Mevrouw Drakenvlieg krijst en huilt op bestelling

In China doen professionele rouwklagers goede zaken. Verdriet is hun vak, de nabestaanden genieten van de show van tranen. ‘Hun tranen zijn zout als azijn.’

Mevrouw Hu Xinglian kan prachtig hartverscheurend wenen. Hete tranen stromen over haar opgemaakte wangen, terwijl zij in de opkamer van een boerderij bij de Chinese metropool Chongqing over de grond kronkelt in de richting van de grafkist.

„Papa, je was zo goed voor ons, je werkte zo hard, je stond altijd vroeg op en je hebt ons, je vier zonen en drie dochters, 38 kleinkinderen en 25 achterkleinkinderen, altijd beschermd”, krijst zij, terwijl zij met intens bedroefde blik naar de foto van de overledene, de 96-jarige boer Wang, wijst.

Honderden vrouwen en mannen die hun gerimpelde, verweerde hoofden hebben bedekt met witte rouwdoeken schreien mee op het ritme van de uithalen van mevrouw Hu.

Hun tranen zijn echt, „zo zout als azijn”, zoals het spreekwoord wil. Die van mevrouw Hu zijn kunstmatig, want zij is rouwklaagster van beroep, een zeer overtuigende maar professionele opwekker van emoties die onder haar artiestennaam Drakenvlieg beroemd is geworden in China.

Zij maakt deel uit van het terugkerende fenomeen van de extravagante begrafenis met zoveel mogelijk gasten, een stoet, rouwklaagsters en een of meerdere muziekbands. Nieuwe welvaart en status wordt afgemeten aan de duur van de ceremonie, de omvang van de tombe, en in zuid- en centraal China het talent van de rouwklagers.

Na decennia van economische groei zijn grootschalige begrafenissen weer in opkomst volgens het Chinese ministerie van Burgerlijke Zaken in Peking.

In het onlangs gepubliceerde, ministeriële Groene boek voor de begrafenisdiensten staat dat de begrafenisindustrie met een omzet van 20 miljard euro een van de tien meest winstgevende sectoren in China is geworden, levens- , crematie- en begrafenisverzekeringen meegerekend.

Begrafenisrituelen in China zijn niet alleen complex, maar verschillen sterk van regio tot regio en bevatten taoïstische, boeddhistische, christelijke, islamitische en sjamanistische elementen. De terugkeer van de professionele rouwklaagster is vooral een zuid- en centraal Chinees fenomeen, waar in Shanghai en Peking met misprijzen ( „prostitutie van onechte emoties”, aldus een krant) wordt neergekeken.

Alleen al in Chongqing (32 miljoen inwoners) zijn 2.000 rouwklagers actief sinds Drakenvlieg een regionale en vervolgens nationale beroemdheid werd.

Als Drakenvlieg (vanwege haar twee staartjes) snikkend in staccato haar eerbetoon aan de oude baas in de kist heeft beëindigd, klappen de boerenvrouwen, die allemaal links van de kist zitten, enthousiast en knikken haar goedkeurend toe. Ze hebben allemaal heerlijk gehuild. De mannen steken sigaretten op, openen de flessen bier en verheugen zich op wat komen gaat.

Terwijl Drakenvlieg zich gaat verkleden, neemt haar collega en vriendin Lu Zhixin (33) het roer over. Op de tonen van Chinese popmuziek die uit de meegebrachte apparatuur schalt, swingt zij schaars gekleed – strakke, blote buik, blauwe bh met glitters en een ultrakorte rok van zwarte zijde – heupwiegend door het mannenvak.

„We rouwen om de dood van onze grootvader en we vieren zijn lange leven”, legt de oudste kleinzoon van de familie uit, terwijl hij de maotai inschenkt. Hij heeft de begrafenis met zeshonderd familieleden en gasten georganiseerd en de rekening van zaalhuur (voor een bijeenkomst met relaties), eten, drinken en het gezelschap van Drankenvlieg, die ongeveer dertig euro per uur rekent, betaald.

Inclusief de kosten van de tombe is hij 12.000 euro armer vertelt hij trots, voor de meeste aanwezigen een kolossaal kapitaal. Kleinzoon Wang heeft een bouwbedrijf en profiteert van de onroerendgoedgekte. Rijke boerenzonen, ook dat is een nieuw fenomeen in China, waar het platteland wijkt voor steden en industrieparken.

Als zij zich heeft verkleed vertelt mevrouw Hu, Drakenvlieg dus, over haar werk. Tien jaar geleden verloor zij haar baan in een warenhuis en moest snel nieuwe inkomsten vinden, want haar zoon ging naar de middelbare school en haar moeder was ziek.

Zij ging werken in een restaurant en ontdekte toevallig dat zij de gasten haar gezang mooi vonden. Zij werd gevraagd voor bruiloften en partijen en vervolgens ook voor begrafenissen. Zij herontdekte de oude, verdwenen traditie van rouwklagers.

Vijf jaar geleden was zij de enige rouwklaagster, nu is de concurrentie messcherp. Pas moest zij een advertentie plaatsen in de krant met de mededeling „Drakenvlieg is niet dood”. Een collega had het valse gerucht verspreid dat zij was gestorven.

Stadsmensen houden het doorgaans wat soberder dan de boeren, vertelt zij. „Hoe harder ik huil en hoe langer ik over de grond kronkel hoe mooier ze het op het platteland vinden.”

Huilen tegen betaling vreet energie en daarom is zij als vroeg op de avond zichtbaar vermoeid. Om de tranen op commando te laten vloeien, denkt zij meestal aan haar scheiding, haar eenzame nachten en de dood van haar vader en broer die stierven toen een veerboot op de rivier de Yangze kapseisde. Als zij haar levensverhaal vertelt, worden haar ogen vochtig.

Maar na een sigaret en een kop thee is het tijd voor de tweede acte van de avond. Samen met haar inmiddels als man verklede vriendin Lu Zhixin voert zij voor de rouwende, feestvierende familie een Snip en Snapachtige act op met veel dubbelzinnige grappen. Pas ver na middernacht mogen Drakenvlieg en haar vriendin inpakken, overladen met lof en fooien.

Van Oude Wang is dan op memorabele, statusverhogende en drank overgoten wijze afscheid genomen.

Hij is voorzien van vruchten, geslachte kippen en kommen rijst begonnen aan een lange reis, terwijl zijn nabestaanden de rouwperiode van zes dagen nodig hebben om de katers te verwerken.