Nieuw: een drijvend logeeradres in zee

Dobberen op het Wad moet dé nieuwe toeristische attractie worden in Friesland. Logeren in een capsule die deint op de golven. De Dobber is zelfvoorzienend en energieneutraal.

Dobberen in een platte pompoen op zee, onderworpen aan de wetten van de natuur. Dat is het idee achter de Waddendobber, die in 2012 ergens in de Waddenzee moet liggen.

Hij is ontwikkeld door studenten van de Groninger Hanzehogeschool en de bedrijven Centraalstaal, Vuyk Engineering en adviesbureau Bügel/Hajema. De bouw moet binnen twee maanden beginnen.

In de ‘capsule’ (60 vierkante meter) kunnen vier mensen de weidsheid en eenzaamheid van het Wad ervaren. Aan boord van de dobber kun je koken, douchen, slapen en eten. Hij heeft twee verdiepingen, je kunt met een trapje naar boven. En je kunt er buiten in de zon liggen. Maar je bent er ondergeschikt aan de wetten van de natuur.

‘Dobberen’ is een unieke aanvulling op bestaande toeristische producten van het Waddengebied, zegt een van de bedenkers Andries van den Berg. Hij is docent aan het Kenniscentrum Gebiedsontwikkeling aan de Groninger Hanzehogeschool. Samen met collega Jaap Postmaheeft hij het ruim 20.000 kilo wegende stalen gevaarte bedacht.

Het ding wordt naar de rand van een slenk gesleept en met een studpaal vier meter de bodem in gebracht. De capsule zit daar om heen, stabiel genoeg om mee te bewegen met eb en vloed. Bij vloed wordt de dobber door het zeewater opgetild; bij eb vallen de „dobberaars” droog.

In de top van de negen meter hoge studpaal komt een webcam. „Het zou leuk zijn als weerman Erwin Kroll eens in de week aan de hand hiervan een Waddenweerbericht kan geven”, aldus Van den Berg.

Eén kamer hangt vol metertjes die niet alleen de windrichting en de watertemperatuur aangeven, maar ook het energieverbruik. De dobber is zelfvoorzienend en volledig energieneutraal. Met zonnepanelen, een windmolentje en de golfslag wordt stroom opgewekt. Maar een eitje bakken vergt drie uur zon.

Er zijn al tientallen enthousiaste reacties van mensen die op voorhand willen boeken. Maar dat kan nog niet, want de financiering van de zes ton die het ding kost is nog niet rond. Bij het Waddenfonds loopt een subsidieaanvraag van drie ton. De provincie Groningen wees een subsidie van 75.000 euro overigens af. Fryslân draagt dat bedrag wel bij en ook bedrijven sponsoren de dobber.

De doelgroep van bezoekers waarop wordt gemikt is divers. Van den Berg: „We denken aan zowel ‘traditionele genieters’, die stilte en de elementen willen ervaren als ‘bewustdenkers’. Maar ook moderne metropolisten zullen denk ik animo tonen. Zij willen behalve het virtuele leven ook het ‘echte’ leven ontdekken, maar dan wel met alle comfort van nu.”

Toch roept het ronde, drijvende verblijf vragen op. Hoeveel moet je er willen? Slechts één voor de exclusiviteit? Moet het bij twee of drie blijven? Of tien misschien? Tijdens een Kenniscafé in Groningen vond het publiek dat het er in elk geval geen veertig mochten worden. Wel kwamen allerlei ideeën naar voren. „Neem er Zomergasten op!” suggereerde iemand. „Laat astronomen en vogelaars er observaties uitvoeren.” „Misschien kun je zelfs psychologisch onderzoeken welke uitwerking de eenzaamheid en de weidse stilte op het menselijk brein uitoefenen.”

In januari studeren drie studenten van de Hanzehogeschool af op de Waddendobber. „Zij onderzoeken onder meer hoe we hem goed in de markt kunnen zetten,” aldus Van den Berg, „en studenten van Academie Minerva ontwerpen het interieur.”

Karin de Mik