling uit communistisch Hongarije – wereldberoemd.

Vizinczey gaf zijn bescheiden boek de ondertitel ‘De amoureuze herinneringen van András Vajda’ mee. Een filosofieprofessor in de Nieuwe Wereld, net als de schrijver geboren in 1933, vertelt in simpele zinnen over zijn jeugd in fascistisch en daarna communistisch Hongarije, maar vooral over zijn seksuele volwassenwording. Als gevolg van de chaos na WO II is András al op zijn twaalfde een sekspostiljon tussen Hongaarse vluchtelingen en geallieerde soldaten in Oostenrijk. Wanneer hij eind 1945 terugkeert in een Hongaarse provincieplaats kan hij maar moeilijk wennen aan de bleue, kinderlijke meisjes van zijn school en richt hij zich op oudere vrouwen: buren, docenten, verveelde echtgenotes – de een nog interessanter, vrijer en seksueel ondernemender dan de ander.

Vizinczey’s anti-Lolita is geschreven als een 18de-eeuwse schelmenroman, met hoofdstuktitels die beginnen met het woordje ‘Over’ (‘On Happiness with a Frigid Woman’) en avonturen die herinneren aan de memoires van Casanova, hoewel de hoofdpersoon zich zelf meer spiegelt aan Mozarts Don Giovanni.

De seks is aanstekelijk beschreven, maar kuis; het is nauwelijks voor te stellen dat er in het midden van de jaren zestig critici waren die zich geschokt toonden, maar de Nederlandse lezer komt dan ook uit een land dat een jaar eerder al had kunnen genieten van Ik, Jan Cremer en vier jaar later van Turks fruit. Dat In Praise of Older Women zo goed houdbaar is gebleken komt doordat Vizinczey zijn vrouwelijke personages als round characters beschrijft, inclusief de frigide Italiaanse die door de veteraan van de Hongaarse Opstand met engelengeduld wordt ‘genezen’.

In schrijfstijl en onderwerpskeuze doet In Praise of Older Women een beetje denken aan De voorlezer van Bernhard Schlink, maar Vizinczey snijdt geen morele problemen aan. Zijn hoofdpersoon breekt hoogstens – maar vrij overtuigend – een lans voor de oudere, seksueel ervarener vrouw. Want ‘om te proberen naar bed te gaan met iemand die net zo onbedreven is als jijzelf, lijkt me ongeveer net zo verstandig toe als in het diepe springen met iemand die net als jij ook niet kan zwemmen.’

Pieter Steinz