Jarig Windows is nu pas makkelijk

Vandaag is het 25 jaar geleden dat de eerste versie van besturingssysteem Windows verscheen. Er is geen heimwee naar blauwe schermen en het geknutsel met vastgelopen pc’s.

Employees of the new Microsoft Store cheer to a waiting crowd of more than 2,000 people before opening the store in Bellevue, Washington, November 18, 2010. This is the seventh retail store for the software giant. REUTERS/Marcus Donner (UNITED STATES - Tags: BUSINESS SCI TECH) REUTERS

Hij heeft er nog een op zolder staan. „Een pc’tje waarop Windows 3.11 draait. Die nemen we af en toe mee naar bijeenkomsten – uit nostalgie”, zegt Gerard Otten. De 66-jarige oud-onderwijzer is actief lid van de Windows gebruikersgroep, onderdeel van de Hobby Computer Club (HCC).

Vandaag is het precies 25 jaar geleden dat Windows 1.0 in de winkel lag. Ottens stapte zelf een paar jaar later in – bij Windows 3.0. „Ik heb de diskettes nog in de la liggen.” Hij geeft lezingen over computers en helpt mensen met pc-problemen. „Tien of twaalf mailtjes per avond werk ik wel weg. En de volgende dag liggen er weer tien.”

Windows is het digitale gereedschap van een generatie. Begonnen in een tijd dat de pc nog een mysterieuze machine was voor hobbyisten, heeft het zich nu genesteld op negentig procent van de ruim 1,3 miljard computers die wereldwijd in gebruik zijn. Microsoft is de grootste softwaremaker ter wereld met een jaaromzet van 62 miljard dollar, oprichter Bill Gates werd de rijkste man ter wereld – afhankelijk van de aandelenkoersen. Het besturingssysteem Windows is de belangrijkste inkomstenbron voor het bedrijf, samen met kantoorpakket Office.

Dat Windows zo groot zou worden was in 1985 niet te voorspellen. Apple concurreerde in die tijd nog succesvol met computermaker IBM. Die bracht in 1981 de eerste personal computer uit waarop PC DOS draaide, een eenvoudig besturingssysteem dat door Bill Gates was aangekocht. Gates had een slimme deal gesloten: hij gaf IBM geen exclusieve rechten. Toen andere fabrikanten de IBM-pc met zijn Intel processor konden namaken, kwam MS DOS op de markt waarop Windows voortborduurde. Programma’s die op een pc van IBM werkten, deden het ook op elke andere computer. Die toegankelijkheid bleek de sleutel tot het succes van de software-industrie.

In 1990 deed Windows 3.0 zijn intrede, waarin voor het eerst het beroemde kaartspelletje Solitaire werd meegeleverd. Dat was het moment waarop Hans van der Meer twintig jaar geleden begon bij Microsoft Nederland. „We hadden destijds 17 medewerkers, heel Microsoft had toen maar 3.500 man personeel.” Nu zijn dat er bijna 90.000.

Van der Meer begon op de supportafdeling. „Bizarre problemen met die eerste computers”, herinnert hij zich. „Het modem kon eruit vliegen omdat je de muis bewoog. Klanten stuurden per post een floppy op met daarop een logbestand van hun vastgelopen computer, dat moesten wij uitpluizen. Vervolgens verzonden we een floppy met nieuwe software en aanwijzingen. Mensen konden een dag of vier, vijf hun computer niet gebruiken.”

Maar de pc was in het pre-internet tijdperk nog niet onmisbaar. Het apparaat werd gebruikt voor spreadsheets (berekeningen) en tekstverwerking. Het meest populaire programma daarvoor was WordPerfect. Al is WordPerfect verdrongen door Microsoft Office, de sneltoetsen zitten bij veel mensen nog in het geheugen gebakken. Wie het niet kon onthouden, had een papiertje met functietoetsen op z’n keyboard liggen. „Er is nog steeds een groep van actieve WordPerfect gebruikers”, zegt Gerard Otten van de HCC. 

De opmars van de pc kwam in Nederland echt op gang toen het Eindhovense Tulip (nu failliet, maar ooit een grote speler in Europa) computers ging leveren, pc-privé projecten populair werden en internet groeide. In die tijd steeg het aantal Nederlandse huishoudens met een computer naar 75 procent. Nu is dat meer dan 95 procent – bij veel gezinnen staat er op elke kamer een.

