'Strafrechters klagen te veel over werklast'

Let de komende dagen even op dit boek: ‘De nieuwe kleren van de rechter’, geschreven door een raadsheer uit de strafsector. De sfeer op de werkvloer onder strafrechters blijkt slecht te zijn. Er is veel frustratie over de werklast. Strafrechters voelen zich te weinig rechter en te veel ambtenaar en hebben te weinig grip op de organisatie van hun werk.

Lees hier het bericht op deze site. Het boek valt samen met de benoeming van de auteur, dr. Rinus Otte, tot bijzonder hoogleraar Organisatie van de rechtspleging in Groningen. Een leerstoel die wordt betaald door de Raad voor de Rechtspraak, het bestuursorgaan van de magistratuur. Voor abonnees is op het betaalde deel van de site een achtergrondverhaal te vinden en zaterdag in de bijlage Wetenschap volgt nog een interview met Otte.

Bijzonder aan het boek is dat Otte, die als raadsheer zal blijven fungeren, zeer openhartig is over de werkvloer van de rechtbanken en gerechtshoven. Hij schetst een stagnerende organisatie met een machteloos bestuur dat voortdurend kampt met financiële tekorten. Rondom benoemingen en promoties van rechters ontstaat sfeerbederf. Hij stelt de levenslange aanstelling van rechters ter discussie en bepleit meer mogelijkheden om slecht functionerende rechters te ontslaan. Rechters worden ‘voor het leven’ benoemd en kunnen alleen door de Hoge Raad worden ontslagen. Zo wordt hun onafhankelijkheid gegarandeerd. Over ontslaggronden voor rechters is op dit blog hier eerder geschreven. En hier.

Uit het boek rijst een beeld op van een overbelaste strafrechtspraak en kennelijk overspannen strafrechters. Steen des aanstoots zijn het hoge aantal strafzaken dat na de eerste zitting meteen wordt uitgesteld. Dat zogeheten ‘aanhoudingspercentage’ varieert van 20 tot 60 procent. De rechtspraak heeft grote moeite om dat te verbeteren.

Otte suggereert in zijn boek de strafrechtspraak voortaan af te rekenen op het aantal uitspraken en niet op het aantal zittingen waaraan rechters moeten deelnemen. Nu blijkt er onder strafrechters veel te worden gesteggeld over het ‘aantal zittingen’ dat gedaan moet worden. Als strafrechters eerder verantwoordelijk worden voor de voorbereiding van het strafdossier stijgt het rendement van de (dure) zittingen, zo heeft hij vastgesteld in een experiment in het Hof Arnhem.

Het boek valt echter vooral op door de vele kritische observaties over de strafrechters zelf. Otte schrijft dat het met ’‘de arbeidsproductiviteit, besluitvaardigheid en motiveringsprecies van de Nederlandse rechter niet altijd opgewekt is gesteld”. Hij veegt de vloer aan met collega’s die volgens hem erg veel klagen. En waarover? Het salaris is te laag in vergelijking met het bedrijfsleven, het is niet aangepast aan de inflatie, de werkkamers zijn te klein, de zittingen duren te lang, de gerechtsbode laat altijd op zich wachten, de officier praat te lang, de griffier levert haastwerk en weet te weinig. En de omgangsvormen zijn niet meer wat ze geweest zijn. ‘Ontevreden kinderen van deze tijd’ noemt Otte ze. En voegt er aan toe dat zulk gedrag in alle organisaties voorkomt waar hoog opgeleide ‘professionals’ zuchten onder gestandaardiseerde werkprocessen in bureaucratische omgevingen.

Wat denkt u? Klopt dat? Klagen ‘professionals’ overal?

Reageren? Nuanceren en argumenteren. Volledige naamsvermelding.