Het gespleten leven van Turkse jongeren

Ahmet Polat. Kemal’s Dream, T/m 8 dec Foam-Fotografiemuseum Amsterdam www.foam.nl. ***

Het is een prachtig beeld dat de Turks-Nederlandse fotograaf Ahmet Polat (1978) een tijdje terug in Turkije maakte: vier jongeren die ergens in Edirne in een klein kringetje in het gras liggen. Ze roken, hun hoofden steunend op elkaars benen. Het is een moment van intimiteit en verwantschap, een herkenbare episode uit een tienerleven.

De foto maakt deel uit van Polats expositie Kemal’s Dream, een project waar de fotograaf vijf jaar lang aan werkte en dat gaat over het leven van jongeren in Turkije. Wie de uitleg bij deze expositie in het fotografiemuseum Foam leest, begrijpt dat Polat er vooral op is gericht om met zijn camera de eigen identiteit van de Turken vast te leggen. Die identiteit is gespleten aangezien veel Turken nog altijd een traditioneel leven leiden, terwijl het individualisme en de westerse levensstijl langzamerhand in alle aspecten van het dagelijks leven hun weerslag vinden.

Je zou verwachten dat die spanning tussen traditie en moderniteit, religie en secularisme sterk voelbaar is bij de beelden die Polat maakte. Maar helaas is dat niet voldoende het geval. Polat maakte bijvoorbeeld veel snapshot-achtige opnames van feestende jongeren op uitgaansplekken in Istanbul en Diyabakir of hangend in de Burger King. Die beelden wisselt hij af met een meer traditionele compositie van mensen op het strand bij Kara Deniz of de prachtige opnames van jongens die in scheepstouwen hangen boven de Bosporus.

Het is duidelijk dat Polat goed kan observeren en oog heeft voor esthetiek. Maar veel van zijn foto’s wringen niet: de oude en nieuwe wereld botsen te weinig in de afzonderlijke beelden.

Bovendien is het onduidelijk waarom hij verschillende fotografische stijlen door elkaar gebruikt. Dat is zonde, want een aantal van zijn foto’s, zoals de twee rokende meisjes in de zee bij Kusadasi of het portret van de man die op de plek van zijn hart een tattoo heeft van Atatürk, zijn zeer krachtig.

Het lijkt erop of Polat, die al prijzen op zijn naam heeft staan en veel fotografeerde voor The New York Times, Rolling Stone en Paris Match zoekende is naar de stijl die het beste bij dit persoonlijke project past. Volgens de tekst bij de expositie slaagt Polat door zijn persoonlijke geschiedenis er in „zijn onderwerp niet van buitenaf, maar juist van binnenuit te verbeelden”.

Zoiets kan in het voordeel van de fotograaf werken. Maar soms is het beter om als buitenstaander onbevangen een nieuwe wereld in te stappen.