Tot ver in de jaren negentig moest je nog wel verstand hebben van computers om Windows aan de praat te houden. De eerste versies liepen vaak vast. De gebruiker zat dan tegen een blauw scherm aan te staren met een onbegrijpelijke foutmelding. „Vooral Windows 95 en 98 hadden er last van”, zegt Gerard Otten. De enige optie na zo’n blue screen of death: herstarten. En anders de toetsencombinatie Control-Alt-Delete, ingesleten in het geheugen van de meeste Windows-gebruikers.

Die instabiliteit kwam het imago van Microsoft niet ten goede. De dominante positie van Windows begon te wringen; gebruikers waren overgeleverd aan de grillen van Microsoft. Apple was duurder en ondersteunde zeker in het verleden minder software, Linux was nog niet gebruiksvriendelijk genoeg. De reputatieschade werd nog groter toen de softwaremaker werd aangeklaagd door mededingingsautoriteiten in de VS en Europa wegens machtsmisbruik omdat het standaard een eigen webbrowser, internet Explorer meeleverde vanaf Windows 98. Dankzij rechtszaken en hoge boetes biedt Windows 7, althans in Europa, nu wel keuze uit concurrerende browsers. 

Er waren meer imagoproblemen: na Windows XP (2001) bleek Windows Vista (2006) een miskleun, omdat daar in eerste instantie veel randapparatuur niet op werkte. De twijfel bij het publiek was zo groot dat de verkoop er onder leed. In feite is de opvolger, Windows 7, de versie die Vista had moeten zijn. Gerard Otten: „Ik moet wel heel erg m’n best doen om nu nog een blauw scherm te krijgen.” Bij Microsoft zijn ze het daar mee eens; 7 levert minder klachten van klanten op dan de vorige Windows-versies.

Computers zijn eigenlijk te eenvoudig geworden, vinden ze bij de HCC. De Windows gebruikersgroep ziet het ledenaantal teruglopen. Otten: „We hadden in de hoogtijdagen bijna 10.000 leden. De cheque voor het tienduizendste lid was al klaar. Maar die cheque ligt hier nog steeds en we zitten nu op 6.000 leden.”

De tijd is veranderd. „De meeste jonge mensen zien de computer als een scherm met pictogrammen die iets doen als je er op klikt. Maar we hebben leden van diep in de tachtig die met het grootste gemak in het register (de gecompliceerde kern van het besturingssysteem, red.) duiken.”

Geknutsel is anno 2010 amper nodig. De pc is één brok gebruiksvriendelijkheid: bestanden worden automatisch opgeslagen, software met één klik geïnstalleerd, updates gaan vanzelf. Dankzij zoeksystemen is het niet meer nodig bestanden te bewaren in de juiste map: gooi het maar ergens neer, de pc vindt het wel weer.

Dat druist tegen het gevoel in van mensen die met de eerste pc’s opgroeiden. Maar de nieuwe generatie heeft geen behoefte aan een ingewikkeld apparaat. Otten snapt het wel. „Toen ik jong was kroop ik ook nog onder mijn auto om de uitlaat te vervangen. Ach, op een gegeven moment ga je toch naar de garage.”

De volgende versie van Windows moet in 2012 verschijnen. Tegen die tijd is het computerlandschap ingrijpend veranderd. Webbrowsers vormen, in combinatie met aantrekkelijke internetdiensten, nu al een concurrent voor besturingssystemen. Het is niet voor niets dat Google binnenkort Chrome OS als alternatief voor Windows uitbrengt – in feite niet meer dan een webbrowser die linkt naar webdiensten als Gmail, Google Docs en YouTube.

De pc wordt bovendien ingehaald door andere apparaten die met internet verbonden zijn. Het mobiele internet via smartphones en tablet pc’s wordt veel groter dan het ‘vaste’ web. En op mobiel gebied delen Apple en Google de lakens uit, niet Microsoft.

De vertrouwde desktop pc verliest aan relevantie nu ook de televisie verandert in een volwaardige computer met webverbinding en draadloos toetsenbord. Microsoft werkt daarom zelf ook aan andere verschijningsvormen. In auto’s bijvoorbeeld, met spraakbesturing. Of met Surface, een Windows-variant verwerkt in een aanraakgevoelige tafel. Er is geen muis, maar toch kun je foto’s bekijken en mails versturen. En het softwarebedrijf introduceerde onlangs Kinect, een afstandsbediening voor gamemachine Xbox, die gebaren en spraak herkent.

Gerard Otten heeft er z’n twijfels over. „Geef mij maar gewoon een toetsenbord en een muis. En zo’n aanraakscherm, dat wordt alleen maar vies.”